STRAFRECHT
BOEK 1 – ALGEMENE REGELS VAN
HET STRAFRECHT
HOOFDSTUK 1 – DE STRAFWET
(ART. 1-4 SW.)
1. WAT IS STRAFRECHT?
A. Strafrecht is publiek recht
is de overheid die bepaalde gedragingen strafbaar stelt en de sancties bepaalt
gaat dus NIET over een conflict tss 2 of meer burgers of partijen,
maar is de overheid die bij monde v/h Openbaar Ministerie een persoon ter
verantwoording roept omdat hij de normen die in deze maatschappij gesteld zijn, in
het strafrecht overtreden heeft
slachtoffer maakt het burgerlijke luik in de strafzaak uit, als de partij die
schadevergoeding eist eis van het slachtoffer blijft privaatrechtelijk
B. Welke gedragingen zijn strafbaar
in strafrecht gaat het om menselijke gedragingen:
gedraging die op zich strafbaar gesteld werd
o actieve gedraging (vb. slagen en verwondingen, diefstal)
o nalaten bepaalde handeling te stellen (vb. nalaten hulp te bieden aan
een persoon in nood)
gedraging die op zich niet strafbaar is, maar strafbaar wordt door ongewilde
gevolg (vb. verkeersongeval waarbij iem gewond raakt, waardoor er sprake
kan zijn van ernstig gebrek aan voorzichtigheid of voorzorg)
gaat ALTIJD om gedragingen van mensen;
dieren zij niet strafbaar & hun gedragingen kunnen een strafrechtelijk gevolg
hebben voor de mensen die erbij betrokken zijn (opzet, zware fout, dier gebruiken
als wapen etc.)
,LET OP! onder gedragingen van mensen worden ook gedragingen van
rechtspersonen begrepen
rechtspersoon kan aansprakelijk gesteld worden voor strafbare gedragingen die
een intrinsiek verband hebben met de verwezenlijking van zijn voorwerp of de
waarneming van zijn belangen, of zoals blijkt uit de concrete omstandigheden, voor
zijn rekening gepleegd zijn
C. Onder welke voorwaarden
wet bepaalt welke elementen aanwezig moeten zijn opdat bepaalde gedraging een
misdrijf zou uitmaken ;
alle elementen die in de wet opgesomd staan, moeten aanwezig zijn opdat van een
misdrijf sprake kan zijn
D. In welke omstandigheden
verschillende gedragingen kunnen al dan niet strafbaar zijn, zwaarder of minder
zwaar strafbaar naargelang van de omstandigheden waarin ze zich voordoen
gewelddaden en doodslag maken onder bep. omstandigheden geen misdrijf
uit -> als ze gebeuren onder de omstandigheid van wettige verdediging
geven aanleiding tot een lagere straf als er sprake is van uitlokking
straf w verhoogd als verzwarende bestanddelen zijn, vb. doodslag w gestraft
als moord, dus een niveau hoger, wanneer ze gepleegd is vanuit een
discriminerende drijfveer (art. 99 Sw.)
foltering gepleegd door persoon met openbare functie i/d uitoefening van
die functie (politie) w ook gestraft met straf van hoger niveau (art. 114 Sw.)
voor vele misdrijven is in ‘verzwarende factoren’ voorzien; wil zeggen dat de
rechter binnen het strafniveau een hogere straf zal toepassen
verzwarende factoren kunnen zijn:
- dader is bloedverwant
- slachtoffer is minderjarig
- gepleegd op persoon met maatschappelijke functie
- gepleegd door 2 of meer personen gezamenlijk
- met behulp van een wapen
- gepleegd vanuit culturele drijfveren, gewoontes, tradities, religie of
zogenaamde ‘eer’
andere factoren die zwaarte van straf mee bepalen:
- rechtvaardigingsgronden
- verschoningsgronden
- poging
- samenloop
- etc.
E. Tegenover welke personen
2
,hoedanigheid van dader en slachtoffer maken dikwijls verschil uit in strafrecht
als slachtoffer de Koning of troonopvolger is, zijn de straffen zwaarder dan
wanneer het een gewone persoon is (art. 551-557 Sw.)
zelfde voor doodslag op minderjarige, intrafamiliale doodslag (dader &
slachtoffer)
doodslag op persoon met maatschappelijke functie gepleegd naar aanleiding
van uitvoering van die functie w ook zwaarder gestraft
maken dikwijls verzwarend bestanddeel uit voor meest uiteenlopende
misdrijven ; wie zijn die personen? zie art. 79 Sw.
F. Sancties en/of maatregelen
verschil tss strafrecht en moraal; ligt in feit dat strafrecht gedragingen bevat door de
wet als strafbaar bepaald werden
zijn verschillende gedragingen die moreel afgekeurd worden, terwijl ze niet
strafbaar zijn (prostitutie, sommige gedragingen in de sociale zekerheid)
bij gedragingen die als misdrijf beschouwd worden zijn ook gedragingen die moreel
niet (zo) afgekeurd worden maar strafbaar gesteld zijn om zekere orde in
maatschappij te behouden (sommige bepalingen in verkeerswetgeving,
verplichtingen in verband met burgerlijke stand)
+ zijn ook onderhevig aan enorme evolutie, naargelang de tijdsgeest (wetgeving in
verband met roken op publieke plaatsen, drugswetgeving etc.)
sancties hebben evolutie gekend van straf die repressief bedoeld was (wraak, leed
opleggen) naar sanctie die meer gericht is op preventie en herstel
behalve de gekende sancties als boetes, werkstraf en vrijheidsberoving zijn er sinds
2014 ook straf onder elektronisch toezicht (= enkelband) en autonomie
probatiestraf
autonome probatiestraf = gedurende bep. periode bijzondere voorwaarden naleven
als alternatief van een gevangenisstraf of geldboete
er zijn ook verschillende (beveiligings)maatregelen voorzien die kunnen w opgelegd
vb. in jeugdbescherming
nieuw strafwetboek gaat ervanuit dat vrijheidsberoving het ‘ultimum remedium’
moet zijn het laatste redmiddel ; omdat dit dikwijls nefaste werking heeft
elke straf moet aangepast zijn aan de persoon van de veroordeelde, men werkt
daarom met strafniveaus waarbinnen de rechter kan werken om een aangepaste
straf uit te spreken voor de betrokkene
+ aantal nieuwe straffen:
dienstverleningsstraf ten gunste v/d maatschappij (voor rechtspersonen)
verlengde opvolging (= terbeschikkingstelling van de strafrechtbank)
G. Welke publiekrechtelijke organen zijn bevoegd en op welke manier
3
, onderscheid zit ts materieel en formeel strafrecht
materieel strafrecht
= geheel van rechtsregel die strafbare gedragingen beschrijven en de sancties
die daarop van toepassing zijn: strafwetboek en bijzondere strafwetten
o diefstal is strafbaar
o gewelddaden tegen personen zijn strafbaar
o gebruik en verhandelen van illegale drugs is strafbaar
formeel strafrecht
= beschrijft wie bevoegd i om over deze gedragingen te oordelen en op welke
manier, volgens welke procedure dat moet gebeuren
w voornamelijk beschreven in wetboek van strafvordering
o wanneer is correctionele rechtbank bevoegd
o voor welke misdrijven is hof van assisen bevoegd
o als de onderzoeksrechter zijn onderzoek afgesloten heeft moet er
gevorderd worden voor een onderzoeksgerecht
o geen rechtstreekse dagvaarding voor de rechter ten gronde
o bij hof van assisen w de schuldvraag beantwoord door een lekenjury
2. HET LEGALITEITSBEGINSEL
niemand kan gestraft worden voor een misdrijf waarvan de bestanddelen niet in de
wet werden omschreven
A. Nullum crimen sine lege: geen misdrijf zonder wet
gedraging is maar strafbaar als dusdanig in de wet beschreven staat
er is GEEN ruimte voor vrije of analoge interpretatie als daardoor het
toepassingsgebied van de wet uitgebreid wordt
gedraging die ongeoorloofd lijkt maar niet in de strafwet bepaald is, kan NIET
bestraft worden
spreken ook van een misdrijf als de feiten een misdrijf uitmaken volgens de
algemene beginselen die door de internationale volkerengemeenschap worden
erkend
B. Nulla poena sine lege: geen straf zonder wet
strafwet voorziet bepaalde sancties voor de verschillende strafbare gedragingen
zijn deze sancties die de rechter moet toepassen en moet binnen de door de
strafwet opgelegde grenzen blijven
4