Jeugdcriminaliteit en Jeugdbescherming week 1
HOORCOLLEGE 1: CIJFERS, INFORMANTEN & DEFINITIES
Wat is jeugdcriminaliteit?
Heterogene delicten en een heterogene groep.
Van zwart rijden in de tram tot geweld.
Meisjes, jongens, jonger en ouder.
“Een verzamelnaam voor strafbaar gedrag van minderjarigen. Denk aan vernieling, winkeldiefstal, zware
mishandeling en moord, zodra een delict is gepleegd door een minderjarige betreft het jeugdcriminaliteit. In
Nederland kan niemand worden vervolgd voor strafbare feiten gepleegd voor zijn twaalfde jaar.”
- In strijd met het strafrecht
- Sociale constructie
- Wisselende taxatie: het wisselt in de maatschappij wat we strafbaar vinden, zo is het nu strafbaar om je
kind te slaan als straf, maar vroeger was dat normaal. In Nederland mag softdrugs verkocht worden,
maar ergens anders niet.
Profielen van jeugdige delinquenten:
Experimenteerder: 1 keer en nooit weer.
Risicojongere: heeft meer dan 1 keer iets gedaan, maar is niet volledig ontspoord.
Veelpleger: pleegt vaak strafbare feiten.
Zeer actieve veelpleger: zorgt voor een verstoorde rechtsorde.
Jeugdcriminaliteit: wat dan?
12 min
12-18: hoogste percentage delinquent gedrag, naar mate de adolescentie vordert, hoe meer behoefte
kinderen hebben aan spannende dingen.
18-23 (adolescenten strafrecht)
Neemt het toe of af?
Er zijn voor nu alleen cijfers tot aan 2023.
Het lijkt de laatste tijd aardig te stabiliseren.
Enkele vormen van ernstige criminaliteit nemen tot aan 2023 nog toe (beroving, ernstige mishandeling,
doodslag). Er is wel een verschil tussen de regio’s.
Jongens plegen veel meer delicten dan meisjes, het man zijn is een risicofactor voor jeugdcriminaliteit.
Politie data zeggen niet altijd veel over daadwerkelijke toe/afname van jeugddelinquentie.
Deze worden beïnvloed door aangiftebereidheid van slachtoffers en getuigen.
Deze worden ook beïnvloed door beleidsprioriteiten, wanneer er geen geld of kennis is over cyber
criminaliteit worden hier minder mensen voor aangehouden waardoor het lijkt alsof het cijfer daalt.
Zelfrapportage is lastig, omdat niet alle delicten er niet in op worden genomen. Hierdoor lijkt het alsof deze
delicten niet gepleegd worden, terwijl dit wel het geval is. Daarnaast worden de daders moeilijk bereikt, omdat
jongeren niet staan te springen om een vragenlijst in te vullen over de delicten die ze gepleegd hebben. Ook is er
geen representatief beeld van ernstige delicten, doordat jongeren bang zijn dat wanneer ze aangegeven dat
gedaan te hebben alsnog opgepakt worden.
Slachtofferenquêtes zijn een interessante manier, maar:
Weinig informatie over de daders.
Niet bij alle delicten zijn slachtoffers, terwijl deze delicten wel gepleegd worden.
Bij sommige delicten kunnen slachtoffers er niet meer over praten, bij moord en doodslag. Ook bij
seksuele delicten heerst er schaamte of een trauma waardoor slachtoffers er niet over praten.
Slachtoffers onder de 15 jaar mogen niet bevraagd worden.
1
,Factoren die criminaliteitscijfers beïnvloeden:
Werkloosheid
Mate van toezicht
Meldingsbereidheid
Politiecapaciteit
Beleidsprioriteiten
Wet en regelgeving
Wat veroorzaakt jeugdcriminaliteit?
Aanleg
Leren
Directe omgeving
Woonbuurt
Bredere sociale context
2
,Hoofdstuk 1 Weijers: Jeugdcriminaliteit: wetenschap, media en politiek
Overal neemt de jeugdcriminaliteit af, maar er lijkt sprake te zijn van een algemene, aanhoudende
paniekstemming dat het de verkeerde kant op gaat met de jeugd.
Media en politiek creëren een gevoel van urgentie rond jeugd die het verkeerde pas op dreigt te gaan.
o Hierdoor ontstaat bij het publiek de notie dat jeugdcriminaliteit actueel is.
Media en politiek
De Nederlandse media vertonen verschillende biases in de berichtgeving over jeugdcriminaliteit.
o Hoeveelheid berichtgeving: geregistreerde jeugdcriminaliteit neemt sinds 2007 enorm af, maar de
berichtgeving hiervoor daalt amper en bij sommige nieuwe media neemt de berichtgeving zelfs toe.
o High impact crimes: er wordt disproportioneel veel aandacht gegeven aan deze zwaardere delicten,
terwijl ook deze spectaculair zijn afgenomen.
o Marokkaanse jeugd en straatterreur
Jeugdcriminaliteit is van alle tijden waardoor er wellicht geconcludeerd kan worden dat er nu sprake is van een
andere conditie van jeugdcriminaliteit.
Bronnen
Politiecijfers:
Deze cijfers worden beïnvloed door de meldingsbereidheid van slachtoffers en getuigen.
o Sterk beïnvloed door beleidsprioriteiten
Een klein deel van de gerapporteerde delicten van jongeren kan worden opgehelderd.
o Hoog dark number
o Misdrijven die zichtbaar zijn of als een prioriteit fungeren of dader met een negatieve prognose hebben
meer kans op terecht te komen in de politieregistratie.
Zelfrapportage:
Er kan slechts een beperkt aantal delicten in de enquête opgenomen worden.
Sommige daders zijn moeilijk te bereiken.
Deze rapportages geven geen duidelijk beeld van de ernst van de delicten, zoals de schade en gevolgen voor
slachtoffers, voornamelijk onbetrouwbaar bij geweldsdelicten.
Slachtofferenquêtes:
Ze geven geen uitsluitsel over de leeftijd van de daders.
Afhankelijk van meldingsbereidheid.
‘Prestatie paradox’: hoe beter de politie haar werk doet, des te meer criminaliteit er lijkt te zijn.
Pendelbewegingen in de criminologie
De bindingstheorie van Hirschi: goede bindingen van jongeren met sociale subsystemen, zoals gezin en school,
zijn een vangnet van sociale controle dat remmend werkt ten aanzien van jeugddelinquentie.
Levensloop
In het leven van de 12- tot 18-jarige in de westerse samenleving heeft zich een evolutie voorgedaan.
o Jongeren zijn langer afhankelijk (gaan veel langer naar school) dan de eerdere generaties en hebben
daardoor bijvoorbeeld nog geen zelfstandig inkomen.
o Jongeren worden veel serieuzer genomen en hun mening telt veel zwaarder.
Context en levensstijl
De laatste tijd is er meer onderzoek gedaan naar de context waarin de ontwikkeling van jeugdigen gezien moet
worden. De omgeving waarin de ontwikkeling plaatsvindt is erg belangrijk.
o Denk aan: oorlogen, economische crises.
Ook is het belang van levensstijl van jongeren en de wisselwerking tussen levensstijl en individuele
karakterkenmerken belangrijker geworden.
3
, Geweld
Er is een zorgelijke maatschappelijke ontwikkeling als het gaat om berichten over extreem geweld onder
jongeren, zoals gewapende winkelovervallen of steekincidenten.
Het gaat doorgaans bij minderjarige geweldplegers om jongeren tussen de 15 en 17 jaar met gebrekkige
scholing, zwakke gezinsachtergrond, onvoldoende toezicht, veel leven op straat en een slecht ontwikkeld
geweten.
Aan de andere kant is er door de paniekerige stemming rond delinquente en overlast gevende jeugd een
zorgelijke tendens wat betreft de criminalisering van kattenkwaad.
Grilligheid en het zo nu en dan over de schreef gaan hoort bij de vroege adolescentie en gaat in principe gewoon
over zonder enige justitiële tussenkomst.
De relatie met het strafrecht
Maturity gap: de discrepantie in de zelfstandigheidsontwikkeling van jongeren, de spanning tussen langdurigere
afhankelijkheid en hun toegenomen inbreng en autonomie in zaken.
De criminologie moet ervoor zorgen dat alle vormen van overlast die de jeugd kan veroorzaken niet onder
‘jeugdcriminaliteit’ vallen. Het hebben van ruzie op het schoolplein, met bier over straat, vuurtje stoken en
mensen uitdagen hoort allemaal bij het zijn van een jongere en kan overlast veroorzaken, maar is niet meteen
strafbaar en valt daarmee ook buiten de term jeugdcriminaliteit.
Het verhinderen dat de minder leuke kanten van het kinderleven als jeugdcriminaliteit gezien worden, gaat
steeds belangrijker worden.
o Het gevoel van onveiligheid gaat de komende decennia toenemen als gevolg van vergrijzing.
o Het feit dat jongeren veel tijd op straat doorbrengen of veel met internet te maken hebben wordt al als
een bedreiging gezien.
Het wordt dus steeds belangrijker om criminalisering van gedrag te voorkomen.
4
HOORCOLLEGE 1: CIJFERS, INFORMANTEN & DEFINITIES
Wat is jeugdcriminaliteit?
Heterogene delicten en een heterogene groep.
Van zwart rijden in de tram tot geweld.
Meisjes, jongens, jonger en ouder.
“Een verzamelnaam voor strafbaar gedrag van minderjarigen. Denk aan vernieling, winkeldiefstal, zware
mishandeling en moord, zodra een delict is gepleegd door een minderjarige betreft het jeugdcriminaliteit. In
Nederland kan niemand worden vervolgd voor strafbare feiten gepleegd voor zijn twaalfde jaar.”
- In strijd met het strafrecht
- Sociale constructie
- Wisselende taxatie: het wisselt in de maatschappij wat we strafbaar vinden, zo is het nu strafbaar om je
kind te slaan als straf, maar vroeger was dat normaal. In Nederland mag softdrugs verkocht worden,
maar ergens anders niet.
Profielen van jeugdige delinquenten:
Experimenteerder: 1 keer en nooit weer.
Risicojongere: heeft meer dan 1 keer iets gedaan, maar is niet volledig ontspoord.
Veelpleger: pleegt vaak strafbare feiten.
Zeer actieve veelpleger: zorgt voor een verstoorde rechtsorde.
Jeugdcriminaliteit: wat dan?
12 min
12-18: hoogste percentage delinquent gedrag, naar mate de adolescentie vordert, hoe meer behoefte
kinderen hebben aan spannende dingen.
18-23 (adolescenten strafrecht)
Neemt het toe of af?
Er zijn voor nu alleen cijfers tot aan 2023.
Het lijkt de laatste tijd aardig te stabiliseren.
Enkele vormen van ernstige criminaliteit nemen tot aan 2023 nog toe (beroving, ernstige mishandeling,
doodslag). Er is wel een verschil tussen de regio’s.
Jongens plegen veel meer delicten dan meisjes, het man zijn is een risicofactor voor jeugdcriminaliteit.
Politie data zeggen niet altijd veel over daadwerkelijke toe/afname van jeugddelinquentie.
Deze worden beïnvloed door aangiftebereidheid van slachtoffers en getuigen.
Deze worden ook beïnvloed door beleidsprioriteiten, wanneer er geen geld of kennis is over cyber
criminaliteit worden hier minder mensen voor aangehouden waardoor het lijkt alsof het cijfer daalt.
Zelfrapportage is lastig, omdat niet alle delicten er niet in op worden genomen. Hierdoor lijkt het alsof deze
delicten niet gepleegd worden, terwijl dit wel het geval is. Daarnaast worden de daders moeilijk bereikt, omdat
jongeren niet staan te springen om een vragenlijst in te vullen over de delicten die ze gepleegd hebben. Ook is er
geen representatief beeld van ernstige delicten, doordat jongeren bang zijn dat wanneer ze aangegeven dat
gedaan te hebben alsnog opgepakt worden.
Slachtofferenquêtes zijn een interessante manier, maar:
Weinig informatie over de daders.
Niet bij alle delicten zijn slachtoffers, terwijl deze delicten wel gepleegd worden.
Bij sommige delicten kunnen slachtoffers er niet meer over praten, bij moord en doodslag. Ook bij
seksuele delicten heerst er schaamte of een trauma waardoor slachtoffers er niet over praten.
Slachtoffers onder de 15 jaar mogen niet bevraagd worden.
1
,Factoren die criminaliteitscijfers beïnvloeden:
Werkloosheid
Mate van toezicht
Meldingsbereidheid
Politiecapaciteit
Beleidsprioriteiten
Wet en regelgeving
Wat veroorzaakt jeugdcriminaliteit?
Aanleg
Leren
Directe omgeving
Woonbuurt
Bredere sociale context
2
,Hoofdstuk 1 Weijers: Jeugdcriminaliteit: wetenschap, media en politiek
Overal neemt de jeugdcriminaliteit af, maar er lijkt sprake te zijn van een algemene, aanhoudende
paniekstemming dat het de verkeerde kant op gaat met de jeugd.
Media en politiek creëren een gevoel van urgentie rond jeugd die het verkeerde pas op dreigt te gaan.
o Hierdoor ontstaat bij het publiek de notie dat jeugdcriminaliteit actueel is.
Media en politiek
De Nederlandse media vertonen verschillende biases in de berichtgeving over jeugdcriminaliteit.
o Hoeveelheid berichtgeving: geregistreerde jeugdcriminaliteit neemt sinds 2007 enorm af, maar de
berichtgeving hiervoor daalt amper en bij sommige nieuwe media neemt de berichtgeving zelfs toe.
o High impact crimes: er wordt disproportioneel veel aandacht gegeven aan deze zwaardere delicten,
terwijl ook deze spectaculair zijn afgenomen.
o Marokkaanse jeugd en straatterreur
Jeugdcriminaliteit is van alle tijden waardoor er wellicht geconcludeerd kan worden dat er nu sprake is van een
andere conditie van jeugdcriminaliteit.
Bronnen
Politiecijfers:
Deze cijfers worden beïnvloed door de meldingsbereidheid van slachtoffers en getuigen.
o Sterk beïnvloed door beleidsprioriteiten
Een klein deel van de gerapporteerde delicten van jongeren kan worden opgehelderd.
o Hoog dark number
o Misdrijven die zichtbaar zijn of als een prioriteit fungeren of dader met een negatieve prognose hebben
meer kans op terecht te komen in de politieregistratie.
Zelfrapportage:
Er kan slechts een beperkt aantal delicten in de enquête opgenomen worden.
Sommige daders zijn moeilijk te bereiken.
Deze rapportages geven geen duidelijk beeld van de ernst van de delicten, zoals de schade en gevolgen voor
slachtoffers, voornamelijk onbetrouwbaar bij geweldsdelicten.
Slachtofferenquêtes:
Ze geven geen uitsluitsel over de leeftijd van de daders.
Afhankelijk van meldingsbereidheid.
‘Prestatie paradox’: hoe beter de politie haar werk doet, des te meer criminaliteit er lijkt te zijn.
Pendelbewegingen in de criminologie
De bindingstheorie van Hirschi: goede bindingen van jongeren met sociale subsystemen, zoals gezin en school,
zijn een vangnet van sociale controle dat remmend werkt ten aanzien van jeugddelinquentie.
Levensloop
In het leven van de 12- tot 18-jarige in de westerse samenleving heeft zich een evolutie voorgedaan.
o Jongeren zijn langer afhankelijk (gaan veel langer naar school) dan de eerdere generaties en hebben
daardoor bijvoorbeeld nog geen zelfstandig inkomen.
o Jongeren worden veel serieuzer genomen en hun mening telt veel zwaarder.
Context en levensstijl
De laatste tijd is er meer onderzoek gedaan naar de context waarin de ontwikkeling van jeugdigen gezien moet
worden. De omgeving waarin de ontwikkeling plaatsvindt is erg belangrijk.
o Denk aan: oorlogen, economische crises.
Ook is het belang van levensstijl van jongeren en de wisselwerking tussen levensstijl en individuele
karakterkenmerken belangrijker geworden.
3
, Geweld
Er is een zorgelijke maatschappelijke ontwikkeling als het gaat om berichten over extreem geweld onder
jongeren, zoals gewapende winkelovervallen of steekincidenten.
Het gaat doorgaans bij minderjarige geweldplegers om jongeren tussen de 15 en 17 jaar met gebrekkige
scholing, zwakke gezinsachtergrond, onvoldoende toezicht, veel leven op straat en een slecht ontwikkeld
geweten.
Aan de andere kant is er door de paniekerige stemming rond delinquente en overlast gevende jeugd een
zorgelijke tendens wat betreft de criminalisering van kattenkwaad.
Grilligheid en het zo nu en dan over de schreef gaan hoort bij de vroege adolescentie en gaat in principe gewoon
over zonder enige justitiële tussenkomst.
De relatie met het strafrecht
Maturity gap: de discrepantie in de zelfstandigheidsontwikkeling van jongeren, de spanning tussen langdurigere
afhankelijkheid en hun toegenomen inbreng en autonomie in zaken.
De criminologie moet ervoor zorgen dat alle vormen van overlast die de jeugd kan veroorzaken niet onder
‘jeugdcriminaliteit’ vallen. Het hebben van ruzie op het schoolplein, met bier over straat, vuurtje stoken en
mensen uitdagen hoort allemaal bij het zijn van een jongere en kan overlast veroorzaken, maar is niet meteen
strafbaar en valt daarmee ook buiten de term jeugdcriminaliteit.
Het verhinderen dat de minder leuke kanten van het kinderleven als jeugdcriminaliteit gezien worden, gaat
steeds belangrijker worden.
o Het gevoel van onveiligheid gaat de komende decennia toenemen als gevolg van vergrijzing.
o Het feit dat jongeren veel tijd op straat doorbrengen of veel met internet te maken hebben wordt al als
een bedreiging gezien.
Het wordt dus steeds belangrijker om criminalisering van gedrag te voorkomen.
4