Zelfstudie genoom tot populatie
Inhoudsopgave
Zelfstudie 1...............................................................................................2
5. DNA en chromosomen.......................................................................2
Zelfstudie 2...............................................................................................4
6. DNA replicatie....................................................................................4
Zelfstudie 3...............................................................................................7
6. DNA reparatie....................................................................................7
Zelfstudie 4.............................................................................................14
7. Van DNA naar RNA...........................................................................14
Zelfstudie 5.............................................................................................17
7. Van RNA naar eiwit..........................................................................17
Zelfstudie 6.............................................................................................20
9. Hoe genen en genomen evolueren..................................................20
Zelfstudie 7.............................................................................................24
10. DNA isoleren en klonen..................................................................24
Zelfstudie 8.............................................................................................26
8. Controle van genexpressie..............................................................26
Zelfstudie 9.............................................................................................29
Zelfstudie 10...........................................................................................31
10. Isoleren en klonen van DNA moleculen.........................................31
Zelfstudie 11...........................................................................................33
Zelfstudie 12...........................................................................................35
Zelfstudie 13...........................................................................................35
Zelfstudie 15...........................................................................................38
Zelfstudie 17...........................................................................................42
1
,Zelfstudie 1
5. DNA en chromosomen
Genen: de informatie dragende elementen die de kenmerken bepalen van
een soort als geheel en van de individuen daarbinnen.
Een DNA (deoxyribonucleïnezuur) molecuul bestaat uit twee
complementaire strengen van nucleotiden. De twee strengen worden bij
elkaar gehouden door waterstofbruggen tussen de basen.
Een nucleotide bestaat uit stikstof bevattende base (adenine, cytosine,
guanine, thymine) en een deoxyribose (vijfkoolstofsuiker) met een
fosfaatgroep.
De backbone bestaat uit
afwisselend suiker en fosfaat
verbonden door
fosfodiësterbindingen. Elke
streng heeft een 3'- en 5'-
uiteinde en loopt antiparallel
aan de andere streng. Een
grotere tweeringige base
(een purine: A & G) paart
met een enkelringige base
(een pyrimidine: T & C).
Deze complementaire
basenparen zorgen voor de
stabiele structuur van de
dubbelhelix, essentieel voor
DNA-replicatie en -behoud.
Genetische code: nucleotide alfabet van DNA en het
aminozuur alfabet van eiwitten.
Genexpressie: het proces waarbij de
nucleotidevolgorde van een gen wordt omgezet in
de nucleotidevolgorde van een RNA-molecuul, en
2
, vervolgens, in de meeste gevallen, wordt vertaald naar de
aminozuurvolgorde van een eiwit.
3
Inhoudsopgave
Zelfstudie 1...............................................................................................2
5. DNA en chromosomen.......................................................................2
Zelfstudie 2...............................................................................................4
6. DNA replicatie....................................................................................4
Zelfstudie 3...............................................................................................7
6. DNA reparatie....................................................................................7
Zelfstudie 4.............................................................................................14
7. Van DNA naar RNA...........................................................................14
Zelfstudie 5.............................................................................................17
7. Van RNA naar eiwit..........................................................................17
Zelfstudie 6.............................................................................................20
9. Hoe genen en genomen evolueren..................................................20
Zelfstudie 7.............................................................................................24
10. DNA isoleren en klonen..................................................................24
Zelfstudie 8.............................................................................................26
8. Controle van genexpressie..............................................................26
Zelfstudie 9.............................................................................................29
Zelfstudie 10...........................................................................................31
10. Isoleren en klonen van DNA moleculen.........................................31
Zelfstudie 11...........................................................................................33
Zelfstudie 12...........................................................................................35
Zelfstudie 13...........................................................................................35
Zelfstudie 15...........................................................................................38
Zelfstudie 17...........................................................................................42
1
,Zelfstudie 1
5. DNA en chromosomen
Genen: de informatie dragende elementen die de kenmerken bepalen van
een soort als geheel en van de individuen daarbinnen.
Een DNA (deoxyribonucleïnezuur) molecuul bestaat uit twee
complementaire strengen van nucleotiden. De twee strengen worden bij
elkaar gehouden door waterstofbruggen tussen de basen.
Een nucleotide bestaat uit stikstof bevattende base (adenine, cytosine,
guanine, thymine) en een deoxyribose (vijfkoolstofsuiker) met een
fosfaatgroep.
De backbone bestaat uit
afwisselend suiker en fosfaat
verbonden door
fosfodiësterbindingen. Elke
streng heeft een 3'- en 5'-
uiteinde en loopt antiparallel
aan de andere streng. Een
grotere tweeringige base
(een purine: A & G) paart
met een enkelringige base
(een pyrimidine: T & C).
Deze complementaire
basenparen zorgen voor de
stabiele structuur van de
dubbelhelix, essentieel voor
DNA-replicatie en -behoud.
Genetische code: nucleotide alfabet van DNA en het
aminozuur alfabet van eiwitten.
Genexpressie: het proces waarbij de
nucleotidevolgorde van een gen wordt omgezet in
de nucleotidevolgorde van een RNA-molecuul, en
2
, vervolgens, in de meeste gevallen, wordt vertaald naar de
aminozuurvolgorde van een eiwit.
3