2. Oorzaak
De specifieke oorzaak van alzheimer is niet bekent. Wetenschappers hebben vier dingen gevonden
die waarschijnlijk een grote rol spelen bij het ontstaan van alzheimer. Dit is het samenklonteren van
Amyloid, de tau eiwitkluwen, de gliacellen, en de Bloed-hersenbarrière.
Het alzheimereiwit Amyloid gaat samenklonteren in de hersenen. Deze klontjes bevinden zich tussen
de zenuwcellen in en vormen hierdoor een barrière tussen de zenuwcellen waardoor de zenuwcellen
niet meer goed kunnen communiceren. De opeengestapelde klontjes van Amyloid noemen we
‘plaques’. De plaques bevinden zich voornamelijk in hippocampus waardoor het geheugen word
aangetast.
Tau bevindt zich binnen in een cel en zorgt voor de transport van voedingsstoffen in het
zenuwstelsel. Bij alzheimer wordt het transport van de voedingsstoffen door de zenuwcellen door
verstoord. De Tau eiwitten doen hun werk niet meer goed of helemaal niet waardoor de zenuwcellen
zullen afsterven.
De gliacellen ruimen afvalstoffen op in ons brein, zo ook de Amyloid. Bij alzheimer versnellen ze zeer
waarschijnlijk het ziekteproces door overactief te reageren op de Amyloid. Ze proberen de plaques te
vernietigen door er omheen te gaan liggen en stofjes aan te maken waarmee ze de plaques proberen
te vernietigen. Deze agressieve aanpak is dus waarschijnlijk een factor die het ziekteproces alleen
maar versnellen in plaats van tegen gaan. Omdat het beschrijden van de Amyloid met de gliacellen
veel energie kost, hierdoor raakt het hersenweefsel uitgeput waardoor dit uiteindelijk zal afsteven.
De Bloed-hersenbarrière zorg ervoor dat er geen giftige stoffen de hersen binnen kunnen dringen en
zorg ervoor dat de afvalstoffen de hersenen kunnen verlaten. Als de Bloed-hersenbarrière zijn werk
niet meer goed doet, wat bij alzheimer het geval is, kunnen de giftige stoffen de hersenen niet
verlaten en zullen zich dus in de hersenen gaan ophopen.