Nederlands 1
SESSIE 1 : HET VAK NEDERLANDS OP DE BASISSCHOOL
VOLOP TAAL : P 17-20
Taal
- is overal en aanwezig door heel de hele dag van lagereschoolkinderen.
- Belangrijkste sleutel competentie
- Competentie alomtegenwoordig, om complexe info te verwerken moet je bv bronnen kunnen
raadplegen en heb je sterke lees en luistervaardigheid voor nodig, om schriftelijk en mondeling
vlot uit te drukken
Taal heeft vele functies in de school en in de omgeving :
conceptualiseren de functie : lln gaat op zoek naar verschillende tussen het dagelijkse leven nu
en in de tijd van haar grootouders. Door deze zaken te benoemen , dingen te ordenen, krijgt hij
mee en meer begrip op de wereld.
Communicatieve functie : lln speelt met medelln een verhaal over een dier waarbij ze samen
betekenis aan werkelijkheid gaan geven
Expressieve functie : taal is een middel om zich te kunne uitdrukken aan persoonlijke emoties,
om te horen hoe het gaat met iemand en je bezorgdheid kan uitten.
Sociale functie : om je te kunne uitten , kennis maken met anderen , een gesprek kunnen
voeren , een band creëren
Conceptualiseren , emoties uitdrukken , in interacties gaan zijn onlosmakelijk verbonden met
identiteit die lln moet ontwikkelen
Taalcompetentie is een geheel van talige kennis , vaardigheden en attitudes die nodig zijn voor het
nodig geschreven , gesproken en multimodale teksten te begrijpen, te evalueren en te gebruiken
zodat
Volwaardige deelname aan de samenleving mogelijk wordt
De eigen doelen gerealiseerd kunnen worden
De eigen kennis en mogelijkheden levenslang en duurzaam kunnen ontwikkeld worden
LEERPAD : OEFENINGEN OP BOUWSTENEN VOOR EEN SUCCESVOLLE TAALVERWERVING
Het belang van input en output
Kinderen hebben nood aan voldoende taalaanbod om hun taal volledig te kunnen stimuleren en
ontwikkelen. Als de voorwaarde vervult wordt kunnen kinderen sneller inspelen en kunnen ze vlotter
verwerven van taal. Maar je moet hen ook nieuwe elementen aanbieden om hun taal hogere te kunnen
stimuleren.
Het brein van een kind werkt op basis van input (het talige materiaal dat binnenkrijgt), er is ook nood
aan in output ( dus om zelf te kunnen produceren) wie bepaalde soorten gesprekken vaak voeren , te
veel praten over bepaalde onderwerpen en zal daarin op termijn meer gedrevenheid tonen
Taalleerders hebben ook nood aan voldoende feedback van gesprekspartners bij het produceren van
taal. Door feedback te geven en krijgen leren ze het juiste verwoording de bepaalde aannames over
taal , gemaakt op basis van eerdere input en aftoetsen, het belang van interactie en feedback , die
sterk te verwerven staat in het belang van input en output.
Het belang van interactie en feedback
Kwaliteitsvolle interacties kan de effectiviteit van de input verhogen. Input is makkelijker opneembaar
wnr de Taalleerders onderhandelen over een betekenis van een boodschap die ze gehoord of gelezen
hebben.
Feedback moet effectiever en gefocust zijn om een de juiste vorm van inhoud : krachtige feedback is
concreet , duidelijk, taakgericht en doelgericht en bruikbaar.
,Taalverwerving is dus belangrijke mate op betekenisvolle interactie. Vlotte taalgebruikers hebben al
vaker en meer “geoefende” periodes gehad in hun leven via betekenisvolle interacties , dat gebeurt
met taalontwikkeling en beduiding van langzamer of helemaal niet. Dus voldoende kwaliteitsvolle en
interactiekansen is heel erg belangrijk.
Klasinteractie : in de klas kunnen sommige leerlingen meer de tijd en de kans om iets te antwoorden en
zijn ze meer bezig in de klas , door hardop nadenken , antwoorden geven op vragen , meningen
verdelen… Ook moet je opletten welke soorten je vragen stelt. Door gesloten vragen kan je de lln niet
voldoende kansen geven op een rijke en kwaliteitsvolle interactie
Het belang van impliciet leren en expliciete instructie
Onderzoek naar taalverwerving maakt onderscheid tussen het impliciet en expliciet leren van een taal.
Impliciet leren
- Kenmerkend voor processen van eerst taal verwevingen (baby’s tot kleuters).
- Eerste toepassing op mondeling componenten (luisteren en spreekvaardigheden)
- Bij het onbewuste cognitieve processen waarin taallerende brein investeert wordt =via een
betekenisvol en uitgebreid taalaanbod (input) via veelvuldige kansen om zelf taal te produceren
(output) en via interactieve ondersteuning van die taalproductie(interactie en feedback)
- brein gaat onbewust alles opnemen waardoor er een vlottere en complexere patronen in het
taalaanbod
- vorderingen die Taalleerders maken wnr ze het taalaanbod en hun eigen taalproductie
gebruiken voor niet talige doeleinden
o Taalverwering leer je door tijd , oefeningen maken en veel herhaling
o Impliciet leren leer je door te doen, impliciete oefenkansen , explicitering van bepaalde
aspecten van het taalsysteem en het taalgebruik
o Expliciete instructie proces versnellen , verdiepen en verrijken
Volop taal p 62 herbekijken te ingewikkeld
SESSIE 2 : DE 7 PRINCIPES VAN TAALKRACHTIGE ONDERWIJS
VOLOP TAAL P 22-53
PRINCIPE 1 : TAALKRACHTIGE ONDERWIJS STIMULEERT EEN POSITIEVE TALIGE
GRONDHOUDING
Rekening houden met de motivatie van de lln en andere sociale emotionele factoren
Een sociale en warme plek creëren om de lln te stimuleren zodat ze kunnen durven om taal
te gebruiken, oefen en plezier ervaren tijdens het leren van taal
Hoe meer kinderen zich veilig , goed en comfortabel voelen hoe meer ze gaan proberen en
de oefenkansen zullen gebruiken. Op die manier weten de lln dat ze mogen fouten maken en
dat ze aan het leren zijn.
Zonder een veilige spreek en schrijfkansen e bieden kan je niet zien hoe ver ze zitten, en kan
je geen feedback geven
Het kind aanvaarden hoe ze is , ieder heeft een persoonlijke proces en ze leren aan de hand
van eigen tempo en de manier van aanpak , geef de lln zelf de tijd en voldoende leerkansen
Waardeer ook de thuistaal van de lln zo gaan ze zich veiliger en meer gewaardeerd voelen.
Toon aan de lln dat je in he gelooft en dat je hoge verwachtingen voor hen hebt dat daagt de
lln uit (motiveert ook) , de leerlingen zullen zich zelfvertrouwder voelen en daarom de nodige
uitdagende talige taken kunnen uitvoeren
Bv laat lln een verhaal schrijven waarbij de ouders zullen het horen bij een schoolfeest.
(zelfvertrouwen + Autonomie + motivatie+ hoge verwachtingen)
Alle profi elen , de hulpbronnen inzetten bv voor lln met dyslexie , de voorkennis en de
identiteit is ij je welkom en je gaat alles wat er al is inzetten
Hogere hoger verwachten : het Nederlands sterker maken, een kind presteert op jouw manier
, je mag niet het kind lager inschatten en vervolgende de kind niet hogere verwachten
Een vrije en veilige klasklimaat : de kinderen te motiveren om iets te zeggen en zin hebben
en kunnen durven
Samen verhalen bv samen na denken , bespreken en vragen opstellen
, is gericht op de motivatie en sociaal-emotionele factoren van de lln. De doel is om een veilige
omgeving te creeren waarin de lln durven te experimenteren met taal en fouten mogen maken ,
dat doe je door de volledige talige repertoire (ook de thuistaal) omarmen en hoge verwachtinen
opstellen voor de taalleerpotentieel
PRINCIPE 2 : TAALKRACHTIGE ONDERWIJS IS CONTEXTRIJK
Geeft vorm door te vertrekken vanuit concrete materialen, vragen en situaties en die te
verbinden met meer abstracte inhouden. Zorgt voor een herkenbaarheid en tegelijk ook voor
het uitdaging. Door te vertrekken van de interesses en de leefwerelden van de lln toon je
herwaardering voor hen en dat kan je ook koppelen met de eerste principe
Het context moet rijk en ondersteunende context zijn. Woorden als vlieg en vogel leren we
door niet de defi nitie zelf aar door ons aandacht aan een vliegende dier
Dus we hebben nood aan visuele ondersteuning
bij moeilijkere begrippen zoals provinciehoofdstad is het moeilijker maar moet je toch de
omgeving en de context creëren waarbij de lln het leren gebruiken zodat ze het stimuleren
context kan je creëren met visuele ondersteuning , reële ervaringen en authentiek
materiaal , rijke taalaanbod , en veel talige ondersteuning
om leren contextrijker met nieuwe leerstof , doe je door nieuwe taal verbinden met eerdere
gekende voorkennis. Zo kan je de nieuwe kennisnetwerk en nieuwe informatie.
De nieuwe taal betekenis geven en door veel en rijk taalaaanbod te koppelen aan d eleefwereld ,
intresses en vorkennis van lln. Het gaat om de abstracte schooltaal te verbinden met concrete
ervaringen , wat motiverend werkt
PRINCIPE 3: TAALKRACHTIGE ONDERWIJS IS FUNCTIONEEL
Taal helpt om talen op te lossen
Bij het verwerking van die taken is het belangrijk om een talig doel voor ogen te houden :
zodat lln luisteren , lezen , spreken en schrijven
Uitdaging en motivatie creëert een functioneel context
Taal is als een middel om voor de lln relevante en betekenisvolle doelen te bereiken ( bv door
een stappenplan te lezen om een bloembol te planten) een functioneel doel vergoot de
motivatie en zorgt voor de nodige uitdaging in het leerproces
PRINCIPE 4 : TAALKRACHTIG ONDERWIJS IS (INTER)ACTIEF
Om taal te verwerven : zoveel mogelijk kansen krijgen, eenmaal horen is niet genoeg , veel
mondeling en schriftelijk taalaanbod veel op reageren en regelmatig feedback krijgen op
verschillende contexten en verschillende momenten
Elke lln moet voldoende persoonlijke taalaanbod krijgen (input)
Feedback op wat gezegd wordt en geschreven wordt
Taalstimulerend reageren = belangrijke onderdeel van ene goede interactieve houding
Door middel van je eigen reacties = gesprek verrijken , verbreden en beter maken
Prikkelende vragen stellen om het denken te stimuleren (bv wat denken jullie dat er gebeurd
is me de dinosaurussen?)
Rijke verwoording voor te stellen
Het belang van een goede vraagstelling mag daarbij niet onderschat worden
Open vragen zorgen er voor dat de taal gestimuleerd wordt samen het denken, je helpt de
lln zich beter uit te drukken en daarbij de nodige schooltaal te gebruiken
Er wordt functioneel gesproken door alle lln en dat doe je ervoor te zorgen dat de lln met
elkaar samen werken , take waarbij de lln elkaars input nodig hebben
Creeren van veel kansen voor de lln om taal actief te gebruiken (schriftelijk en mondeling) met
voldoende feedback en reactiemogelijkheden. Er is aandacht voor de lln en de leraar ( door bv
open en denkvraag) en tussen de lln onderling (samenwerking)
PRINCIPE 5 : TAALKRACHTIG ONDERWIJS GEEFT ONDERSTEUNING
, Feedback geven op de taaluitingen van de lln , op talige hypotheses = om af te toetsen en
bijstellen
Feedback is een effectief ondersteuningsmiddel tijdens het luister, spreek , lees en
schrijfproces bv een kalo bespreken in een context van dierentuin kan je aftoetsen of het
kind koala bedoelt.
Kwaliteitsvolle feedback is een combinatie , feed up en feed forward
Bv lln zagen in karrewiet over een nieuwe giraf RAF
“ik zie dat jullie iets willen vertellen over de giraf (feedback). In een nieuwsbericht moeten
we genoeg info te geven zodat de lezer precies weten wat er gebeurd is (feed up), mss
kunnen jullie nog eens goed opschrijven wat jullie allemaal gehoor hebben over de giraf en
dan een samenhangend verhaal proberen maken.
Gerichte ondersteuning = hoe meer het voor je oplevert , de juiste hoeveelheid
ondersteuning bieden aan de lln met een trapje hoger = scaffolding
Motiveert de lln om door een middel gerichte ondersteuning zelf tot een goede resultaat
komen
Als lln bv discussiëren over een bepaalde probleem , maar niet tot een conclusie kunnen
komen dan kan je de gelegenheid gebruiken hoe je in een gedrag het meteen kan inzetten
worden om het vervolg van de discussies om de lln te helpen functionele doelen te bereiken
Persoonlijke ondersteuning :
- Helpt om te differentiëren , de kloof tussen wat ze kunnen en wat ze nog niet
kunnen verkleinen,
- Door dat lln een persoonlijke contact met elkaar hebben tijdens groepswerken bv
kunnen elkaar beïnvloeden en elkaar de nodige uitleg geven. Ze keren door elkaar
kennis ook meer en stimuleren elkaar ook taallerendproces
- Als in de hele groep het niet weet ga je het moeilijker vinden moet je nodige
ondersetuning aanbieden. Maar je mag de juiste antwoord niet direct geven, je moet
aandacht hebben om de taalleerproces. Dat doe je door het nadenken , bijleren en
voorbereiden om de toekomst zelf te proberen op te lossen. Dat kan je doen door de
leerlingen gerichte vragen stellen.
Effectieve ondersteuning helpt de lln de kloof tussen hun huidige niveua en de gewenste leeruitkomst
te overbruggen. Dit omvat de gerichte hulp (scaffolding, voordoen van gedrag (mondeling) en
kwaliteitsvolle feedback (combinatie van feedback , feedup en feedforward)
PRINCIPE 6 : TAALKRACHTIG ONDERWIJS HEEFT AANDACHT VOOR IMPLICIET EN
EXPLICIET LEREN
Voor het ontwikkeling van taalcompetentie in de ruimere zin is het expliciete ondersteuning
nodig om de lln betere taalgebruikers.
Impliciet leren = nieuwe taal onbewust opgepikt wordt
expliciet leren = bewust stilgestaan wordt bij vormelijke en theoretische aspecten van taal
(woordenschat , spelling en taalbeschouwing , lees strategieën of criteria waaraan een
schrijfproduct moeten voldoen)
Focus on form : lln staan stil bij de taalelementen die ze gebruiken, samen met hen nadenken
over de criteria waarvan een taalproduct moet voldoen
Beiden vormen van leren (impliciet en expliciet leren) expliciet leren betekent niet dat de
leraar het leerproces volledig in handen heeft of controleert, je zoomt ook vaak expliciet in op
zaken die zich onverwachts voordoen of door leerlingen worden aangebracht
Lln leren sneller door impliciet leren
+ KADERS
Aandacht hebben voor expliciet leren doe je door te focussen op taal terwijl de lln bezig zijn
met een contextrijke , functionele opdracht
Voldoende veilige en gemotiveerde talige oefenkansen te creëren en zo in te spelen op het intrinsieke
motivatie ,dat zorgt voor een diepe interesses voor ,
SESSIE 1 : HET VAK NEDERLANDS OP DE BASISSCHOOL
VOLOP TAAL : P 17-20
Taal
- is overal en aanwezig door heel de hele dag van lagereschoolkinderen.
- Belangrijkste sleutel competentie
- Competentie alomtegenwoordig, om complexe info te verwerken moet je bv bronnen kunnen
raadplegen en heb je sterke lees en luistervaardigheid voor nodig, om schriftelijk en mondeling
vlot uit te drukken
Taal heeft vele functies in de school en in de omgeving :
conceptualiseren de functie : lln gaat op zoek naar verschillende tussen het dagelijkse leven nu
en in de tijd van haar grootouders. Door deze zaken te benoemen , dingen te ordenen, krijgt hij
mee en meer begrip op de wereld.
Communicatieve functie : lln speelt met medelln een verhaal over een dier waarbij ze samen
betekenis aan werkelijkheid gaan geven
Expressieve functie : taal is een middel om zich te kunne uitdrukken aan persoonlijke emoties,
om te horen hoe het gaat met iemand en je bezorgdheid kan uitten.
Sociale functie : om je te kunne uitten , kennis maken met anderen , een gesprek kunnen
voeren , een band creëren
Conceptualiseren , emoties uitdrukken , in interacties gaan zijn onlosmakelijk verbonden met
identiteit die lln moet ontwikkelen
Taalcompetentie is een geheel van talige kennis , vaardigheden en attitudes die nodig zijn voor het
nodig geschreven , gesproken en multimodale teksten te begrijpen, te evalueren en te gebruiken
zodat
Volwaardige deelname aan de samenleving mogelijk wordt
De eigen doelen gerealiseerd kunnen worden
De eigen kennis en mogelijkheden levenslang en duurzaam kunnen ontwikkeld worden
LEERPAD : OEFENINGEN OP BOUWSTENEN VOOR EEN SUCCESVOLLE TAALVERWERVING
Het belang van input en output
Kinderen hebben nood aan voldoende taalaanbod om hun taal volledig te kunnen stimuleren en
ontwikkelen. Als de voorwaarde vervult wordt kunnen kinderen sneller inspelen en kunnen ze vlotter
verwerven van taal. Maar je moet hen ook nieuwe elementen aanbieden om hun taal hogere te kunnen
stimuleren.
Het brein van een kind werkt op basis van input (het talige materiaal dat binnenkrijgt), er is ook nood
aan in output ( dus om zelf te kunnen produceren) wie bepaalde soorten gesprekken vaak voeren , te
veel praten over bepaalde onderwerpen en zal daarin op termijn meer gedrevenheid tonen
Taalleerders hebben ook nood aan voldoende feedback van gesprekspartners bij het produceren van
taal. Door feedback te geven en krijgen leren ze het juiste verwoording de bepaalde aannames over
taal , gemaakt op basis van eerdere input en aftoetsen, het belang van interactie en feedback , die
sterk te verwerven staat in het belang van input en output.
Het belang van interactie en feedback
Kwaliteitsvolle interacties kan de effectiviteit van de input verhogen. Input is makkelijker opneembaar
wnr de Taalleerders onderhandelen over een betekenis van een boodschap die ze gehoord of gelezen
hebben.
Feedback moet effectiever en gefocust zijn om een de juiste vorm van inhoud : krachtige feedback is
concreet , duidelijk, taakgericht en doelgericht en bruikbaar.
,Taalverwerving is dus belangrijke mate op betekenisvolle interactie. Vlotte taalgebruikers hebben al
vaker en meer “geoefende” periodes gehad in hun leven via betekenisvolle interacties , dat gebeurt
met taalontwikkeling en beduiding van langzamer of helemaal niet. Dus voldoende kwaliteitsvolle en
interactiekansen is heel erg belangrijk.
Klasinteractie : in de klas kunnen sommige leerlingen meer de tijd en de kans om iets te antwoorden en
zijn ze meer bezig in de klas , door hardop nadenken , antwoorden geven op vragen , meningen
verdelen… Ook moet je opletten welke soorten je vragen stelt. Door gesloten vragen kan je de lln niet
voldoende kansen geven op een rijke en kwaliteitsvolle interactie
Het belang van impliciet leren en expliciete instructie
Onderzoek naar taalverwerving maakt onderscheid tussen het impliciet en expliciet leren van een taal.
Impliciet leren
- Kenmerkend voor processen van eerst taal verwevingen (baby’s tot kleuters).
- Eerste toepassing op mondeling componenten (luisteren en spreekvaardigheden)
- Bij het onbewuste cognitieve processen waarin taallerende brein investeert wordt =via een
betekenisvol en uitgebreid taalaanbod (input) via veelvuldige kansen om zelf taal te produceren
(output) en via interactieve ondersteuning van die taalproductie(interactie en feedback)
- brein gaat onbewust alles opnemen waardoor er een vlottere en complexere patronen in het
taalaanbod
- vorderingen die Taalleerders maken wnr ze het taalaanbod en hun eigen taalproductie
gebruiken voor niet talige doeleinden
o Taalverwering leer je door tijd , oefeningen maken en veel herhaling
o Impliciet leren leer je door te doen, impliciete oefenkansen , explicitering van bepaalde
aspecten van het taalsysteem en het taalgebruik
o Expliciete instructie proces versnellen , verdiepen en verrijken
Volop taal p 62 herbekijken te ingewikkeld
SESSIE 2 : DE 7 PRINCIPES VAN TAALKRACHTIGE ONDERWIJS
VOLOP TAAL P 22-53
PRINCIPE 1 : TAALKRACHTIGE ONDERWIJS STIMULEERT EEN POSITIEVE TALIGE
GRONDHOUDING
Rekening houden met de motivatie van de lln en andere sociale emotionele factoren
Een sociale en warme plek creëren om de lln te stimuleren zodat ze kunnen durven om taal
te gebruiken, oefen en plezier ervaren tijdens het leren van taal
Hoe meer kinderen zich veilig , goed en comfortabel voelen hoe meer ze gaan proberen en
de oefenkansen zullen gebruiken. Op die manier weten de lln dat ze mogen fouten maken en
dat ze aan het leren zijn.
Zonder een veilige spreek en schrijfkansen e bieden kan je niet zien hoe ver ze zitten, en kan
je geen feedback geven
Het kind aanvaarden hoe ze is , ieder heeft een persoonlijke proces en ze leren aan de hand
van eigen tempo en de manier van aanpak , geef de lln zelf de tijd en voldoende leerkansen
Waardeer ook de thuistaal van de lln zo gaan ze zich veiliger en meer gewaardeerd voelen.
Toon aan de lln dat je in he gelooft en dat je hoge verwachtingen voor hen hebt dat daagt de
lln uit (motiveert ook) , de leerlingen zullen zich zelfvertrouwder voelen en daarom de nodige
uitdagende talige taken kunnen uitvoeren
Bv laat lln een verhaal schrijven waarbij de ouders zullen het horen bij een schoolfeest.
(zelfvertrouwen + Autonomie + motivatie+ hoge verwachtingen)
Alle profi elen , de hulpbronnen inzetten bv voor lln met dyslexie , de voorkennis en de
identiteit is ij je welkom en je gaat alles wat er al is inzetten
Hogere hoger verwachten : het Nederlands sterker maken, een kind presteert op jouw manier
, je mag niet het kind lager inschatten en vervolgende de kind niet hogere verwachten
Een vrije en veilige klasklimaat : de kinderen te motiveren om iets te zeggen en zin hebben
en kunnen durven
Samen verhalen bv samen na denken , bespreken en vragen opstellen
, is gericht op de motivatie en sociaal-emotionele factoren van de lln. De doel is om een veilige
omgeving te creeren waarin de lln durven te experimenteren met taal en fouten mogen maken ,
dat doe je door de volledige talige repertoire (ook de thuistaal) omarmen en hoge verwachtinen
opstellen voor de taalleerpotentieel
PRINCIPE 2 : TAALKRACHTIGE ONDERWIJS IS CONTEXTRIJK
Geeft vorm door te vertrekken vanuit concrete materialen, vragen en situaties en die te
verbinden met meer abstracte inhouden. Zorgt voor een herkenbaarheid en tegelijk ook voor
het uitdaging. Door te vertrekken van de interesses en de leefwerelden van de lln toon je
herwaardering voor hen en dat kan je ook koppelen met de eerste principe
Het context moet rijk en ondersteunende context zijn. Woorden als vlieg en vogel leren we
door niet de defi nitie zelf aar door ons aandacht aan een vliegende dier
Dus we hebben nood aan visuele ondersteuning
bij moeilijkere begrippen zoals provinciehoofdstad is het moeilijker maar moet je toch de
omgeving en de context creëren waarbij de lln het leren gebruiken zodat ze het stimuleren
context kan je creëren met visuele ondersteuning , reële ervaringen en authentiek
materiaal , rijke taalaanbod , en veel talige ondersteuning
om leren contextrijker met nieuwe leerstof , doe je door nieuwe taal verbinden met eerdere
gekende voorkennis. Zo kan je de nieuwe kennisnetwerk en nieuwe informatie.
De nieuwe taal betekenis geven en door veel en rijk taalaaanbod te koppelen aan d eleefwereld ,
intresses en vorkennis van lln. Het gaat om de abstracte schooltaal te verbinden met concrete
ervaringen , wat motiverend werkt
PRINCIPE 3: TAALKRACHTIGE ONDERWIJS IS FUNCTIONEEL
Taal helpt om talen op te lossen
Bij het verwerking van die taken is het belangrijk om een talig doel voor ogen te houden :
zodat lln luisteren , lezen , spreken en schrijven
Uitdaging en motivatie creëert een functioneel context
Taal is als een middel om voor de lln relevante en betekenisvolle doelen te bereiken ( bv door
een stappenplan te lezen om een bloembol te planten) een functioneel doel vergoot de
motivatie en zorgt voor de nodige uitdaging in het leerproces
PRINCIPE 4 : TAALKRACHTIG ONDERWIJS IS (INTER)ACTIEF
Om taal te verwerven : zoveel mogelijk kansen krijgen, eenmaal horen is niet genoeg , veel
mondeling en schriftelijk taalaanbod veel op reageren en regelmatig feedback krijgen op
verschillende contexten en verschillende momenten
Elke lln moet voldoende persoonlijke taalaanbod krijgen (input)
Feedback op wat gezegd wordt en geschreven wordt
Taalstimulerend reageren = belangrijke onderdeel van ene goede interactieve houding
Door middel van je eigen reacties = gesprek verrijken , verbreden en beter maken
Prikkelende vragen stellen om het denken te stimuleren (bv wat denken jullie dat er gebeurd
is me de dinosaurussen?)
Rijke verwoording voor te stellen
Het belang van een goede vraagstelling mag daarbij niet onderschat worden
Open vragen zorgen er voor dat de taal gestimuleerd wordt samen het denken, je helpt de
lln zich beter uit te drukken en daarbij de nodige schooltaal te gebruiken
Er wordt functioneel gesproken door alle lln en dat doe je ervoor te zorgen dat de lln met
elkaar samen werken , take waarbij de lln elkaars input nodig hebben
Creeren van veel kansen voor de lln om taal actief te gebruiken (schriftelijk en mondeling) met
voldoende feedback en reactiemogelijkheden. Er is aandacht voor de lln en de leraar ( door bv
open en denkvraag) en tussen de lln onderling (samenwerking)
PRINCIPE 5 : TAALKRACHTIG ONDERWIJS GEEFT ONDERSTEUNING
, Feedback geven op de taaluitingen van de lln , op talige hypotheses = om af te toetsen en
bijstellen
Feedback is een effectief ondersteuningsmiddel tijdens het luister, spreek , lees en
schrijfproces bv een kalo bespreken in een context van dierentuin kan je aftoetsen of het
kind koala bedoelt.
Kwaliteitsvolle feedback is een combinatie , feed up en feed forward
Bv lln zagen in karrewiet over een nieuwe giraf RAF
“ik zie dat jullie iets willen vertellen over de giraf (feedback). In een nieuwsbericht moeten
we genoeg info te geven zodat de lezer precies weten wat er gebeurd is (feed up), mss
kunnen jullie nog eens goed opschrijven wat jullie allemaal gehoor hebben over de giraf en
dan een samenhangend verhaal proberen maken.
Gerichte ondersteuning = hoe meer het voor je oplevert , de juiste hoeveelheid
ondersteuning bieden aan de lln met een trapje hoger = scaffolding
Motiveert de lln om door een middel gerichte ondersteuning zelf tot een goede resultaat
komen
Als lln bv discussiëren over een bepaalde probleem , maar niet tot een conclusie kunnen
komen dan kan je de gelegenheid gebruiken hoe je in een gedrag het meteen kan inzetten
worden om het vervolg van de discussies om de lln te helpen functionele doelen te bereiken
Persoonlijke ondersteuning :
- Helpt om te differentiëren , de kloof tussen wat ze kunnen en wat ze nog niet
kunnen verkleinen,
- Door dat lln een persoonlijke contact met elkaar hebben tijdens groepswerken bv
kunnen elkaar beïnvloeden en elkaar de nodige uitleg geven. Ze keren door elkaar
kennis ook meer en stimuleren elkaar ook taallerendproces
- Als in de hele groep het niet weet ga je het moeilijker vinden moet je nodige
ondersetuning aanbieden. Maar je mag de juiste antwoord niet direct geven, je moet
aandacht hebben om de taalleerproces. Dat doe je door het nadenken , bijleren en
voorbereiden om de toekomst zelf te proberen op te lossen. Dat kan je doen door de
leerlingen gerichte vragen stellen.
Effectieve ondersteuning helpt de lln de kloof tussen hun huidige niveua en de gewenste leeruitkomst
te overbruggen. Dit omvat de gerichte hulp (scaffolding, voordoen van gedrag (mondeling) en
kwaliteitsvolle feedback (combinatie van feedback , feedup en feedforward)
PRINCIPE 6 : TAALKRACHTIG ONDERWIJS HEEFT AANDACHT VOOR IMPLICIET EN
EXPLICIET LEREN
Voor het ontwikkeling van taalcompetentie in de ruimere zin is het expliciete ondersteuning
nodig om de lln betere taalgebruikers.
Impliciet leren = nieuwe taal onbewust opgepikt wordt
expliciet leren = bewust stilgestaan wordt bij vormelijke en theoretische aspecten van taal
(woordenschat , spelling en taalbeschouwing , lees strategieën of criteria waaraan een
schrijfproduct moeten voldoen)
Focus on form : lln staan stil bij de taalelementen die ze gebruiken, samen met hen nadenken
over de criteria waarvan een taalproduct moet voldoen
Beiden vormen van leren (impliciet en expliciet leren) expliciet leren betekent niet dat de
leraar het leerproces volledig in handen heeft of controleert, je zoomt ook vaak expliciet in op
zaken die zich onverwachts voordoen of door leerlingen worden aangebracht
Lln leren sneller door impliciet leren
+ KADERS
Aandacht hebben voor expliciet leren doe je door te focussen op taal terwijl de lln bezig zijn
met een contextrijke , functionele opdracht
Voldoende veilige en gemotiveerde talige oefenkansen te creëren en zo in te spelen op het intrinsieke
motivatie ,dat zorgt voor een diepe interesses voor ,