Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting toetstermen Publiekrecht

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
17
Geüpload op
13-02-2026
Geschreven in
2023/2024

Dit document bevat een samenvatting van de toetstermen publiekrecht afkomstig van: Kwalificatiedossier-Assistent-Makelaar-Wonen-v.2.

Instelling
AVVARMT

Voorbeeld van de inhoud

Publiek recht, ook wel civiel recht genoemd

Ordent het recht in het algemeen en het staatssysteem in plaats en functie binnen het publiekrecht van het
Nederlandse rechtssysteem.

Awb = Algemene wet bestuursrecht
Wonw = Woningwet A34
Huisvw = Huisvestingswet A35
LW/Leegstw = Leegstandsweg A36
Wro = Wet Ruimtelijke Ordening A37
Bro = Besluit Ruimtelijke Ordening A38
WVGem (Wvg) = Wet voorkeursrecht gemeenten A39
WM = Wet milieubeheer A53
WGH = Wet geluidshinder A61
Ow = Onteigeningswet A41


A. RECHT ALGEMEEN
Ordent het recht in het algemeen en het staatsrecht in plaats en functie binnen het publiekrecht van het
Nederlandse rechtssysteem.

A.1. Beginselen van het recht
A.1.1. Verdeling van het recht in zijn belangrijkste rechtsgebieden
A.1.1.1 Brengt onder woorden wat de betekenis van het recht in algemene zin is
Het recht is het geheel van regels om de samenleving te ordenen.

A.1.1.2 Onderscheidt het recht in zijn belangrijkste rechtsgebieden binnen het Nederlandse rechtssysteem
-Privaatrecht regelt de rechtsverhouding tussen burgers en/of bedrijven en/of overheid
-Publiekrecht regelt de relatie tussen overheid en burgers en overheden onderling
-Materieel recht regels over normen en waarden waar je je aan dient te houden
-Formeel recht alle regels over procedures
-Objectief recht geheel van geschreven en ongeschreven recht, voor iedereen geldig
-Subjectief recht niet voor iedereen geldend, bepaald individu of groep
-Dwingend recht kan niet vanaf worden geweken, kenmerkende woorden zijn: moeten, stellen vast
-Aanvullend recht partijen mogen onderling zelf afspraken maken hoe zij hun overeenkomsten of contracten
willen regelen. Wanneer partijen niets hebben geregeld, voorziet de overheid zelf in een regeling ‘het
aanvullend recht’, kenmerkende woorden zijn; tenzij, mag, kan; kun je er nog vanaf wijken?

A.1.1.3 Licht de samenhang tussen rechtsbedeling, overheidsmacht en overheidsgezag binnen het Nederlandse
rechtssysteem toe
Rechtsbedeling = de wijze waarop recht wordt toegepast. Wanneer overheidsmacht rechtmatig wordt
uitgeoefend, wordt overheidsmacht overheidsgezag.

A.1.2. Onderscheid rechtsgebieden in het publiekrecht
A.1.2.1 Benoemt specifieke rechtsgebieden binnen het publieksrecht
-Staatsrecht; hoe het land/de staat georganiseerd is  de Grondwet
-Nederland heeft een monarchie met parlementaire stelsel (1e en 2e kamer)
-Nederlands regeringsvorm: Parlementaire democratie
-de Trias Politica, bedacht door Montesquieu, moet strikt worden onderscheiden (anders is misbruik
mogelijk) en scheiden van 3 overheidsmachten:
1. Wetgevende macht
2. Uitvoerende macht
3. Rechtsprekende macht
-Vereisten om staat te zijn:
-Landsgrens/begrenzing


1
Toetstermen Publiekrecht

, -Er moeten mensen wonen
-Centraal gezag/hoogste gezag/overheid
-Strafrecht
-Bestuursrecht
-Internationaal recht

A.1.3. Privaat en publiekrecht
A.1.3.1 Brengt de begrippen privaatrecht en publiekrecht onder woorden
-Privaatrecht: regelt de rechtsverhouding tussen burgers en/of bedrijven en/of overheid
-Publiekrecht: regelt de relatie tussen overheid en burgers en overheden onderling

A.1.3.2 Licht de verschillen tussen privaat en publiekrecht toe
-Privaat = burger
-Publiek = overheid

A.1.3.3 & 4 Benoemt en licht toe de verschillende verschijningsvormen van de overheid (privaat- en
publiekrecht)
De overheid kan op twee manieren deelnemen aan het rechtsverkeer. De overheid kan van zowel van
publiekrechtelijke als privaatrechtelijke bevoegdheden gebruiken.
Privaat; de overheid kan overeenkomsten sluiten en optreden als eigenaar. Hier is dan sprake van een
handelen dat gelijk is aan het handelen van burgers. In dit geval spreken we van privaatrechtelijk handelen.

A.1.4. Codificatie van het recht
1.4.1 Beschrijft wat onder codificatie van het recht wordt verstaan
Het vastleggen van het recht/rechtsregels in wetten/wetboeken. Bijv. de wet heeft het burgerlijk recht
geregeld in het Burgerlijk Wetboek. Nederlands privaatrecht is vrijwel geheel gecodificeerd. Uitzondering;
openbare orde, goede zeden, redelijkheid en billijkheid.

1.4.2 Licht toe in hoeverre het publiekrecht is gecodificeerd
Het publiek recht is oa. gecodificeerd in de Grondwet, het Wetboek van Strafrecht en het Wetboek van
Strafvordering, de Algemene wet bestuursrecht en diverse bijzondere bestuur wetten. (Wet Ruimte Ordening,
Wet algemene bepalingen, Drank- en horecawet etc).

A.1.5. Rechtsbronnen
A.1.5.1 Benoemt de soorten (formele) rechtsbronnen binnen het Nederlandse rechtssysteem
-Internationale verdragen
-Grondwet
-Jurisprudentie
-Gewoonte recht
-Organieke wetten; altijd wet in formele zin (wetten die volgen vanuit de Grondwet bijv: gemeente wet,
organisatie vd staat)
-Wetten die in het bijzonder bestuursrecht regelen

A.2. Staatsrecht
A.2.1. Wettelijke grondslagen en staatsorganisatie
A.2.1.1 Benoemt het begrip Staat
Een staat wordt gevormd door een afbakent grond gebied waarom een gemeenschap van mensen leeft. Binnen
dat grondgebied en over die gemeenschap van mensen oefent een centrale overheid gezag uit.
Vereisten om staat te zijn:
-begrenzing/landgrens
-er moeten mensen wonen
-centraal gezag/hoogste gezag/overheid

A.2.1.2 Benoemt de staats- en regeringsvorm van Nederland
Constitutionele monarchie met een parlementair stelsel



2
Toetstermen Publiekrecht

, A.2.1.3 & 4 Beschrijft de betekenis en doelstelling van de leer van de Trias Politica in het kader van
staatsrecht
De macht van de overheid (wetgeving, uitvoering en rechtspraak) worden gescheiden door 3 machten, met als
doel een redelijke en eerlijke wetgeving, uitvoerting en rechtspraak.
1. Wetgever – wetgeving = parlementair en regering
2. Rechterlijke macht – Hoge raad, gerechtshoven, Raad van State
3. Uitvoerende macht – Ministers en Staatssecretarissen

A.2.1.5 Licht vanuit de Trias Politica toe in hoeverre de machtenscheiding in Nederland is doorgevoerd
De scheiding der machten is in Nederland niet strikt doorgevoerd. (Een minister kan bijv. ook zelf regels stellen)

A.2.1.6 & 7 Beschrijft en benoemt voorbeelden van de begrippen territoriale decentralisatie en functionele
decentralisatie binnen het staatsrecht
-Territoriale decentralisatie: in een bepaald gebied oefent de lagere overheid een breed pallet van taken uit
(gemeente en provincie)
-Functionele decentralisatie: In een bepaald gebied oefent de lagere overheid over het algemeen 1 of slechts
enkele functies/taken uit (waterschap)

A.2.1.8 & 9 Beschrijft de betekenis en inhoud van de Grondwet in het staatsrecht
De Grondwet is het belangrijkste staatsdocument en hoogste nationale wet van Nederland.
Zij bevat de regels voor onze staatsinstellingen en de grondrechten van de burgers. Daarnaast bevat de
Grondwet regels over bestuur, wetgeving en rechtspraak.

A.2.1.10 Brengt onder woorden wat het staatshoofd in het staatsbestel betekend 
Dat betekent dat de positie van de Koning in de Grondwet staat, ook wel constitutie genoemd. In de Grondwet
staat dat de Koning samen met de ministers de regering vormt. De Koning is het staatshoofd van het Koninkrijk
der Nederlanden. Sinds 30 april 2013 is dit koning Willem-Alexander.

A.2.1.11 Beschrijft het begrip koning binnen het Nederlandse staatsrecht
De Koning ondertekent alle wetten en Koninklijke besluiten en bekrachtigt internationale verdragen. Op
Prinsjesdag spreekt hij de Troonrede uit. De Grondwet bepaalt dat de Koning ministers en staatssecretarissen
benoemt en ontslaat en dat zij ten overstaan van het staatshoofd worden beëdigd.

A.2.1.12 Beschrijft het begrip kroon binnen het Nederlandse staatsrecht
'De Kroon' is een ander woord voor de regering. Staatsrechtelijk hebben in ons land de Koning en de ministers
de regeringsmacht.

A.2.1.13 Beschrijft het begrip kabinet binnen het Nederlandse staatsrecht
Met het begrip kabinet worden alle ministers en staatssecretarissen bedoeld. Een kabinet wordt genoemd naar
de minister-president, bijvoorbeeld het kabinet-Drees of het kabinet-Kok. In het spraakgebruik worden de
begrippen regering en kabinet vaak door elkaar gebruikt. Strikt genomen, is er echter een verschil tussen beide.
Met de term 'regering' duiden we het staatshoofd (koning of koningin) samen met de ministers aan.

A.2.1.14 Beschrijft het begrip regering binnen het Nederlandse staatsrecht
De regering is het centrale bestuur van ons land en bestaat uit de Koning en de ministers. Omdat de Koning
onschendbaar is en de ministers verantwoordelijk zijn, wordt het kabinet, (ministers en de staatssecretarissen)
in de praktijk ook vaak regering genoemd, bijvoorbeeld de regering-Rutte. Staatsrechtelijk gezien is dat onjuist.
De Koning zit dus niet in het kabinet, en staatssecretarissen zitten niet in de regering. Een kabinet komt tot
stand na een kabinetsformatie. De ministers maken deel uit van de ministerraad, waarvan de minister-
president de voorzitter is.

A.2.1.15 Beschrijft het begrip ministerraad binnen het Nederlandse staatsrecht
De ministerraad is de vergadering van alle ministers onder leiding van de minister-president. Alle ministers, ook
de ministers zonder portefeuille, maken deel uit van de ministerraad en hebben daarin stemrecht.
Staatssecretarissen hebben alleen toegang als zij zijn uitgenodigd. In de ministerraad wordt overlegd over het
algemene regeringsbeleid. De leden dragen hiervoor een collectieve verantwoordelijkheid.


3
Toetstermen Publiekrecht

Documentinformatie

Geüpload op
13 februari 2026
Aantal pagina's
17
Geschreven in
2023/2024
Type
SAMENVATTING
€10,56
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
SchieBouw

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
SchieBouw KMR Vastgoed Opleidingen
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
-
Lid sinds
3 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
2
Laatst verkocht
-

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen