NEUROWETENSCHAPPEN – NEUROANATOMIE
Hulp: https://thebrain.mcgill.ca/index.php
Algemene leerdoelen neuroanatomie
• De student kent de anatomische nomenclatuur die gebruikt wordt om de structuren van het
centrale en perifere zenuwstelsel te beschrijven
• De student is in staat om de macro-, en microscopische anatomische structuren van het
centrale en perifere zenuwstelsel te herkennen en te benoemen op figuren, preparaten,
schema’s en medische beeldvorming.
• De student heeft inzicht in de functies van de diverse neuro-anatomische structuren en –banen
• De student kent de klinische relevantie van de besproken structuren en kan klinische
bevindingen anatomisch verklaren
LES 1: CEREBRALE TOPOGRAFIE
Leerdoelen
• De verschillende elementen van het CZS kennen en kunnen benoemen op figuren en medische
beeldvorming
• De componenten van de basale kernen kennen en kunnen benoemen op figuren en medische
beeldvorming. Kennis hebben van de verschillen in nomenclatuur.
• De positie van de capsula interna kunnen weergeven, de verschillende elementen kunnen
benoemen en inzicht hebben in de continuïteit van de corona radiata, de capsula interna en
het crus cerebri
OPPERVLAKTE ANATOMIE
Het zenuwstelsel wordt verdeeld in;
• Centraal zenuwstelsel = de hersenen en het ruggenmerg
• Perifeer zenuwstelsel = de 12 paren van craniale zenuwen, de andere zenuwen van het
lichaam en hun cellichamen
De hersenen worden op embryologische basis verdeeld in;
• Telencephalon
• Diencephalon
• Mesencephalon
• Pons en cerebellum
• Medulla oblongata: verlengde merg
Structuren ontwikkelen zich vanuit het prosencephalon, mesencephalon, het rhomnencephalon en het
ruggenmerg (=medulla spinalis)
1
,Componenten van het zenuwstelsel
• Cerebrum = grote hersenen
• Cerebellum = Kleine hersenen
• Hersenstam
- Mesencephalon = bovenste deel van de hersenstam
- Pons
- Medulla oblongata
• Medulla spinalis
• Perifeer zenuwstelsel
Anatomische vlakken
• Bij elke figuur, bij elke beeldvorming is het belangrijk om je goed te oriënteren
• Drie belangrijkste radiatorische anatomische vlakken
- Horizontale vlak = overlangse doorsnede = axiale vlak
- Coronale vlak = doorsnede van oor tot oor (dan kijk je in vooraanzicht)
- Sagittale vlak = vlak recht door de middenlijn of evenwijdig met de middenlijn waarbij je
een zijaanzicht gaat creëren, in het midden t.h.v. de neus
Ø Parasagittaal: schuift iets meer op naar links of rechts
• Anterior/posterior
• Ventraal/dorsaal
• Posterior/inferior
2
, CEREBRUM
• Hemisferen (2)
- 2 helften zijn met elkaar verbonden via het corpus callosum (soort van balkje)
- Twee hersenhelften komen samen op de middenlijn ter hoogte van de hersenbalk = corpus
callosum
• Lobben of kwabben (5)
- in elke hemisfeer zijn er 5 lobben/kwabben
• Fissuren, sulci en gyri (à groeven en windingen voor oppervlakte-vergroting)
- fissuren zijn diepere groeven
- sulci zijn minder diepe groeven, zij helpen de grenzen v.d. lobben te definiëren
- gyri zijn windingen
- Centrale sulcus (Rolandische fissuur): vormt grens tussen verschillende gebieden
- Laterale sulcus (Sylvische fissuur)
- Pariëto-occipitale sulcus
- Longitudinale fissuur: middenvlak van de hersenen
• Hersenen zijn niet glad, die bestaat uit groeven en windingen (sulci en gyri) à deze zorgen
voor een oppervlaktevergroting van de hersenschors
• Sulci (groeven) of gyri (windingen) hebben anatomische herkenningspunten à laten toe om
een onderverdeling te maken van het cerebrum in verschillende lobben (is specifiek voor elk
individu = variabiliteit van persoon tot persoon)
- Vier groeven hierboven opgelijst, zijn heel belangrijk!!!
GYRI EN SULCI
A = LATERAAL
• Links: achteraan = occipitaal
• Rechts: vooraan = frontaal
• Sulcus centralis = belangrijke scheidingslijn
tussen de voorste en achterste hersenkwab
- Hierrond liggen twee gyri: precentrale en
postcentrale gyrus en deze herbergen de
primaire motorische hersenschors en de
primaire sensibele hersenschors
• Laterale sulcus = sylvische fisssuur =
scheidinsgvlak tussen verschillende
hersenkwabben
B = MEDIAAL (corpus callosum is doorgesneden)
3
, • Links: vooraan
• Rechts: achteraan
• Pariëto-occipitale sulcus
• Longitudinale fissuur = groeve die het scheidingsvlak
vormt tussen beide hemisferen
INSULA
• ‘Eiland’
- Sylvische fissuur gaan we open spreiden (sylvische fissuur/laterale sulcus is in de diepte
opengesneden) = eiland = insula
• Binnenwaartse plooi van de hersenhemisferen
• Bodem van de laterale fissuur
• Begrenzing: cerebrale cortex van frontale, pariëtale en temporale kwabben = operculum (=
lippen van cortex)
HERSENKWABBEN (LOBBEN)
= zijn gecorreleerd met bepaalde functies en handelingen
Functionele anatomie
• Motorische en sensorische hersenschors
• Occipitale cortex: visuele pathway/banen
• Frontale kwab: gedragscontrole en gedragsinhibitie, maar ook verschillende cognitieve
vaardigheden
- Problemen: mensen die verbaal ontremd zijn, sociaal minder gepast reageren,
seksuele ontremming, ontremming in gedragscontrole…
• Net voor de motorische cortex à premotorische regio’s: beweging van het hoofd en de ogen
- Frontale blikcentra
4
Hulp: https://thebrain.mcgill.ca/index.php
Algemene leerdoelen neuroanatomie
• De student kent de anatomische nomenclatuur die gebruikt wordt om de structuren van het
centrale en perifere zenuwstelsel te beschrijven
• De student is in staat om de macro-, en microscopische anatomische structuren van het
centrale en perifere zenuwstelsel te herkennen en te benoemen op figuren, preparaten,
schema’s en medische beeldvorming.
• De student heeft inzicht in de functies van de diverse neuro-anatomische structuren en –banen
• De student kent de klinische relevantie van de besproken structuren en kan klinische
bevindingen anatomisch verklaren
LES 1: CEREBRALE TOPOGRAFIE
Leerdoelen
• De verschillende elementen van het CZS kennen en kunnen benoemen op figuren en medische
beeldvorming
• De componenten van de basale kernen kennen en kunnen benoemen op figuren en medische
beeldvorming. Kennis hebben van de verschillen in nomenclatuur.
• De positie van de capsula interna kunnen weergeven, de verschillende elementen kunnen
benoemen en inzicht hebben in de continuïteit van de corona radiata, de capsula interna en
het crus cerebri
OPPERVLAKTE ANATOMIE
Het zenuwstelsel wordt verdeeld in;
• Centraal zenuwstelsel = de hersenen en het ruggenmerg
• Perifeer zenuwstelsel = de 12 paren van craniale zenuwen, de andere zenuwen van het
lichaam en hun cellichamen
De hersenen worden op embryologische basis verdeeld in;
• Telencephalon
• Diencephalon
• Mesencephalon
• Pons en cerebellum
• Medulla oblongata: verlengde merg
Structuren ontwikkelen zich vanuit het prosencephalon, mesencephalon, het rhomnencephalon en het
ruggenmerg (=medulla spinalis)
1
,Componenten van het zenuwstelsel
• Cerebrum = grote hersenen
• Cerebellum = Kleine hersenen
• Hersenstam
- Mesencephalon = bovenste deel van de hersenstam
- Pons
- Medulla oblongata
• Medulla spinalis
• Perifeer zenuwstelsel
Anatomische vlakken
• Bij elke figuur, bij elke beeldvorming is het belangrijk om je goed te oriënteren
• Drie belangrijkste radiatorische anatomische vlakken
- Horizontale vlak = overlangse doorsnede = axiale vlak
- Coronale vlak = doorsnede van oor tot oor (dan kijk je in vooraanzicht)
- Sagittale vlak = vlak recht door de middenlijn of evenwijdig met de middenlijn waarbij je
een zijaanzicht gaat creëren, in het midden t.h.v. de neus
Ø Parasagittaal: schuift iets meer op naar links of rechts
• Anterior/posterior
• Ventraal/dorsaal
• Posterior/inferior
2
, CEREBRUM
• Hemisferen (2)
- 2 helften zijn met elkaar verbonden via het corpus callosum (soort van balkje)
- Twee hersenhelften komen samen op de middenlijn ter hoogte van de hersenbalk = corpus
callosum
• Lobben of kwabben (5)
- in elke hemisfeer zijn er 5 lobben/kwabben
• Fissuren, sulci en gyri (à groeven en windingen voor oppervlakte-vergroting)
- fissuren zijn diepere groeven
- sulci zijn minder diepe groeven, zij helpen de grenzen v.d. lobben te definiëren
- gyri zijn windingen
- Centrale sulcus (Rolandische fissuur): vormt grens tussen verschillende gebieden
- Laterale sulcus (Sylvische fissuur)
- Pariëto-occipitale sulcus
- Longitudinale fissuur: middenvlak van de hersenen
• Hersenen zijn niet glad, die bestaat uit groeven en windingen (sulci en gyri) à deze zorgen
voor een oppervlaktevergroting van de hersenschors
• Sulci (groeven) of gyri (windingen) hebben anatomische herkenningspunten à laten toe om
een onderverdeling te maken van het cerebrum in verschillende lobben (is specifiek voor elk
individu = variabiliteit van persoon tot persoon)
- Vier groeven hierboven opgelijst, zijn heel belangrijk!!!
GYRI EN SULCI
A = LATERAAL
• Links: achteraan = occipitaal
• Rechts: vooraan = frontaal
• Sulcus centralis = belangrijke scheidingslijn
tussen de voorste en achterste hersenkwab
- Hierrond liggen twee gyri: precentrale en
postcentrale gyrus en deze herbergen de
primaire motorische hersenschors en de
primaire sensibele hersenschors
• Laterale sulcus = sylvische fisssuur =
scheidinsgvlak tussen verschillende
hersenkwabben
B = MEDIAAL (corpus callosum is doorgesneden)
3
, • Links: vooraan
• Rechts: achteraan
• Pariëto-occipitale sulcus
• Longitudinale fissuur = groeve die het scheidingsvlak
vormt tussen beide hemisferen
INSULA
• ‘Eiland’
- Sylvische fissuur gaan we open spreiden (sylvische fissuur/laterale sulcus is in de diepte
opengesneden) = eiland = insula
• Binnenwaartse plooi van de hersenhemisferen
• Bodem van de laterale fissuur
• Begrenzing: cerebrale cortex van frontale, pariëtale en temporale kwabben = operculum (=
lippen van cortex)
HERSENKWABBEN (LOBBEN)
= zijn gecorreleerd met bepaalde functies en handelingen
Functionele anatomie
• Motorische en sensorische hersenschors
• Occipitale cortex: visuele pathway/banen
• Frontale kwab: gedragscontrole en gedragsinhibitie, maar ook verschillende cognitieve
vaardigheden
- Problemen: mensen die verbaal ontremd zijn, sociaal minder gepast reageren,
seksuele ontremming, ontremming in gedragscontrole…
• Net voor de motorische cortex à premotorische regio’s: beweging van het hoofd en de ogen
- Frontale blikcentra
4