Kernbegrippen:
Kernbegrippen
• wetenschappelijk, fundamenteel, praktijkgericht of toepassingsgericht
onderzoek
• inductie en deductie
• inductieprobleem en falsificatie
• causaliteit, samenhang en correlatie, multi-causaliteit
• onderzoeksproces en de fasering hierin
• onderdelen introductie artikel: probleemstelling, onderzoeksvraag,
onderzoeksdoelstelling, wetenschappelijke en praktische relevantie
• gap spotting: confusion spotting, neglect spotting en application
spotting
• redeneervormen
• kwantitatief, kwalitatief en mixed-methods research design
• explorerend, verkennend, beschrijvend en toetsend onderzoek
• ethiek in het onderzoek
• rol van de onderzoeker in het onderzoek (observerend, participatief)
• soorten onderzoek: experiment, survey, archiefonderzoek, case study,
grounded theory
• kwaliteitscriteria: interne validiteit, construct-validiteit, externe
validiteit, betrouwbaarheid
• alternatieve kwaliteitscriteria: afhankelijkheid, geloofwaardigheid,
toepasbaarheid en authenticiteit
• validiteitsproblemen: non-response, zelfselectie, invloed onderzoeker
• soorten fouten: bias en error; onderzoeker respectievelijk participant
• triangulatie
,Kernpunten
Wat is onderzoek?
• Onderzoek = een kennishiaat oplossen.
• Elementen: kennisbehoefte → bestaande kennis schiet tekort → nieuwe
kennis verzamelen → kennislacune aanvullen.
• Moet systematisch gebeuren: probleemstelling formuleren →
literatuuronderzoek → methode kiezen → data verzamelen/analyseren
→ conclusies trekken.
Wat maakt onderzoek wetenschappelijk?
• Wetenschappelijk relevant
• Bouwt voort op bestaande kennis én voegt er iets aan toe.
• Alleen iets toepassen of herhalen is onvoldoende.
• Literatuurstudie is noodzakelijk om relevantie te onderbouwen.
• Praktijkgericht onderzoek lost vaak direct een
organisatieprobleem op, maar wetenschappelijk onderzoek richt
zich primair op kennisvermeerdering (al kan het ook praktisch
nuttig zijn).
• Wetenschappelijk verantwoord
• Voldoet aan methodologische regels: transparantie,
zorgvuldigheid, verifieerbaarheid.
• Publicatie in peer-reviewed journals (double blind review).
, • Onderzoekers moeten keuzes expliciet maken en kunnen
verantwoorden.
• Kwaliteitseis: validiteit (construct, intern, extern,
betrouwbaarheid).
Wetenschappelijke houding en integriteit
• Kritisch, objectief, onbevooroordeeld, zorgvuldig.
• Integriteit = eerlijkheid, oprechtheid, waarheidsgetrouwheid.
• Wetenschappelijk wangedrag (FFP): Fabrication, Falsification,
Plagiarism.
• Slecht onderzoek ≠ fraude; fraude is bewust oneerlijk.
Wetenschap als sociale activiteit
• Geen individuele maar collectieve onderneming (“academic
community”).
• Onderzoekers werken binnen paradigma’s en onderzoeksprogramma’s.
• Kwaliteit wordt bewaakt via peer review en conferenties.
• Afstudeerbegeleiders functioneren als reviewers.
Afstudeeronderzoek MSc in Management (OU)
• Studenten voeren zelfstandig wetenschappelijk onderzoek uit.
• Kerncriteria: wetenschappelijke relevantie en wetenschappelijke
verantwoording.
, • Geen stage of puur praktijkgericht onderzoek.
• Studenten werken in afstudeerkringen (learning community).
• Combinatie mogelijk: probleemstelling baseren op wetenschappelijke
kennislacune, maar data verzamelen in de eigen organisatie.
• Doel: studenten leren kennis genereren i.p.v. alleen kennis
toepassen.
Belangrijkste conclusies
• Onderzoek = gericht op vervullen van een kennishiaat.
• Wetenschappelijk = relevant (nieuwe kennis toevoegen) én
verantwoord (methodologisch correct, transparant).
• Managementwetenschappen = wetenschap over bestuur, leiding en
leiderschap in organisaties.
• Wetenschap is een sociale activiteit waarin integriteit en kritische
houding centraal staan.
• Het afstudeeronderzoek bij OU is een “proeve van bekwaamheid”
waarin studenten aantonen zelf verantwoord wetenschappelijk
onderzoek te kunnen uitvoeren.