Persoonlijke en professionele ontwikkeling
Alev Neto, z.d. ©
Maaike Crombosch-Blom | 728480 | 18-03-2026 |HBO Social Work hoofdfase
Leercoach Yvonne Prins | Beoordelaar Yvonne Prins
,Inhoudsopgave
Inleiding..................................................................................................................................................1
Literatuurlijst........................................................................................................................................16
Inleiding
Ik werk sinds september 2025 binnen het Intensieve Behandeling Thuis (IBT) van Parnassia Groep. In
deze functie werk ik dagelijks met mensen die kampen met ernstige psychische aandoeningen die
zich bevinden in een (dreigende) crisissituatie. De begeleiding vindt plaats in de eigen leefomgeving.
Ernstige depressies en suïcidaliteit komen regelmatig voor bij de cliënten die ik ondersteun. De
mensen die ik begeleid zijn psychisch extra kwetsbaar, waardoor bij het afwegen van keuzes
zorgvuldigheid wenselijk en noodzakelijk is.
In het eerste hoofdstuk heb ik mij verdiept in mijn eigen waarden en deugden die voor mij belangrijk
zijn als professional in het sociaal werk. Dit heb ik gedaan door een profielschets van mezelf te maken
als normatieve professional.
In het tweede hoofdstuk schrijf ik een ethisch dilemma uit in een stappenplan. Door de ethische
theorieën en het stappenplan geeft dit een leidraad om handelingsalternatieven in kaart te brengen
en op basis daarvan een keuze te maken.
In het laatste hoofdstuk schrijf ik een evaluatieverslag waarin ik reflecteer op het moreel beraad die ik
met medestudenten heb gevoerd. Dit heb ik met drie andere studenten uitgevoerd, waarbij ik vier
keer een moreel beraad heb georganiseerd.
|1
, Ik voldoe aan de volgende voorwaarden om aan deze module te starten:
4.1 Beroepsethiek heb ik behaald;
6.3 Supervisie tussentijdse evaluatie in januari 2026 behaald.
1. Profielschets van mijzelf als normatieve professional
1.1 Persoonlijke visie op de maatschappelijke functie
Autonomie is voor mij als sociaal werker een kernwaarde van het beroep. Volgens Steenmeijer (2021)
is deze waarde te koppelen aan artikel 1 van de beroepscode van het sociaal werk, waarin het tot zijn
recht laten komen van de persoon centraal staat. Dit betekent dat ieder individu de mogelijkheid
dient te hebben zich te ontwikkelen naar eigen behoeften en het leven op zijn of haar eigen manier
vorm te geven.
Voor mij betekent autonomie dat mensen zelf keuzes kunnen maken over hun leven, waarbij eigen
regie en zelfredzaamheid centraal staan. Autonomie is nauw verbonden aan kwaliteit van leven en
zingeving, omdat mensen zelf invulling geven aan wat hen motiveert om te leven.
Na de invoering van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning in 2015 is het begrip zelfredzaamheid
centraal komen te staan en wordt verwacht van mensen dat zij in staat zijn wensen en behoeften
bespreekbaar te maken en hierin regie te voeren. Een voorwaarde om zelfredzaam te zijn is
autonomie. Het is de taak aan de sociaal werker om een veilige ruimte te creëren waarin de focus ligt
op autonomie en daarbij eigen regie wordt gestimuleerd. Dit geldt ook op momenten waarin iemand
beperkt is in zijn zelfredzaamheid en er sprake is van verminderde wilsvrijheid (Rothfusz, 2024).
|2