11. De fysieke ontwikkeling in de schooltijd
De motorische ontwikkeling
● 0 - 5: snelle groei
● 6 -12 jaar: langzaam en gestaag
11.1 Het groeiende lichaam
6-jarige heeft ongeveer dezelfde
In de lagereschooltijd:
lichaamsverhoudingen als een volwassene
Nemen lengte en gewicht langzaam en gestaag
● Adolescentie: groeispurt
Verliest het lichaam zijn baby vet.
= genetisch en cultureel bepaald
Verschil in lengte en gewicht, gevolg van: sociaaleconomische verschillen.
Voeding is niet alleen belangrijk voor de fysieke groei
Heeft invloed op het sociale, emotionele en cognitieve functioneren.
Kinderobesitas (ernstig probleem)
Veroorzaakt door: genetische en sociale factoren
De gezondheid van kinderen in de lagereschooltijd is over het algemeen goed; er is meestal weinig
reden tot zorg.
Astma: een chronische aandoening die wordt gekenmerkt door periodieke aanvallen van
niezen, hoesten en kortademigheid
Psychische aandoeningen: voorbeeld: kinderdepressie
11.2 De motorische ontwikkeling en veiligheid
In de basisschoolleeftijd treden enorme verbeteringen op in grove en fijne motoriek (veel bewegen is
dus belangrijk op deze leeftijd!)
De grove motoriek -> spier coördinatie
De fijne motoriek aan het einde van deze periode is de coördinatie van kinderen bijna net zo
goed als die van volwassenen.
Gevolg van groei myeline: boodschappen worden sneller getransporteerd langs de zenuwcellen
Tot 3 jaar: complexe bewegingen springen en landen met stijve benen
nauwelijks kan nog niet huppelen en hinkelen
mogelijk vangen gebeurt met gestrekte gespreide armen
maakt nog veel bij bewegingen
4 tot 6 jaar: coördinatie verbetert onnodige bij bewegingen worden gedempt
sterk leert huppelen, hinkelen, touwtje springen
gooit met ‘totaal’ beweging
bal vangen: gestrekte armen + bal vast klemmen
meestal nog geen voorkeurshand
Na het 6e jaar: verdere grove en fijne motoriek ontwikkelt zich verder
ontwikkeling motoriek lateralisatie (voorkeurslichaamshelft) zet door
jaar: voorkeurshand / - voet
‘gouden’ leeftijd → 8 – 10 jaar
Lateralisatie = fase in de neuro-motorische ontwikkeling waarbij de linker- of rechterhersenhelft zijn
dominantie of specialisatie krijgt
De motorische ontwikkeling
● 0 - 5: snelle groei
● 6 -12 jaar: langzaam en gestaag
11.1 Het groeiende lichaam
6-jarige heeft ongeveer dezelfde
In de lagereschooltijd:
lichaamsverhoudingen als een volwassene
Nemen lengte en gewicht langzaam en gestaag
● Adolescentie: groeispurt
Verliest het lichaam zijn baby vet.
= genetisch en cultureel bepaald
Verschil in lengte en gewicht, gevolg van: sociaaleconomische verschillen.
Voeding is niet alleen belangrijk voor de fysieke groei
Heeft invloed op het sociale, emotionele en cognitieve functioneren.
Kinderobesitas (ernstig probleem)
Veroorzaakt door: genetische en sociale factoren
De gezondheid van kinderen in de lagereschooltijd is over het algemeen goed; er is meestal weinig
reden tot zorg.
Astma: een chronische aandoening die wordt gekenmerkt door periodieke aanvallen van
niezen, hoesten en kortademigheid
Psychische aandoeningen: voorbeeld: kinderdepressie
11.2 De motorische ontwikkeling en veiligheid
In de basisschoolleeftijd treden enorme verbeteringen op in grove en fijne motoriek (veel bewegen is
dus belangrijk op deze leeftijd!)
De grove motoriek -> spier coördinatie
De fijne motoriek aan het einde van deze periode is de coördinatie van kinderen bijna net zo
goed als die van volwassenen.
Gevolg van groei myeline: boodschappen worden sneller getransporteerd langs de zenuwcellen
Tot 3 jaar: complexe bewegingen springen en landen met stijve benen
nauwelijks kan nog niet huppelen en hinkelen
mogelijk vangen gebeurt met gestrekte gespreide armen
maakt nog veel bij bewegingen
4 tot 6 jaar: coördinatie verbetert onnodige bij bewegingen worden gedempt
sterk leert huppelen, hinkelen, touwtje springen
gooit met ‘totaal’ beweging
bal vangen: gestrekte armen + bal vast klemmen
meestal nog geen voorkeurshand
Na het 6e jaar: verdere grove en fijne motoriek ontwikkelt zich verder
ontwikkeling motoriek lateralisatie (voorkeurslichaamshelft) zet door
jaar: voorkeurshand / - voet
‘gouden’ leeftijd → 8 – 10 jaar
Lateralisatie = fase in de neuro-motorische ontwikkeling waarbij de linker- of rechterhersenhelft zijn
dominantie of specialisatie krijgt