Samenvatting boek, colleges en info van blackboard BURGERLIJK
PROCESRECHT
Lesweek 1
Het burgerlijk procesrecht is eigenlijk het rechtsgebied wat ziet op de manier hoe
procedures in het privaatrecht verlopen.
- Dit gaat dus over de rechtsverhouding tussen burgers of personen. Bijv.
rechtspersonen.
Materieel burgerlijk recht
Dit omvat alle inhoudelijke rechten en plichten. Dit is zeg maar het BW.
Formeel burgerlijk recht
Dit omvat alle antwoorden op de vraag welke procedureregels van toepassing zijn.
De manier waarop een procedure moet worden gevoerd burgerlijk procesrecht
De functies van het burgerlijk procesrecht zijn:
1. Het handhaven en beïnvloeden van materiële burgerlijke rechten en plichten.
2. Het voorkomen van een gerechtelijke procedure.
3. Voorkomen van eigenrichting.
Bronnen en algemene uitgangspunten
de voornaamste rechtsbronnen van het burgerlijk procesrecht zijn de wet, verdragen
en jurisprudentie.
- Het wetboek van burgerlijke rechtsvordering (Rv).
Algemene uitgangspunten;
1. Recht op rechtspraak en rechtsbijstand 17,18 112 GW.
2. Onafhankelijke en onpartijdige rechter.
o Wanneer een partij twijfelt: wraken ex art. 36 Rv.
o Wanneer rechter zelf twijfelt: verschonen ex 40 Rv.
3. Hoor en wederhoor (gelijkheidsbeginsel) art. 19 Rv.
4. Behandeling en beslissing binnen een redelijke termijn art. 20 Rv.
5. Openbaarheid van zitting art. 27 lid 1 Rv.
6. Motiveringsbeginsel 30 Rv.
7. Geen rechtsweigering en volledige beslissing 26 Rv jo 13 Wet algemene
bepalingen
8. Beginsel van partijautonomie 24 Rv.
Procespartijen
1. Natuurlijke personen en rechtspersonen.
Kan zijn dat iemand niet handelingsbekwaam is ex art. 3:32 lid 1 BW. Dan wordt
diegene vertegenwoordigd door een wettelijk vertegenwoordiger.
- vertegenwoordiging = formele procespartij. Vertegenwoordigde = materiële
procespartij.
- Procedure wordt gevoerd op naam van formele procespartij.
Let op! Voor kantonzaken is geen advocaat verplicht (79 lid 1 jo. 255 lid 1 Rv). Voor
verzoekschriftprocedures of andere procedures is een advocaat wel verplicht. 79 lid 2
Rv.
Hoofdstuk 2
Inleiding en bevoegdheid rechter
,Het Nederlandse recht kent twee civiele procedures: de dagvaardingsprocedure en de
verzoekschriftprocedure.
Een civiele procedure wordt gestart met een dagvaarding ex 78 Rv. dit is alleen als
de wet uitdrukkelijk aangeeft dat de procedure met een verzoekschrift moet worden
begonnen. 261 Rv.
Dagvaardingsprocedure, tenzij wet zegt verzoekschriftprocedure.
Absolute competentie
Welke rechter is absoluut bevoegd? De rechtbank, het gerechtshof of de HR?
- Antwoord staat in 42 RO: altijd rechtbank, tenzij anders in de wet staat.
In 93 Rv staan 4 gevallen:
1. Zaken waarin het bedrag max. 25k bedraagt qua waarde vordering.
2. Duidelijke aanwijzing dat het minder dan 25k is.
3. Arbeidszaken, consumentenovereenkomsten, huurzaken. Waarde maakt niet uit.
Relatieve competentie
Waar in Nederland is de rechtbank bevoegd?
- Antwoord staat in 99 lid 1 Rv. woonplaats gedaagde bevoegd in
dagvaardingsprocedure.
- Uitzonderingen staan in 100-110 Rv.
Stel je gaat naar de verkeerde rechter? dan verklaard de rechter zich onbevoegd en
stuurt het door naar de juiste rechter. 72 en 73 Rv.
, Lesweek 2
Dagvaardingsprocedure
- Art. 1 t/m 77 Rv algemene bepalingen en deze gelden voor alle procedures.
Dus ook voor verzoekschriftprocedure.
- Art. 78 t/m 259 Rv gelden alleen voor de dagvaardingsprocedure.
Verloop dagvaardingsprocedure
Dagvaarding van eiser: art. 125 lid 1 Rv. vanaf dit moment is de procedure
aanhangig.
- Art. 45 en art. 111 Rv inhoud dagvaarding.
- Art. 79 lid 2 jo. Lid 1 Rv sommige gevallen is er verplichte
procesvertegenwoordiging.
Betekening van de dagvaarding geschiedt door een deurwaarder op grond van art. 45
lid 1 Rv jo. 46 Rv.
Eiser dient betekende dagvaarding in bij de rechtbank, daarna inschrijving op de rol:
art. 125 leden 2 t/m 5 Rv.
- Er staat een zittingsdatum op en een stempel van de deurwaarder dat hij
daadwerkelijk is betekend.
Eiser moet binnen termijn van 4 weken griffierecht betalen art. 127a lid 1 Rv jo. art.
3 lid 1 en lid 3 Wgbz (Kluwer V.3) en art. 127a lid 2 Rv.
- Bijdrage om de kosten van de rechtspraak te dekken.
- Gedaagde moet binnen termijn van 4 weken griffierecht betalen anders:
verstekvonnis, zie art. 139 Rv jo. art. 3 lid 3 Wgbz. dit is een zaak zonder
verweer van de gedaagde.
Conclusie van antwoord van gedaagde art. 128 leden 2 t/m 5 Rv.
- Dit is als het ware reageren op de dagvaarding. Dit kan door middel van een
brief naar de rechtbank.
Comparitie (‘na antwoord’/‘van partijen’) art. 131 Rv
art. 87 Rv: Mondelinge behandeling;
art. 88 Rv: Vragen stellen;
art. 89 Rv: Schikking; dit is er samen onderling uitkomen met
behulp van de rechter.
art. 90 Rv: Proces-verbaal;
art. 91 Rv: Zaak op de rol. voor de verdere afhandeling van de
zaak.
Eventueel conclusie van repliek eiser en conclusie van dupliek gedaagde (2e
schriftelijke ronde): art. 132 Rv.
Tot slot komt het vonnis art. 229 t/m 236 Rv
Verstekprocedure !let op! Alleen bij dagvaardingsprocedure
- Gedaagde verschijnt niet in het geding of betaalt griffierecht niet (op tijd)
- Rechter verleent verstek op roldatum ex art. 139 Rv
Rechter bepaalt datum uitspraak: ‘verstekvonnis’ = toewijzing vordering(en), tenzij
onrechtmatig of ongegrond.
PROCESRECHT
Lesweek 1
Het burgerlijk procesrecht is eigenlijk het rechtsgebied wat ziet op de manier hoe
procedures in het privaatrecht verlopen.
- Dit gaat dus over de rechtsverhouding tussen burgers of personen. Bijv.
rechtspersonen.
Materieel burgerlijk recht
Dit omvat alle inhoudelijke rechten en plichten. Dit is zeg maar het BW.
Formeel burgerlijk recht
Dit omvat alle antwoorden op de vraag welke procedureregels van toepassing zijn.
De manier waarop een procedure moet worden gevoerd burgerlijk procesrecht
De functies van het burgerlijk procesrecht zijn:
1. Het handhaven en beïnvloeden van materiële burgerlijke rechten en plichten.
2. Het voorkomen van een gerechtelijke procedure.
3. Voorkomen van eigenrichting.
Bronnen en algemene uitgangspunten
de voornaamste rechtsbronnen van het burgerlijk procesrecht zijn de wet, verdragen
en jurisprudentie.
- Het wetboek van burgerlijke rechtsvordering (Rv).
Algemene uitgangspunten;
1. Recht op rechtspraak en rechtsbijstand 17,18 112 GW.
2. Onafhankelijke en onpartijdige rechter.
o Wanneer een partij twijfelt: wraken ex art. 36 Rv.
o Wanneer rechter zelf twijfelt: verschonen ex 40 Rv.
3. Hoor en wederhoor (gelijkheidsbeginsel) art. 19 Rv.
4. Behandeling en beslissing binnen een redelijke termijn art. 20 Rv.
5. Openbaarheid van zitting art. 27 lid 1 Rv.
6. Motiveringsbeginsel 30 Rv.
7. Geen rechtsweigering en volledige beslissing 26 Rv jo 13 Wet algemene
bepalingen
8. Beginsel van partijautonomie 24 Rv.
Procespartijen
1. Natuurlijke personen en rechtspersonen.
Kan zijn dat iemand niet handelingsbekwaam is ex art. 3:32 lid 1 BW. Dan wordt
diegene vertegenwoordigd door een wettelijk vertegenwoordiger.
- vertegenwoordiging = formele procespartij. Vertegenwoordigde = materiële
procespartij.
- Procedure wordt gevoerd op naam van formele procespartij.
Let op! Voor kantonzaken is geen advocaat verplicht (79 lid 1 jo. 255 lid 1 Rv). Voor
verzoekschriftprocedures of andere procedures is een advocaat wel verplicht. 79 lid 2
Rv.
Hoofdstuk 2
Inleiding en bevoegdheid rechter
,Het Nederlandse recht kent twee civiele procedures: de dagvaardingsprocedure en de
verzoekschriftprocedure.
Een civiele procedure wordt gestart met een dagvaarding ex 78 Rv. dit is alleen als
de wet uitdrukkelijk aangeeft dat de procedure met een verzoekschrift moet worden
begonnen. 261 Rv.
Dagvaardingsprocedure, tenzij wet zegt verzoekschriftprocedure.
Absolute competentie
Welke rechter is absoluut bevoegd? De rechtbank, het gerechtshof of de HR?
- Antwoord staat in 42 RO: altijd rechtbank, tenzij anders in de wet staat.
In 93 Rv staan 4 gevallen:
1. Zaken waarin het bedrag max. 25k bedraagt qua waarde vordering.
2. Duidelijke aanwijzing dat het minder dan 25k is.
3. Arbeidszaken, consumentenovereenkomsten, huurzaken. Waarde maakt niet uit.
Relatieve competentie
Waar in Nederland is de rechtbank bevoegd?
- Antwoord staat in 99 lid 1 Rv. woonplaats gedaagde bevoegd in
dagvaardingsprocedure.
- Uitzonderingen staan in 100-110 Rv.
Stel je gaat naar de verkeerde rechter? dan verklaard de rechter zich onbevoegd en
stuurt het door naar de juiste rechter. 72 en 73 Rv.
, Lesweek 2
Dagvaardingsprocedure
- Art. 1 t/m 77 Rv algemene bepalingen en deze gelden voor alle procedures.
Dus ook voor verzoekschriftprocedure.
- Art. 78 t/m 259 Rv gelden alleen voor de dagvaardingsprocedure.
Verloop dagvaardingsprocedure
Dagvaarding van eiser: art. 125 lid 1 Rv. vanaf dit moment is de procedure
aanhangig.
- Art. 45 en art. 111 Rv inhoud dagvaarding.
- Art. 79 lid 2 jo. Lid 1 Rv sommige gevallen is er verplichte
procesvertegenwoordiging.
Betekening van de dagvaarding geschiedt door een deurwaarder op grond van art. 45
lid 1 Rv jo. 46 Rv.
Eiser dient betekende dagvaarding in bij de rechtbank, daarna inschrijving op de rol:
art. 125 leden 2 t/m 5 Rv.
- Er staat een zittingsdatum op en een stempel van de deurwaarder dat hij
daadwerkelijk is betekend.
Eiser moet binnen termijn van 4 weken griffierecht betalen art. 127a lid 1 Rv jo. art.
3 lid 1 en lid 3 Wgbz (Kluwer V.3) en art. 127a lid 2 Rv.
- Bijdrage om de kosten van de rechtspraak te dekken.
- Gedaagde moet binnen termijn van 4 weken griffierecht betalen anders:
verstekvonnis, zie art. 139 Rv jo. art. 3 lid 3 Wgbz. dit is een zaak zonder
verweer van de gedaagde.
Conclusie van antwoord van gedaagde art. 128 leden 2 t/m 5 Rv.
- Dit is als het ware reageren op de dagvaarding. Dit kan door middel van een
brief naar de rechtbank.
Comparitie (‘na antwoord’/‘van partijen’) art. 131 Rv
art. 87 Rv: Mondelinge behandeling;
art. 88 Rv: Vragen stellen;
art. 89 Rv: Schikking; dit is er samen onderling uitkomen met
behulp van de rechter.
art. 90 Rv: Proces-verbaal;
art. 91 Rv: Zaak op de rol. voor de verdere afhandeling van de
zaak.
Eventueel conclusie van repliek eiser en conclusie van dupliek gedaagde (2e
schriftelijke ronde): art. 132 Rv.
Tot slot komt het vonnis art. 229 t/m 236 Rv
Verstekprocedure !let op! Alleen bij dagvaardingsprocedure
- Gedaagde verschijnt niet in het geding of betaalt griffierecht niet (op tijd)
- Rechter verleent verstek op roldatum ex art. 139 Rv
Rechter bepaalt datum uitspraak: ‘verstekvonnis’ = toewijzing vordering(en), tenzij
onrechtmatig of ongegrond.