Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
College aantekeningen

Universiteit Leiden, Bestuurskunde: Antwoorden wekelijkse opgaven Europese Economie Integratie

Beoordeling
3,0
(1)
Verkocht
21
Pagina's
25
Geüpload op
18-03-2021
Geschreven in
2020/2021

Dit zijn mijn antwoorden op de wekelijkse opgaven van het werkcollege. Deze zijn vanzelfsprekend gecorrigeerd en aangevuld tijdens het werkcollege!

Voorbeeld van de inhoud

Antwoordenblad Europese
Economische integratie
Week I:
Opgave I: leg uit voor welk type vraagstuk de theorie van fiscal federalism kan worden
gebruikt en welke afwegingen hierin centraal staan.

‘Fiscal federalism’ behelst de mogelijke baten van overheidsactiviteiten over te hevelen naar
een hoger bestuursniveau. Dit heeft dus betrekking op de mogelijke schaalvoordelen van
publieke diensten op Europees niveau aan te bieden. Doordat het aantal gebruikers van deze
publiek dienst stijgt, dalen de marginale kosten. Echter, tegenover deze economische
overweging dient men in het specifiek twee overwegingen mee af te wegen, namelijk i) de
mate van democratische controle die op Europees niveau minder politiek van aard is, en ii) de
deviatie van lokale voorkeuren.
Bijv.: Frankrijk zal voorstander zijn van een publieke dienst door de staat te laten regelen,
terwijl Nederland dit waarschijnlijk aan private actoren zal overlaten.

Opgave II: gebruik de theorie van fiscal federalism en bespreek aan de hand van een figuur
onder welke voorwaarden een uitbreiding van de EU leidt tot a) een verhoging van de
welvaart en b) een verlaging van de welvaart.

Een uitbreiding van de EU leidt tot een additionele lidstaat waarmee gezamenlijke kosten
gedeeld kunnen worden óf het zorgt voor additionele kosten vanwege de groei aan burgers die
gebruik maken van publieke diensten. Er is sprake van een verhoging van de welvaart als de
marginale kosten dalen, en een verlaging van de welvaart is mogelijk als de marginale kosten
stijgen. Zie schrift.

Opgave III: wat wordt er verstaan onder het subsidiariteitsbeginsel? Leg uit hoe men dit
toetst in de EU.

Subsidiariteitsbeginsel: de regel dat besluitvorming en uitvoering zo veel mogelijk moet
plaatsvinden op het laagst mogelijke bestuurlijke niveau. Dit wordt getoetst a.d.h.v. de
mogelijkheid tot bezwaar voor lidstaten. Indien 1/3de van de nationale parlementen bezwaar
maakt via een ‘reasoned opinion’, dient de EC diens voorstel te herzien (‘gele kaart’). Als een
meerderheid van de nationale parlementen bezwaar maakt, dient de EC diens voorstel weer te
herzien én stuurt het een ‘reasoned opinion’ naar het EP en de RvM ter stemming.

1

,Opgave IV: welk bedrag draagt Nederland bij aan de Europese begroting (neem 2019 als
keuzejaar) en welk bedrag ontvangt Nederland uit de Europese begroting? Kunnen we nu
stellen dat EU lidmaatschap nadelig uitvalt voor Nederland?

“Voor 2019 bedroegen de afdrachten van Nederland circa €8,4 miljard … de inkomsten …
waren ongeveer €1,2 miljard”. Daarmee is het dus een nettobetaler: Nederland draagt meer bij
aan de Europese Unie dan het ontvangt1. Echter, EU lidmaatschap gaat gepaard met andere
voordelen, bijv. t.a.v. schaalvoordelen maar óók toegang tot de interne markt, waardoor de
hogere afdracht niet nadelig uitvalt voor Nederland.

Opgave V: hoe zijn de afdrachten en de ontvangsten opgebouwd?

De afdrachten, o.b.v. een vastgesteld exact percentage, zijn opgebouwd uit traditionele eigen
middelen, een percentage van het bruto binnenlands product en btw-middelen. Doordat de
afdracht vooraf wordt bepaald voor een periode van zeven jaar, kan er een
naheffing/teruggave plaatsvinden. De ontvangsten vloeien terug uit gedeelde fondsen of de
eigen middelen van de Europese Unie, t.b.v. gemeenschappelijk landbouwbeleid, intern beleid
en overige voornamelijk structurele acties.2




Opgave VI: het belangrijkste instituut voor het maken van Europese wetten is de Raad van de
EU. In de periode 1958-1973 bestond de Raad uit slechts zes landen: Duitsland, Frankrijk,

1
Algemene Rekenkamer. (n.d.). Wat draagt Nederland bij aan en wat ontvangt Nederland van de EU?
Retrieved February 5, 2021, from https://www.rekenkamer.nl/publicaties/vragen-en-antwoorden/wat-betaalt-
nederland-aan-de-eu-en-het-zit-het-met-de-netto-betalingspositie-van-nederland#:%7E:text=De%20Nederlandse
%20afdrachten%20voor%20de,lidstaat%20voor%20douaneheffing%20en%20invordering).
2
Centraal Bureau voor Statistiek. (2016, December). Nederland en de Europese Unie betalingen en ontvangsten.
https://www.cbs.nl/nl-nl/publicatie/2016/50/nederland-en-de-europese-unie-betalingen-en-ontvangsten

2

, Italië, België, Nederland en Luxemburg. Deze landen hadden op dat moment de volgende
stemgewichten: 4 voor Duitsland, Frankrijk en Italië; 2 voor België en Nederland; 1 voor
Luxemburg. Een gekwalificeerde meerderheid werd behaald als er tenminste 12 stemmen
voor het voorstel waren. We kunnen dit in spelvorm weergeven als volgt [12; 4, 4, 4, 2, 2, 1].
Bereken de Normalised Banzhaf Index (NBI) voor ieder land, leg vervolgens uit wat de
toegevoegde waarde is van een voting power index zoals de NBI, geef drie redenen waarom
voting power indices toch geen goede maatstaf zijn voor het bestuderen van de macht van een
land in de Raad van de EU en leg een mogelijk alternatief voor.

De ‘Normalised Banzhaf Index’ meet de waarschijnlijkheid waarmee een gegeven lidstaat een
coalitie kan maken of breken. Duitsland, Frankrijk en Italië kennen een NBI van 0.2381,
terwijl België en Nederland een NBI van 0.1429 hebben en Luxemburg zelfs een van 0.0000.
Hierbij valt dus op dat Luxemburg nooit in de positie zal zijn om een coalitie te maken of te
breken. Het zal dus nooit een doorslaggevende stem hebben.

Deze index geeft in een oogopslag wél de potentiële stemmacht die een land kan hebben.
Maar, er zijn drie redenen waarom het toch geen goede maatstaf is voor het bestuderen van
macht, namelijk i) het neemt de politieke overwegingen die ten grondslag liggen aan een
stempositie niet mee (geen rekening houden met voorkeuren), ii) het onderwaardeerd ieders
rol die andere landen kan overtuigen zich aan te sluiten/los te maken van een coalitie, bijv. op
basis van gunfactor en iii) het neemt niet mee dat landen, desondanks de aanwezigheid van
een meerderheidscoalitie, niet zullen doorzetten omwille van amicale betrekkingen waardoor
een besluit alsnog niet wordt genomen. Daarnaast houdt het geen rekening met formele
procedures, en landen hebben verschillende voorkeuren hoe belangrijk bepaalde dossiers zijn
waardoor ze verschillen in de energie die ze in elk dossier sturen. Daarbij houdt het ook geen
rekening met actoren die de agenda kunnen bepalen.

Een alternatief voor deze indexen is kwalitatief onderzoek naar de stemposities van betrokken
actoren.




Week II:
Opgave I: leg uit wat de import-vraagcurve weergeeft. Leg aan de hand van een figuur uit
hoe de import-vraagcurve kan worden afgeleid.

3

Documentinformatie

Geüpload op
18 maart 2021
Aantal pagina's
25
Geschreven in
2020/2021
Type
College aantekeningen
Docent(en)
Philippe van gruisen
Bevat
Alle colleges

Onderwerpen

€4,99
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF


Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
Universiteit Leiden, Bestuurskunde: Aantekeningen hoorcolleges en antwoorden werkcolleges Europese Economische Integratie
-
6 2 2021
€ 7,49 Meer info

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle reviews worden weergegeven
2 jaar geleden

3,0

1 beoordelingen

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
MetObij Universiteit Leiden
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
374
Lid sinds
6 jaar
Aantal volgers
202
Documenten
68
Laatst verkocht
2 maanden geleden

3,8

37 beoordelingen

5
6
4
22
3
7
2
0
1
2

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen