Klimaten wereldwijd 3.1
Toestand van de lucht/atmosfeer op een bepaalde plaats: weer
Het gemiddelde weer over een periode van dertig jaar: klimaat
klimaten op lage breedte
Tropisch regenwoud klimaat
- Altijd warm
- Bij de evenaar
- Het regent er bijna iedere dag
- Weinig verschil tussen seizoenen
Savanneklimaat
- Altijd warm
- Er groeien genoeg bomen
- Regen zorgt dat het stof wegspoelt en alles groen wordt.
- Regentijd zorgt voor afwisseling, droge en natte periodes
Steppeklimaat
- Er groeien geen bomen meer
- Regentijd duurt korter dan in savanneklimaat
- Er wonen weinig mensen. De mensen die in dit klimaat leven vaak als nomaden.
Woestijnklimaat
- Overdag warm
- Rotswoestijnen en soms allen zand
- Gemiddeld minder dan 250 mm neerslag per jaar
, klimaten op hoge breedte
gematigd zeeklimaat
- Zomer- en winterseizoenen
- Licht dicht bij zeeën en oceanen
- Verschil tussen zomer- en wintertemperatuur niet groot
landklimaat
- Zomer warm
- Winter koud
- Korter seizoen
Toendraklimaat
- Groeien geen bomen
- Zomer duurt kort, winter duurt lang
- Zomer komt de temperatuur net boven 0°, in de winter onder 0°
- Grond is lang bevroren, een deel van de bodem ontdooit nooit – Permafrost
Poolklimaat
- Temperatuur blijft altijd onder 0°
- Wanneer de temperatuur het hele jaar onder nul is en het gebied ligt boven de
1500 meter dan noemen wij dit een hooggebergteklimaat
Toestand van de lucht/atmosfeer op een bepaalde plaats: weer
Het gemiddelde weer over een periode van dertig jaar: klimaat
klimaten op lage breedte
Tropisch regenwoud klimaat
- Altijd warm
- Bij de evenaar
- Het regent er bijna iedere dag
- Weinig verschil tussen seizoenen
Savanneklimaat
- Altijd warm
- Er groeien genoeg bomen
- Regen zorgt dat het stof wegspoelt en alles groen wordt.
- Regentijd zorgt voor afwisseling, droge en natte periodes
Steppeklimaat
- Er groeien geen bomen meer
- Regentijd duurt korter dan in savanneklimaat
- Er wonen weinig mensen. De mensen die in dit klimaat leven vaak als nomaden.
Woestijnklimaat
- Overdag warm
- Rotswoestijnen en soms allen zand
- Gemiddeld minder dan 250 mm neerslag per jaar
, klimaten op hoge breedte
gematigd zeeklimaat
- Zomer- en winterseizoenen
- Licht dicht bij zeeën en oceanen
- Verschil tussen zomer- en wintertemperatuur niet groot
landklimaat
- Zomer warm
- Winter koud
- Korter seizoen
Toendraklimaat
- Groeien geen bomen
- Zomer duurt kort, winter duurt lang
- Zomer komt de temperatuur net boven 0°, in de winter onder 0°
- Grond is lang bevroren, een deel van de bodem ontdooit nooit – Permafrost
Poolklimaat
- Temperatuur blijft altijd onder 0°
- Wanneer de temperatuur het hele jaar onder nul is en het gebied ligt boven de
1500 meter dan noemen wij dit een hooggebergteklimaat