Hoofdstuk 10
Bij communicatie- of mediaonderzoek wordt er vaak gefocust op een van
de twee volgende onderwerpen: het mediagebruik van een bepaalde
groep mensen en de werking en effecten van media.
Er is al ongelofelijk veel onderzoek gedaan naar de impact van media. Alle
bronnen en onderzoeken (of zelf uitgevoerd onderzoek) helpen
mediamakers goede keuzes te maken op het gebied van communicatie,
journalistiek en mediaplanning.
Er zijn verschillende soorten onderzoek. Het fundamentele onderzoek is
gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek. Daarnaast heb je
praktijkgericht onderzoek. Bij fundamenteel onderzoek werk je met een
hypothese ofwel een onderzoeksvraag. Met je onderzoek is het de
bedoeling om deze hypothese te bevestigen of onderuit te halen.
Praktijkonderzoek zet je in als je een praktisch probleem wilt oplossen. Je
richt je dan meer op specifieke gevallen dan op een algemene regel.
Omdat je bij praktijkgericht onderzoek je kennis over onderwerpen echt
gaat toepassen in de praktijk, heet dit ookwel “toegepast onderzoek”.
Een theorie die we goed als voorbeeld kunnen gebruiken: waarom slaat de
ene campagne online veel meer aan dan de andere? Fundamenteel
onderzoek zou zich hier richten op de houdbaarheid van deze stellening.
Klopt dit eigenlijk wel? Praktijkgericht onderzoek zou dit bij een specifiek
bedrijf gaan onderzoeken en hier oplossingen voor bieden.
Welke methode je als onderzoeker wilt gebruiken voor je mediaonderzoek,
ligt heel erg aan de casus. Als je kiest voor praktijkgericht onderzoek, kan
je kiezen voor corporate communicatie. Dit houdt de gehele communicatie
van een bedrijf in wat zich richt op het schetsen van een positief beeld van
het bedrijf. Dit is zowel interne managementcommunicatie, externe
concerncommunicatie en marketingcommunicatie.
Als je onderzoek gaat doet is het belangrijk je af te vragen hoe je een
bericht wilt brengen en met welke invalshoek je wilt gaan werken. Je moet
jezelf hierbij kritische vragen stellen zoals: welke vormen kan een
journalistiek verslag aannemen?, hoe wil ik de voor- en tegenstanders
laten zien?, welke informatie ligt gevoelig bij het publiek?. Zulke vragen
worden ookwel metavragen genoemd. Metavragen in het kort: dit zijn
vragen die gaan over de verantwoording van je veronderstellingen en
invalshoek.
Bij communicatieonderzoek heb je te maken met meerdere analyse
eenheden. Je moet rekening houden met de kenmerken van zender,