Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Microbiologie jaar 2 – Complete Samenvatting (Tentamenproof)

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
116
Geüpload op
15-02-2026
Geschreven in
2025/2026

Volledige Microbiologie samenvatting met kernstof, uitleg en oefentoets (40 vragen). Student heeft met deze samenvatting een 8 behaald. (Stof is van week 2 tot 6, in week 1 hadden wij geen leerstof.)

Voorbeeld van de inhoud

Stof week 2



3.1

 Het cytoplasmatisch membraan (plasmamembraan) omsluit de cel en scheidt het cytoplasma van de
omgeving.

 Het vormt een selectieve permeabiliteitsbarrière: bepaalt welke stoffen in- en uit de cel gaan.

2. Structuur

 Bestaat uit een fosfolipiden dubbellaag met daarin ingebedde eiwitten (fluid mosaic model).

 Fosfolipiden:

o Hydrofobe staarten → naar binnen gericht.

o Hydrofiel koppen → naar buiten gericht, in contact met water.

 Membraneiwitten hebben verschillende functies:

o Transport van stoffen. Sensoren voor omgeving. Enzymen voor chemische reacties.

 Eiwitten bewegen lateraal (zijwaarts) binnen membraan.

3. Archaeale membranen

 Soortgelijk in structuur maar chemisch verschillend:

o Hydrofobe staarten: isoprenoid i.p.v. vetzuur. Verbinding: etherbinding i.p.v. esterbinding.

o Soms monolagen met twee hydrofiele koppen → stabieler onder extreme omstandigheden.

4. Permeabiliteit

 Vrij passeren: gassen (O₂, CO₂, N₂), kleine hydrofobe moleculen, water.

 Water kan sneller passeren via aquaporinen (speciale eiwitkanalen).

 Ionen kunnen niet vrij passeren (hebben water nodig en zijn geladen) → membraan is hydrofoob →
ions interacties verhinderen doorgang (want sterke aantrekking/afstoting met andere geladen deeltjes in
membraan).

5. Diffusie

 Eenvoudige diffusie: stoffen bewegen van hoge naar lage concentratie.

 Beweging stopt bij evenwicht, maar moleculen blijven heen en weer bewegen.

 Osmose: diffusie van water door een selectief permeabel membraan.

o Water beweegt van hypotoon (weinig opgeloste stoffen) → hypertoon (veel opgeloste
stoffen). Isotoon: geen netto waterbeweging. (dus evenveel)

 Celwand voorkomt dat bacteriën barsten door osmose.

6. Bij prokaryoten zorgt het membraan zelf voor: Energieproductie

 Cytoplasmatisch membraan bij prokaryoten:

o Zet energie van voedsel of licht om in ATP.

, o Bevat elektronentransportketen (ETC). (reeks eiwitcomplexen in membraan)

o ETC pompt protonen uit cel naar buiten → Daardoor ontstaat een verschil in
protonconcentratie tussen binnen en buiten de cel. Dit verschil -> protonengradiënt (proton
motive force).

o Protonengradiënt wordt gebruikt voor:

 ATP-synthese. beweging. Transport.

7. Transportmechanismen

Membraneiwitten (transporters) zorgen voor selectieve doorgang van stoffen.

Drie soorten transport:

1. Gefaciliteerde diffusie

o Passief: geen energie.

o Stoffen bewegen langs concentratiegradiënt via transporteiwitten. (van hoog nr laag)

o Zelden gebruikt door prokaryoten voor opname.

2. Actief transport

o Energie nodig (ATP of proton motive force).

o Stoffen tegen concentratiegradiënt in transporteren. (van laag naar hoog, waardoor dus energie
nodig is.)

o Twee vormen:

 Primair: ATP direct gebruikt.

 Secundair: energie uit concentratiegradiënt.

3. Groepstranslocatie

o Stof wordt chemisch veranderd tijdens transport (bijv. fosforylatie van glucose).

o Energie verbruikt → actieve transportvorm.

8. Eiwitsecretie

 Cellen scheiden bepaalde eiwitten uit (brengen naar buiten) → secretion.

 Voorbeeld: exo-enzymen → zij werken buiten de cel en breken grote moleculen af tot kleinere
subeenheden, zodat de cel het wel kan opnemen.

 Eiwit wordt gemaakt als pre-eiwit met signaalsequentie → signaalsequentie stuurt pre eiwit richting
secreteermachinerie → signaalsequentie wordt verwijderd (was alleen nodig om op juiste plek te
krijgen) → eiwit vouwt zich buiten cel op.

 Secretie kan ook externe structuren bouwen, zoals flagellen.

3.2

Celwand van prokaryoot: Peptidoglycan

 Peptidoglycan is een sterk, netwerkachtig molecuul dat alleen in bacteriën voorkomt.

,  Het bestaat uit een afwisseling van N-acetylmuraminezuur (NAM) en N-acetylglucosamine (NAG),
verbonden tot lange glycanketens.

 Aan NAM zit een tetrapeptideketen (vier aminozuren) die glycan-ketens verbindt (cross-linking),
waardoor peptidoglycan een sterk, driedimensionaal netwerk vormt.

 Bij Gram-negatieve bacteriën is de verbinding direct via aminozuren (meestal diaminopimelzuur).
Bij Gram-positieve bacteriën gebeurt dit via een peptide interbrug (meerdere aminozuren, meestal
lysine).

 Diaminopimelzuur komt bijna alleen voor in bacteriën.

Gram-positieve celwand

 Heeft een dikke laag peptidoglycan (tot 30 lagen glycan-ketens).

 Doorlaatbaar voor kleine stoffen zoals suikers en aminozuren.

 Bevat teichoic zuren (speciale moleculen) (tot 60% van celwandmassa):

o Negatief geladen ketens van ribitol- of glycerol-fosfaat.

o Binden belangrijke ionen (bijv. Mg²⁺).

o Spelen rol bij celgroei, celdeling, biofilmvorming en hechting aan gastheercellen.

 Teichoic zuren:

o Wall teichoic acid: vast aan peptidoglycan, steekt boven celwand uit.

o Lipoteichoic acid: verbonden aan cytoplasmamembraan.

Gram-negatieve celwand

 Heeft een dunne laag peptidoglycan (1–2 lagen).

 Buitenlaag: buitenmembraan van lipopolysaccharide (LPS).

 Buitenmembraan verbonden met peptidoglycan via lipoproteïnen.

 LPS bestaat uit:

o Lipid A: anker in membraan, trigger voor immuunreactie → endotoxine.

o O-antigeen: suikerketen die bacteriesoorten onderscheidt → gebruikt voor identificatie.

 Buitenmembraan beschermt tegen veel stoffen en antibiotica.

 Porines: eiwitten in buitenmembraan voor doorgang van kleine moleculen.

 Tussen membraanlagen: periplasma (gel-achtige ruimte), bevat enzymen voor afbraak. + ook de
peptidoglycaan.

Belangrijkste verschillen Grampositief vs Gramnegatief

Kenmerk Grampositief Gram-negatief

Peptidoglycan Dikke laag Dunne laag

Teichoic zuren Aanwezig Afwezig

Buitenmembraan Afwezig Aanwezig

, Kenmerk Grampositief Gram-negatief

Lipopolysaccharide Afwezig Aanwezig

Porines Afwezig Aanwezig

Gevoeligheid penicilline Hoog Laag

Gevoeligheid lysozym Ja Nee



Antibacteriële stoffen

 Penicilline: voorkomt cross-linking in peptidoglycan → celwand zwakt af → cel barst. Werkt beter bij
Gram-positief (buitenmembraan Gram-negatief blokkeert).

 Lysozym: breekt NAM–NAG verbindingen → vernietigt celwand. Effectiever bij Gram-positief.

Bacteriën zonder celwand

 Bijvoorbeeld Mycoplasma: geen peptidoglycan → resistent tegen penicilline/lysozym.

 Hebben sterolen (vetmolecuul/lipiden) in cytoplasmamembraan voor stevigheid.

Archaea celwanden

 Geen peptidoglycan, soms pseudopeptidoglycan.

 Vaak S-lagen van eiwit/glycoproteïne.

 Variatie door diverse omgevingen.

3.3

Capsules en slijmlagen

 Liggen buiten de celwand, beschermen de cel of helpen bij hechting aan oppervlakken.

 Capsule = duidelijke, gelatineuze (gelachtig) laag; slijmlaag = diffuus (verspreid, ongelijk verdeeld)en
onregelmatig.

 Bestaan meestal uit polysachariden (glycocalyx), soms uit polypeptiden met d-aminozuren (D-
aminozuren = zeldzame spiegelbeeldvorm van aminozuren.)

 Functies:

o Hechting aan tanden, epitheel, stenen, leidingen, andere bacteriën → biofilm

o Bescherming tegen immuunsysteem (dus bacterie wordt niet herkend door immuunsysteem) →
sommige bacteriën (bv. Streptococcus pneumoniae) overleven alleen mét capsule
(bescherming tegen fagocytose).

Flagellen

 Lange eiwitstructuren voor beweging in vloeistof (draaien als propellers).

 Arrangementen: peritrichous (flagella rondom de bacterie), polar monotrichous (één flagel aan één
uiteinde), ook meerdere flagellen aan één of meerdere uiteinden.

 Structuur:

o Basale lichaam (verankering + energie door proton motive force (bewegen van protonen)).

Documentinformatie

Geüpload op
15 februari 2026
Aantal pagina's
116
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€13,49
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
StudyWithBML

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
StudyWithBML Hogeschool Rotterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
-
Lid sinds
3 maanden
Aantal volgers
0
Documenten
4
Laatst verkocht
-

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen