KC CAR-epidemiologie
Cariëslaesies
Cariëslaesies zijn een symptoom van de ziekte cariës en/of van voorbije perioden van ziekte.
Beperking: we meten hiermee dus de ziekteERVARING, niet actieve ziekte
Begrippen
• Cariësprevalentie: % personen met cariës (ervaring)
• Cariëservaring: optelsom van schade door cariës
• Cariësincidentie: toename van cariëservaring tussen t1 en t 2
DMF staat voor aantal:
Decayed aangetast
Missing ontbrekend
Filled gevulde
Teeth tanden
Surfaces tandvlakken
Varianten
• DMF-T aantal tanden met cariëservaring blijvend gebit
• dmf-t aantal tanden met cariëservaring melkgebit
• DMF-S aantal tandvlakken met cariëservaring blijvend gebit
• dmf-s aantal tandvlakken met cariëservaring melkgebit
Belangrijk voor vergelijking getallen
• D-component
• Welke drempel is gebruikt voor detectie D-component?
,Beperkingen DMF – index
• M-component
o Zijn alle ontbrekende elementen verloren gegaan ten gevolge van cariës?
• F-component
o Zijn alle restauraties gelegd vanwege de gevolgen van cariës?
o Missen we meer restauraties?
Behandelbehoefte
• D-component wordt soms geïnterpreteerd als “treatment need”.
• Maar:
• Gaat dit om restauratieve behandeling? Moeten alle D3 / D2 / D1 laesies worden behandeld?
Verzorgingsgraad
• F/(D+F)-component wordt soms geïnterpreteerd als verzorgingsgraad.
• Maar:
• Men doelt dan op restauratieve behandeling!
• Moeten alle D3 laesies (laat staan D2 en D1) worden gerestaureerd?
,KC1 Cariës – cariësmanagement – detectie
Cariëslaesies zijn een teken van de ziekte cariës, en van voorbije perioden van ziekte
Cariësdiagnostiek
• Gericht op het opsporen (detectie) van cariëslaesies in een vroegtijdig stadium
• Gericht op vaststellen van cariesactiviteit op laesie- en mondniveau
• Gericht op vaststellen van laesiediepte
o Cavitatie of niet?
Cariësmanagement
• Gericht op het opsporen (detectie) van cariëslaesies in een vroegtijdig stadium
• Gericht op vaststellen van cariësactiviteit op laesie en mond niveau
• Gericht op vaststellen van laesiediepte
o Cavitatie of niet?
• Gericht op cariëspreventie
o Voeding, fluoride en MH
• Monitoren van cariëslaesies, cariësactiviteit en effecten preventie
, Differentiaal diagnostiek
Hebben we te maken met de gevolgen van cariës of van iets anders?
Linker plaatje: actieve witte laesie. Rechterplaatje: in eerste molaar niet-actieve laesie, in tweede molaar
twijfelachtig of het actief is of niet.
Fluorose is een afwijking van het glazuur die in de aanleg optreedt als er te veel fluoride wordt opgenomen
bij de vorming van de elementen. Dit gebeurt eigenlijk alleen in de streken waar van nature een hoge
concentratie fluoride aanwezig is in het drinkwater. In bovenstaande is dus geen sprake van cariës.
Cariësmanagement
Bij een aanwezige cariëslaesie zijn er drie belangrijke vragen:
• Hoe diep is de laesie?
• Is de laesie gecaviteerd?
• Is de laesie actief?
Eisen aan methode voor cariësdetectie en -beoordeling
• Detectie van vroege (kleine) laesies
o Zo vroeg mogelijk starten met preventie
• Meting van laesiestadium
o Monitoring, vaststellen van progressie
• Vaststellen activiteit
o Monitoring, vaststellen van progressie
• Ondersteunen van keuze operatief ingrijpen of niet
Welke methoden bestaan er?
1. Visuele beoordeling
2. Röntgenologisch onderzoek
3. Andere aanvullende diagnostiek