Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Begrippenlijst voor vak Sociologie P0M31a

Rating
-
Sold
-
Pages
10
Uploaded on
24-01-2026
Written in
2025/2026

Begrippenlijst als aanvulling op volledige samenvatting sociologie PoM31a

Institution
Course

Content preview

Begrippenlijst

H1. De eigen aard van de samenleving
Paradigma: fundamenteel denkkader dat bepaalt hoe je naar de samenleving kijkt/begrijpt.

Samenlevingsspel: idee dat samenleven verloopt volgens gedeelde regels en rollen.
Sociologische verbeelding: vermogen om persoonlijke ervaringen te verbinden met maatschappelijke
structuren.

Contingent: niet noodzakelijk, het had anders kunnen zijn.
Arbitrair: willekeurig of gebaseerd op afspraken zonder natuurlijke noodzaak.

Latente deprivatiemodel: stelt dat werkeloosheid schaadt doordat de verborgen functies van werk wegvallen:
structureren van tijd, belangrijke bron van sociale contacten en sociale ervaringen, verbinder met groter geheel
en doeleinden die verder reiken dan persoonlijke doelen, status en identiteit, en dwingen tot activiteit en
zelfontplooiing.

Artefactverklaring: gevonden verband dat ontstaat door meet- of onderzoeksfouten

Patronen: terugkerende, voorspelbare structuren of gedragingen in de samenleving.



H2. Tegengestelde krachten
Perverse effecten: onbedoelde, vaak tegengestelde gevolgen van handelen of beleid.

Centrifugaal: uit elkaar drijvend; krachten die groepen uiteen doen gaan.
Centripetaal: samenbindend; krachten die groepen naar elkaar toe trekken.

Vervreemding: gevoel van los te staan van jezelf, anderen of de samenleving.
Collectief conformisme: groepsdruk die leidt tot aanpassing van gedeelde normen.

Actor-factor dilemma: spanning tussen individuele keuzes en structurele invloeden.

Mogelijkheden: handelingsopties die iemand daadwerkelijk heeft.
Mattheus effect: voordelen stapelen zich bij wie al voordelen heeft.

Beperkingen: grenzen die bepalen wat iemand niet kan doen.
• Impliciete handelingsmarges: niet-uitgesproken ruimte waarin handelen mogelijk is; ongeschreven regels
of verwachtingen die bepalen wat hoor of kan in een situatie.
• Institutionele beperkingen: grenzen opgelegd door regels, wetten, normen en structuren.
• Situationele beperkingen: grenzen opgelegd door huidige omgeving.
• Dispositionele beperkingen: grenzen door persoonlijke eigenschappen, gewoonte of attitude.
• Routines: vaste, herhaalde patronen van handelen.

Solidariteit: gevoel van verbondenheid en bereidheid elkaar te steunen.
• Warme solidariteit: solidariteit gebaseerd op nabijheid en persoonlijke banden.
• Koude solidariteit: solidariteit gebaseerd op regels, rechten en systemen.
• Mechanische solidariteit: samenhang gebaseerd op gelijkenis; mensen delen dezelfde religie, normen,
waarden en levenswijze; gemeenschap centraal; traditionele en premoderne samenleving.
• Organische solidariteit: samenhang gebaseerd op onderlinge afhankelijkheid; iedereen heeft specifieke
functie; moderne of industriële samenleving.




, Paradox van de individualisering: meer individuele vrijheid leidt tot nieuwe vormen van onafhankelijkheid.

Strijd (conflict): botsing tussen tegengestelde belangen of waarden.
• Manifeste conflicten: openlijke, zichtbare conflicten.
• Latente conflicten: verborgen, (nog) niet uitgesproken conflicten.
• Waardeconflicten: botsing over overtuiging of normen.
• Belangenconflicten: botsing over materiële of strategische voordelen.
Paradox van het conflict: conflict is functioneel, maar wordt vaak vermeden; conflicten verdelen en creëren
tegelijk samenhang.

Ongelijkheid: ongelijke verdeling van middelen, kansen of macht.
• Gelijkheid: streven naar gelijke behandeling of uitkomsten.
• Juridische gelijkheid: iedereen wordt gelijk behandelt volgens de wet.
• Uitkomsten gelijkheid: gelijke resultaten of verdelingen.
• Kansen gelijkheid: gelijke startpositie of mogelijkheden.


H3. Waarmee zijn sociologen bezig
Sociale wetten: regelmatigheden in menselijk gedrag die zo stabiel zijn dat je er algemene uitspraken over kunt
doen; minder absoluut dan natuurwetten, maar wel voorspelbare patronen.
Sociale fenomenen: waarneembare gebeurtenissen in de samenleving, ontstaan door interacties tussen
mensen.

Ceteris paribus: als al het andere gelijk blijft; gebruikt om een variabele te bestuderen zonder dat andere
factoren meeveranderen.

Natuurwetenschap: wetenschap die fysieke, meetbare wereld onderzoekt; werkt met universele
reproduceerbare wetten.
Sociale wetenschap: wetenschap die menselijk gedrag en sociale structuren onderzoekt; werkt met
interpretatie, context en probabilistische patronen.

Hawthorne-effect (experimentele-effect): mensen veranderen hun gedrag omdat ze weten dat ze
geobserveerd worden, waardoor dus het experiment zelf de resultaten beïnvloed.

Sociale werkelijkheid: de wereld zoals mensen die samen maken via betekenissen, normen, rollen en
interacties; niet puur objectief, ze bestaat omdat we er collectief in geloven.
Sociale feiten: externe, dwingende krachten die ons gedrag sturen (taal, wetten, religie, geld, etc.); ze bestaan
buiten het individu en oefenen druk uit.
Sociologische Imagination: vermogen om persoonlijke problemen te verbinden met bredere
maatschappelijke structuren.


H4. Dagelijkse naar wetsch. waarneming
Selectieve waarneming: je ziet wat past binnen je verwachtingen, ervaringen en waarden; de rest filter je weg.
Referentiekader: het geheel van waarden, normen, kennis en ervaringen waarmee je de wereld interpreteert.

Socialisatieproces: proces waarbij je leert hoe je je moet gedragen in een samenleving; waarden, normen en
rollen.

Cultuurpatronen: terugkerende, stabiele manier van denken en doen binnen een cultuur.

Thomas theorema: wat mensen geloven dat waar is heeft echte gevolgen.
• Self-fulilling prophecy/Pygmalioneffect/Rosenthalt-effect: een verwachting zorgt ervoor dat het
verwachte gedrag daadwerkelijk gebeurt.
• Self-destroying-prophecy: voorspelling die zichzelf ongeldig maakt omdat mensen hun gedrag aanpassen.

Connected book

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Summarized whole book?
Yes
Uploaded on
January 24, 2026
Number of pages
10
Written in
2025/2026
Type
SUMMARY

Subjects

€3,49
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
kikidii033

Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
kikidii033 Katholieke Universiteit Leuven
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
1
Member since
2 year
Number of followers
0
Documents
3
Last sold
2 weeks ago

0,0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions