MODULE 1: VOORAFGAANDE INFO
EXAMENONDERDEEL RECHT
- Schriftelijk examen
• Wetteksten op toledo (Wetteksten mogen mee naar het examen)
• 10 meerkeuze vragen
• 4 antwoordmogelijkheden per vraag
• Slechts één antwoordmogelijkheid per vraag is correct!
• 1 punt per vraag
• Geen giscorrectie
- Cijfer voor onderdeel recht = 1/6 totaalcijfer (2 van de 14 lessen)
GEBRUIKTE AFKORTINGEN
Afkortingen wetgeving
- Besl. Vl. Reg. = Besluit Vlaamse Regering
- NBW = Nieuw Burgerlijk Wetboek
- Oud BW = oud Burgerlijk Wetboek (= wetboek van Napoleon van 1804)
- VCRO = Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening
- WBBH = wet van 02.8.2002 betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand bij
handelstransacties
- WER = Wetboek van Economisch Recht
- Wet-Ducarme = wet 09.05.2019 betreffende de verplichte verzekering van de burgerlijke
beroepsaansprakelijkheid in de bouwsector
- Wet van 20.02.1939 = wet van 20.02.1939 op de bescherming van de titel en van het beroep van
architect
ONDERSCHEID OPENBARE ORDE – DWINGEND RECHT – AANVULLEND RECHT
BELANG VAN HET ONDERSCHEID
- Onderscheid is van belang voor wat betreft contractvrijheid van partijen
• Contractsvrijheid = contractspartijen zijn vrij om inhoud van contract te bepalen, voor zover dit
contract voldoet aan de bij wet bepaalde geldigheidsvereisten (art. 5.14, tweede lid NBW → 2de
alinea van artikel 14 uit boek 5 van het nieuwe burgerlijk wetboek)
In principe ben je vrij om te beslissen met wie u contracteert, wat de inhoud is van het contract en
of u überhaupt een contract afsluit
• Contractvrijheid wordt beperkt door regels van dwingend recht en openbare orde
Belangrijk om te weten welke regels van dwingend recht of openbare orde zijn → want je mag er
niet zomaar een eigen invulling aan geven
, MIAG12_Management_Kristof (weging 2/14)
• Contract mag geen ongeoorloofd voorwerp hebben (art. 5.27, 3° en 5.51 NBW)
Het mag niet strijdig zijn met de openbare orde/dwingend recht
• Contract mag geen ongeoorloofde oorzaak hebben (art. 5.27, 4° en 5.56 NBW)
Het mag niet strijdig zijn met de openbare orde/dwingend recht
• Contract mag afwijken van regels van aanvullend recht
Regels dwingend recht en openbare orde ↔ aanvullend recht (= regels die je contract aanvullen;
als je bepaalde zaken in je contract niet hebt geregeld, kunnen toch deze regels de inhoud van je
contract mee gaan bepalen, maar je mag hier wel van afwijken → kijk dia van aanvullend recht voor
vb.)
- Een contract dat niet voldoet aan de geldigheidsvereisten is nietig (art.5.57, eerste lid NBW)
Een contract dat strijdig is met/afwijkt van de openbare orde/dwingend recht, kan worden nietig
verklaard
Nietig verklaard = soort van ‘delete all’ = we doen alsof het nooit is geweest
• Nietigverklaring ontneemt het contract zijn gevolgen vanaf de dag waarop het is gesloten (art. 5.62,
eerste lid NBW) = contract wordt geacht nooit te hebben bestaan
Vb. Stel je koopt een woning en het contract wordt vernietigd, dan gaan we doen alsof het contract
nooit heeft bestaan en gaan we terug naar het moment voor dat het contract gesloten werd. → het
gebouw zal teruggegeven worden aan de verkoper en deze zal dus het bedrag terug moeten storten
→ dit heeft veel complicaties (wat met de interesten (interest verschuldigd?), wat als dit gebouw
al gebruikt is, …)
➔ Het is dus niet evident om een contract nietig te verklaren, het is een vergaande ernstige
sanctie
• Maar: als nietigheidsgrond slechts een gedeelte van het contract betreft (vb. bepaalde clausule),
beperkt de nietigheid zich tot dat gedeelte (art. 5.63, eerste lid NBW) → rest van het contract blijft
voortbestaan (art. 5.63, tweede lid NBW)
Vb. Als er een zin (= clausule) uit een tekst (= contract) is weggelaten en de tekst heeft nog een
betekenis, dan is deze zin nietig verklaard en kan de tekst op zichzelf bestaan
→ Wanneer echter de weggelaten zin cruciaal is voor de betekenis van de tekst, dan kan deze niet
nietig verklaard worden.
(Consumentenwetgeving = wetgeving die de consument gaat beschermen)
HET ONDERSCHEID ZELF
OPENBARE ORDE (DEFINITIES LETTERLIJK UIT WETTEKSTEN)
- = rechtsregel die de essentiële belangen van de staat of van de gemeenschap raakt of die in het
privaatrecht de juridische grondslagen bepaalt waarop de maatschappij berust, zoals de economische
orde, de morele orde, de sociale orde of de orde van het leefmilieu (art. 1.3, vierde lid NBW)
2
, MIAG12_Management_Kristof (weging 2/14)
- Vb. wet van 20.02.1939 (= wet die betrekking heeft op de bescherming van de titel en het beroep van
de architect (wie mag zich architect noemen, wie mag zeggen ‘ik ben architect’, wie mag het beroep
uitoefenen))
→ Degene die het beroep van architect uitoefent, mag niet ook nog het beroep van aannemer
uitoefenen
- Gevolg = van regels van openbare orde mag niet worden afgeweken in een contract (art. 1.3, derde lid
NBW) (= Er mag van die regel niet afgeweken worden in een contract) !!!!
DWINGEND RECHT
- = rechtsregel die is vastgesteld ter bescherming van een partij die door de wet als zwakker wordt
gehouden (art. 1.3, vijfde lid NBW) (In bepaalde contracten gaan we er van uit dat bepaalde partijen
zwakker zijn en dus moet worden beschermd)
- Vb. Handelshuurwet = van toepassing op een huurcontract tussen een handelaar en een huurder (Vb.
winkels, supermarkten, …) → heeft een duurtijd van 9j
→ Vb.: consumentenbescherming (consument = onwetend dus moet beschermd worden) = minstens
van dwingend recht
- Gevolg = van regels van dwingend recht kan niet worden afgeweken in een contract (art. 1.3, derde lid
NBW) !!!
Verschil tussen openbare orde en dwingend recht in concreto
- Van een regel van openbare orde kan niet worden afgeweken bij het sluiten van het contract, noch
nadien (art. 5.61, vierde lid NBW)
- Van een regel van dwingend recht kan niet (definitief) worden afgeweken bij het sluiten van het
contract.
- Als er bij het sluiten van het contract wordt afgeweken van een regel van dwingend recht, kan de
beschermde persoon, wanneer de regel van dwingend recht toepassing vindt tijdens uitvoering van het
contract
• Afstand doen van geboden bescherming (nietigheid) (zie art. 5.61, eerste, tweede en derde lid
NBW)
• De geboden bescherming (nietigheid) inroepen (art. 5.58, tweede lid NBW)
AANVULLEND RECHT
= rechtsregels die een contract aanvullen
(Niet van toepassing bij consumentenkoop)
- Vb. Je verkoopt je iPhone 14 en koopt een iphone16 in de plaats, de iPhone 14 gaat echter kapot nadat
je ze verkocht hebt. In je contract met de koper staat niks vermeld over gebreken/stuk gaan van zaken,
maar in de rechtsregels van aanvullend recht staat dat er altijd rekening moet gehouden worden met
verborgen gebreken.
3