Hoorcollege 1 .......................................................................................................................................... 3
PHYSICAL LITERACY FMV CLASSIFICEREN ............................................................................................ 3
Werkcollege 1 .......................................................................................................................................... 7
PHYSICAL LITERACY FMV CLASSIFICEREN ............................................................................................ 7
Hoorcollege 2 .......................................................................................................................................... 8
MOTORISCH ONTWIKKELINGSMODELLEN .......................................................................................... 8
Hoorcollege 3 ........................................................................................................................................ 11
WAARNEMING REACTIETIJD EN ANTICIPATIE ................................................................................... 11
Hoorcollege les 4 ................................................................................................................................... 20
WBU (Waarnemen, Beslissen, Uitvoeren): UITVOEREN EN FEEDBACK ............................................ 20
Hoorcollege les 5 ................................................................................................................................... 31
TPC / CONSTRAINT LED APPROACH FEEDFORWARD (INSTRUCTIE).................................................. 31
Hoorcollege 6 ........................................................................................................................................ 42
BEWEGINGSAANPASSINGEN ............................................................................................................. 42
Oefenvragen .......................................................................................................................................... 50
Antwoorden van de oefenvragen ......................................................................................................... 57
Oefenen aan de hand van het toetsmatrijs .......................................................................................... 60
2
,Hoorcollege 1
PHYSICAL LITERACY FMV CLASSIFICEREN
Leren: Een proces dat leidt tot relatief duurzame veranderingen in het gedragspotentieel als gevolg
van specifieke ervaringen met de omgeving’ (Schmidt & Lee 2005)
• Dus, er moet sprake zijn van een relatief duurzame en stabiele toename van de prestatie als
gevolg van specifieke ervaring of oefening.
• Leren verloopt niet lineair
Motorisch leren (ML): De definitie van leren toegepast in een motorische context.
• Vaardigheden waarbij doelbewust wordt bewogen
• Vaardigheden die aangeleerd kunnen worden
4 criteria van motorische vaardigheid (motor skill):
1. Er is een duidelijk doel
2. Lichaam en ledematen zijn nodig om dat doel te bereiken
3. Het zijn vrijwillige bewegingen (reflexen zijn onvrijwillig)
4. Motorische vaardigheden ontwikkelen zich als gevolg van oefening
(Physical) Literacy / geletterdheid: de motivatie, het vertrouwen, de fysieke competentie, de kennis
en het begrip om verantwoordelijkheid te nemen voor betrokkenheid bij bewegen in zijn gehele
leven.
• Motivatie om de eigen ‘motorische mogelijkheden’ verder te ontwikkelen.
• Competentie om te bewegen binnen een brede variatie van uitdagende beweegsituaties.
• Vertrouwen in de eigen bewegingsmogelijkheden
• Kennis over de eigen bewegingsmogelijkheden
• Voorbeeld:
- Iemand die hoog geletterd is: Femke Bol
- Iemand die laag geletterd is: pasgeboren baby
Zijn er verschillende opvattingen mogelijk over PL?
Ja, het ligt aan de context en aan de persoon aan wie je de vraag stelt.
3
, FMV: Fundamentele Motorische Vaardigheden
FMS: Fundamental Movement Skills
Fundamenteel: iets is fundamenteel wanneer het van groot belang is.
Fundamentele bewegingen:
- Lopen
- Rennen
- Springen
- Werpen
- Slaan
Deze bewegingen vormen een basis voor specifieke beweegsituaties.
• Voorbeeld: je moet kunnen rennen om te kunnen basketballen.
Fundamentele motorische vaardigheden indelen in 3 categorieën:
Locomotorische Balansvaardigheid manipulatieve vaardigheid
vaardigheid
- Verplaatsen van - het lichaam in - lichaam gebruiken om ‘iets’
A naar B in balans houden met een object te doen
➢ Voorbeelden:
- Rennen door het bos – Locomotie
- Gooien van een papieren vliegtuigje – Manipulatief
- Glas oppakken van tafel – Manipulatief
- Dribbelen met een bal aan de stick – Manipulatief + locomotie
- Balk lopen - Balans + locomotie
- Huppelen met een bal in je handen – Locomotie + manipulatief
- Fietsen naar school – Locomotie + balans + manipulatief
4