Wat is (beschrijvende) statistiek?
Statistiek = de wetenschap van het verzamelen van gegevens, het classificeren, samenvatten,
organiseren, analyseren en interpreteren van deze informatie.
- Classificeren: het in hokjes verdelen van info, moeilijker bij open vragen
- Samenvatten: gebeurt op heel veel manieren ➔ procenten, gemiddelde, grafieken…
- Organiseren: welke gegevens zijn het belangrijkste
- Analyseren: wat wilt het zeggen of wat zou het kunnen zeggen
- Interpreteren: dit wil het zeggen
Beschrijvende vs. inductieve statistiek
Beschrijvende statistiek (focus bij statistiek 1)
- Verzamelen: gaat over werken met steekproeven
o Steekproef = een deeltje van de populatie is bevraagd
- Samenvatten: met spreidingsmaten
o Kengetallen: centrummaten, samenvatten in getallen
o Grafisch: staafdiagram
- Analyseren: samenhang ➔ verband tussen zaken, je stelt meer als 1 vraag
Inductieve statistiek
= betekenis van deze resultaten in relatie tot de populatie
- “Hoeveel procent kans is het dat het gegeven waar is voor heel de populatie”
- Schattingsprobleem! Altijd een schatting
- Kunnen we een uitspraak doen voor de gehele populatie vanuit de beschrijvende
statistiek? Is het waar voor iedereen?
2 Dit is onderzoek
Doel? 3 voorwaarden: algemene uitspraken over de werkelijkheid op basis van waarnemingen
Uitspraak = een bewering waarin één of meerdere objecten een eigenschap wordt
toegeschreven
- Assepoester is eenzaam: geen goede uitspraak, het is fictief en geen algemene uitspraak
want het gaat over 1 persoon
- Mannen zijn intelligenter als vrouwen: goede onderzoeksvraag
1
,Empirisme
= stroming van Lock, Hume, Berkeley; je leert door te luisteren, kijken, voelen en ervaren
- Je ziet dat de zon elke dag opkomt = waarneming
➔ Probleem? De zon zou ooit niet meer kunnen opkomen, je moet altijd kritisch zijn als
je iets niet met 100% zekerheid kan zeggen.
Wanneer is een onderzoek wetenschappelijk
- Objectiviteit: bewust zijn van je eigen vooroordelen (verder kijken dan jezelf)
- Controleerbaarheid: zorgen dat je iets meerdere keren kan controleren (meerdere
personen)
- Herhaalbaarheid: transparant zijn zodat iemand anders het ook kan doen en tot
hetzelfde resultaat zal komen
- Systematiek: niet eerst de resultaten bekijken, onderzoek in logische volgorde afnemen
- Vraag ➔ antwoord ➔ conclusie
Natuur- vs. gedragswetenschappers
- Natuurwetenschappers: wetmatigheden (iets zal altijd gebeuren)
- Gedragswetenschappers: geen wetmatigheid maar de kans is groter dat, kan je vaak
niet met zekerheid zeggen, veel dingen zijn zwart wit
Ethiek en statistiek
- Onderzoek publiceren dat pretendeert significante resultaten gevonden te hebben,
terwijl dat niet zo is
➔ Significant = maatschappelijk relevant (waarom doen wetenschappers iets, waarom
stellen ze vage vragen?)
- De hoofdvraagstelling afstemmen op de resultaten van je onderzoek
➔ verkeerde volgorde, je kan geen vraag stellen obv een resultaat
- Als opdrachtgever hypothesen hebben en een onderzoeker zoeken die deze onderbouwt
➔ geen ethisch onderzoek wanneer je zelf een onderzoeker kiest voor je hypothese
- Proefpersonen geen voorlichting geven
➔ je moet altijd uitleg krijgen en weten wat er met de resultaten zal gebeuren
- Causale relaties benoemen, terwijl er geen zijn
➔ verbanden leggen die er niet zijn: “als er meer ooievaars zijn, zijn er meer kinderen”
Meer ooievaars is meer schouwen, meer schouwen is meer huizen, meer huizen meer mensen…
2
, Grafiek is hetzelfde, y-as is anders
Visualiseren voor (on)duidelijkheid te creëren
Ethisch met juiste uitleg
(On) afhankelijke variabele
- Onafhankelijke variabele = ‘oorzaak’
o Verschillen in deze variabele wordt gezien als de oorzaak van verschillen in de
afhankelijke variabele
- Afhankelijke variabele = ‘gevolg’
o Verschillen in deze variabele wordt gezien als gevolg van verschillen in de
onafhankelijke variabele
o Variabele ter studie
Groeien tomaten sneller onder natuurlijk licht, fluorescerend OV: licht
licht of een gloeilamp? AV: groei tomaten
Wat is het e]ect van het type frisdrank op de OV: type frisdrank
bloedsuikerspiegel? AV: bloedsuikerspiegel
Hoe beïnvloedt telefoongebruik in de avond de nachtrust? OV: telefoongebruik
AV: nachtrust
Wat is de invloed van verschillende voorleesmethoden op de OV: woordenschatontwikkelingen
woordenschatontwikkeling bij kinderen? AV: voorleesmethode
Experimentele opzet vs Surveyonderzoek
Experimentele opzet Surveyonderzoek
Manipulatie van variabele + impact op Geen manipulatie van variabele
afhankelijke variabele
➔ mensen die tiktak ipv antidepressiva
krijgen, hebben ander resultaat
Groepsvergelijkende experimenten – between Steekproeftrekking ➔ reeks vragen/ tests
subjects
Experimenten met herhaalde metingen –
within subjects
Mogelijkheid tot besluiten causale relaties Geen mogelijkheid tot besluiten causale
relaties of controleren
➔ oorzaak en gevolg
3
, Voorwaarden causale relaties
- De oorzaak en het gevolg moeten in een tijdruimtelijke structuur samen voorkomen
➔ ongeveer of op dezelfde moment
- De oorzaak dient vooraf te gaan aan het gevolg
➔ chronische stress eerst, dan klachten
- Het gevolg zal nooit optreden zonder het voorkomen van de oorzaak
➔ geen gevolg zonder oorzaak, stress komt niet zonder trigger, bijten niet zonder cc…
- Indien de oorzaak aanwezig is, moet het gevolg er ook zijn
➔ water zal altijd koken als het de 100°C heeft bereikt
Fasen onderzoeksproces
1. De vraagstelling
2. Het literatuuronderzoek
3. De operationalisering
4. De steekproefopzet
5. Het verzamelen van de gegevens
6. De analyse van de resultaten
7. De rapportage
Fase 1: de vraagstelling
- Ontstaat uit fundamenteel onderzoek – theorie ➔ iets dat je weet
- Ontstaat uit spontane observaties – praktijk ➔ je ziet iets en wilt dit onderzoeken
- Ontstaat uit toegepast onderzoek – praktijk ➔ vanuit een vorig onderzoek
o Gebruik een vraagvorm
o Specificeer begrippen (relatien: in verband brengen, uitleg doen)
o Geen oordelende vragen
o Hoofd- en deelvragen
Drie type vragen
- Voorkomen van iets
- Verschillen tussen de groepen
- Samenhang
Fase 2: het literatuuronderzoek
Je onderzoekt verschillende bronnen die geen AI-toepassingen zijn en bundelt deze om zaken te
definiëren
4