Testes teelballen
4 cm lang en diameter van 2,5 cm. De testes zijn gepaarde
geslachtsklieren die verantwoordelijk zijn voor de productie van
spermatozoa via spermatogenese en voor de synthese van testosteron in
de Leydigcellen. Het hormoon testosteron reguleert mannelijke secundaire
geslachtskenmerken en ondersteunt de aanmaak en maturatie van
zaadcellen.
Epididymis
bijbal
De epididymis is een
lang, opgerold
orgaan dat boven
en achter de
testis ligt. Hier
voltooien
spermatozoa
hun rijping,
waardoor zij
beweeglijk en
fertiliseerbaar worden.
Daarnaast dient de bijbal als
tijdelijke opslag vóór transport richting de zaadleiders.
Ductus deferens zaadleider
De ductus deferens is een gespierde buis die tijdens ejaculatie de rijpe
spermatozoa peristaltisch transporteert van de epididymis naar de
urethra, via de prostaat. Deze structuur vormt een belangrijk onderdeel
van de uitzaairoute (ejaculatiekanaal).
Vesiculae Seminales zaadblaasjes
De zaadblaasjes produceren een fructoserijk secreet dat het grootste deel
van het ejaculaat vormt. Dit secreet levert energie aan spermatozoa en
bevat stoffen die hun beweeglijkheid en overleving verbeteren in het
vrouwelijke voortplantingsstelsel
Prostaat
De prostaat is een exocriene klier die om de urethra ligt en een alkalisch
secreet produceert dat sperma beschermt tegen het zure milieu van de
vagina. De prostaat speelt ook een rol in ejaculatie door ritmische
contracties die de uitstoot van sperma ondersteunen.
,Penis
De penis bestaat uit zwellichamen die bij seksuele stimulatie gevuld raken
met bloed, wat een erectie veroorzaakt die nodig is voor penetratie en
spermatransport. De urethra loopt door de penis en dient zowel voor de
lozing van urine als voor de uitstoot van sperma (reproductie).
Hormonen
FSH en ICSH en door de hypofyse.
FSH hierdoor worden zaadcellen gevormd
ICSH productie van testosteron
Prostaathyperplasie en prostaatkanker
Benigne prostaathyperplasie (BPH)
BPH is een goedaardige prostaatvergroting die veel voorkomt bij oudere
mannen. Onder invloed van (dihydro)testosteron blijft de prostaat groeien.
Hierdoor ontstaat een vernauwing van de urethra waardoor plasklachten
optreden.
Symptomen
Slappe straal, nadruppelen,
moeite met op gang komen
Frequent en kleine beetjes
plassen
Nachtelijk plassen (nycturie)
Gevoel van onvolledige
blaaslediging
Blaashypertonie (verdikte
blaaswand → prikkelbaarheid)
Complicaties
Urineretentie → verhoogd risico
op urineweginfecties
Overloopblaas (ongewild urineverlies door te volle blaas)
Acute anurie (plots niet meer kunnen plassen), bijvoorbeeld door alcohol
of seksuele opwinding → spoedindicatie
Eventueel nierbeschadiging door stuwing
, Onderzoek
Anamnese en rectaal toucher (prostaat voelt symmetrisch vergroot)
Bloed: PSA meestal normaal of licht verhoogd
Echo en katheterisatie voor retentiebeoordeling
Eventueel biopsie bij twijfel aan maligniteit
Behandeling
Medicatie:
Alfablokkers (ontspannen blaashals/urethra) → duizeligheid mogelijk
5-alfareductaseremmers (verkleinen prostaat) → kans op impotentie
TURP-operatie: via plasbuis prostaatweefsel verwijderen
Risico op bloedverlies en TUR-syndroom (overbelasting van circulerend
volume)
Prostaatkanker
De belangrijkste risicofactor is hoge leeftijd. Prostaatcarcinoom ontstaat
vaak perifeer, waardoor plasklachten laat in het ziekteproces optreden.
Botmetastasen komen vaak voor (pijn in onderrug/gewichtsverlies).
Verschijnselen
Soms geen duidelijke klachten
PSA meestal verhoogd (maar kan ook bij prostatitis)
Mogelijke botpijn door metastasen
Onderzoek
Rectaal toucher → asymmetrische, harde prostaat
PSA-bepaling
Echo/biopt voor diagnose
Botscan voor metastasen
Behandeling
Keuze afhankelijk van leeftijd, conditie en tumorstadium:
Actieve follow-up bij oudere patiënten met kleine, weinig agressieve
tumoren.
Radicale prostatectomie (operatief verwijderen prostaat + zaadblaasjes)
Bestraling (uitwendig of brachytherapie)
HIFU en cryotherapie als alternatieve technieken
Hormonale therapie:
GnRH-agonisten → onderdrukken testosteronproductie via hypofyse