2026
Gezinspedagogiek
GEZINNEN IN SOORTEN
STERRE ROBBERECHTS
,Gezinspedagogiek | Sterre Robberechts
1
, Gezinspedagogiek | Sterre Robberechts
Thema 1 – Vraagstelling en identiteit
1. Het gezin
Het gezin kunnen we op ≠ manieren definiëren:
a. De definitie van een gezin volgens het Hoger Instituut Gezinswetenschappen
“Een gezin is een huishouden met als essentiële kenmerken de combinatie van meer dan één
generatie en tussen deze generaties een zorgafhankelijkheid (kinderen zijn afhankelijk van hun ouders OF ouders zijn afhankelijk van
hun kinderen). Ouderschap en veelal partnerschap zijn samenstellende elementen van een gezin. In een
gezin is er sprake van minstens één ouder en één kind. Gezinsrelaties zijn solidair en niet-vrijblijvend.
Een gezin kan verschillende vormen (grote diversiteit tussen gezinnen maar ook binnenin het gezin) aannemen. Iemand kan
opeenvolgend, of zelfs gelijktijdig lid zijn van verschillende gezinnen (vb. Lid van verschillende gezinnen → kind van gescheiden
ouders, maakt deel uit van gezin papa maar ook van gezin mama.)”
b. ‘Gezin’ in demografisch onderzoek
“Bestaat uit ofwel één persoon die alleen leeft, ofwel uit twee of meer personen die al dan niet door
familiebanden verbonden, gewoonlijk eenzelfde woning betrekken en er mee samenleven”
Particulier huishouden versus collectief huishouden
• Particulier huishouden = Eén persoon of een groep mensen die samenwoont en een
gezamenlijke huishouding voeren.
• Collectief huishouden = Een groep mensen die samenwoont in een instelling, maar
geen gezamenlijke huishouding voeren. Vb. rusthuizen, …
Gebaseerd op geregistreerde en administratieve cijfers afkomstig van officiële databronnen zoals het
rijksregister
Maar! Deze visie weerspiegelt een bepaalde werkelijkheid maar komt niet altijd overeen met hoe
mensen hun gezinnen zelf omschrijven
• Vb. Een kind van gescheiden ouders kan maar op één adres gedomicilieerd zijn. Daardoor lijkt
het alsof het kind alleen bij de moeder woont, terwijl het ook regelmatig bij de vader verblijft.
Hierdoor krijg je niet altijd een goed beeld van de werkelijkheid
c. “Gezin” volgens Levine
Een gezin is méér dan het vroegere wettelijke, biologische en economische kader. Is een subjectief
fenomeen, elk gezin moet zichzelf definiëren
• Vb. een samenwoonde vriendgroep, kotgenoten, …
Er moet sprake zijn van solidariteitsrelaties tussen individuen met diepe persoonlijke bindingen en
reciprociteit (= wederkerigheid)
• = brede definitie: gezin bestaat niet noodzakelijk uit ouder en kind
2
, Gezinspedagogiek | Sterre Robberechts
d. “Gezin” in wetenschappelijk onderzoek
Samenlevingsvorm van enkele mensen, die contextbepaald → hoe gezin omschreven wordt, hangt af
van wat men onderzoekt
Eenduidige definitie ‘gezin’ niet evident, dit door maatschappelijke veranderingen
• Loskoppeling partnerschap en huwelijk
o Relatievormen versus wettelijke regelingen
• Loskoppeling partnerschap en ouderschap; er is een verschil in
o Relatie tussen partners
o Relatie tussen ouder en kind
o Relaties tussen ‘co’-ouders (opvoeders)
• Sociaal versus biologisch/genetisch ouderschap
o Sociaal ouderschap = geen bloedband tussen ouder en kind vb. pleegkinderen
o Biologisch ouderschap = bloedband tussen ouder en kind
• Diversiteit aan gezinnen → veranderingen in samenstelling en grootte
o Toename eenoudergezinnen en éénpersoonshuishoudens; kleinere gezinnen; ...
o Veel minder klassieke gezinnen dan vroeger, veel meer diversiteit in gezinnen
Gezin als diversiteit in samenlevingsvormen
• Een gezin = Een verband waar mensen met elkaar samenleven en voor de buitenwereld als
zodanig herkenbaar
Er bestaat er breed spectrum aan gezinnen
• Kerngezin Een gezin bestaande uit ouders en hun kinderen, die samen onder één dak wonen.
• Grootfamilie Meerdere generaties wonen samen, zoals grootouders, ouders en kleinkinderen.
• Klassiek uitgebreid gezin Familieleden wonen samen en delen het huishouden (bv. ouders, kinderen, grootouders)
• Gemodificeerd uitgebreid gezin Familie woont apart maar blijft nauw betrokken en helpt elkaar.
• Eenoudergezin Een ouder woont samen met één of meerdere kinderen, zonder partner in huis.
• Ongehuwd samenwonenden Twee mensen wonen samen als koppel, maar zijn niet wettelijk getrouwd.
• LAT-relatie = Living Apart Together relation Een koppel heeft een relatie maar woont bewust op aparte adressen.
• Nieuw-samengesteld gezin Een gezin waarin één of beide partners kinderen hebben uit een vorige relatie, en samen een nieuw gezin vormen.
• Holebigezin of ‘regenbooggezin’ Een gezin met één of twee ouders die holibie zijn, vaak met biologische of geadopteerde kinderen.
• Cohousing of samenhuizen ≠ mensen of gezinnen wonen samen in 1 gebouw, delen ruimtes en taken, maar hebben elk hun eigen privéleven.
• Polyamoureuze relatie Een relatievorm waarbij mensen meerdere liefdesrelaties tegelijk hebben, met instemming van alle betrokkenen.
… en er bestaat ook een breed spectrum aan “ouders”
• Biologische ouder Degene van wie je genetisch afstamt (je hebt hun DNA).
• Sociale ouder Degene die voor je zorgt en opvoedt, maar niet per se je biologische ouder
• Wettelijke of juridische ouder Degene die volgens de wet als ouder wordt erkend, met rechten en plichten
3