12-01-2026
Student:
Studentnummer:
E-mail:
Cursus-code: GVE-4R1-PLR
Docent/ examinator:
2e examinator:
Inleverdatum:
Aantal woorden klinisch redeneren: 4.003
Aantal woorden verpleegkundig
leiderschap: 1.772
Aantal woorden normatieve
professionalisering: 2.963
Eerste poging
0
,Voorwoord
Hier presenteer ik mijn stage portofolio voor het praktijkleren vier. Gedurende
deze stage heb ik ervaringen opgedaan op de detox-afdeling binnen de
verslavingszorg. Tijdens deze periode heb ik mij verdiept in het klinisch
redeneren, verpleegkundig leiderschap en normatieve professionalisering.
In dit portofolio laat ik zien hoe ik theorie en praktijk heb samengebracht en hoe
ik mij als toekomstige professional heb ontwikkeld. Het verslag weergeeft hoe ik
klinische situaties analyseer, mijn keuzes onderbouw en verpleegkundige
interventies toepas.
Bovendien beschrijf ik hoe ik leiderschap heb herkend, geobserveerd en in de
dagelijkse zorg heb toegepast. Daarnaast is er gereflecteerd op de morele
dilemma’s die ik in de praktijk ben tegengekomen en hoe deze mijn professionele
houding hebben beïnvloedt.
Dit portofolio is bedoeld om inzicht te geven in mijn leerproces, mijn handelen op
de werkvloer en mijn groei als verpleegkundige. Het laat zien waar ik nu sta en
welke richting ik wil groeien.
1
,Inhoudsopgave
Voorwoord.............................................................................................................. 1
Opdracht klinisch redeneren................................................................................... 4
Probleem oriëntatie................................................................................................ 5
SBAR-methode.................................................................................................... 5
Situatie............................................................................................................. 5
Background...................................................................................................... 5
Assessment...................................................................................................... 6
Differentiaaldiagnose....................................................................................... 7
Recommandaties.............................................................................................. 8
Conclusie.......................................................................................................... 9
Probleemanalyse.................................................................................................. 10
Orgaansystemen............................................................................................... 10
Neurologisch systeem brein...........................................................................10
Cardiovasculair systeem................................................................................ 10
Respiratoir systeem....................................................................................... 10
Endocrien systeem......................................................................................... 11
Hepatisch systeem......................................................................................... 11
Psychische stoornissen................................................................................... 11
Psychosociale stoornissen.............................................................................. 12
Aanvullend onderzoek en diagnose......................................................................14
Aanvullend onderzoek....................................................................................... 14
Verpleegkundige problemen (diagnose)............................................................15
Klinisch beleid...................................................................................................... 16
Klinisch verloop.................................................................................................... 17
Verwacht klinisch verloop op korte termijn........................................................17
Verwacht klinisch verloop op lange termijn.......................................................18
Gevolgen van de ziekte voor functioneren........................................................19
Ondersteuning van zelfmanagement................................................................19
Professionele zorg en mantelzorg......................................................................20
Evaluatie............................................................................................................... 22
Literatuurlijst:....................................................................................................... 23
Bijlagen................................................................................................................ 28
Bijlage A: MANSA-meetinstrument....................................................................28
Bijlage B: Risico op depressie............................................................................29
Bijlage C: DASS-meetinstrument.......................................................................30
2
, Bijlage D: ASRS-A meetinstrument....................................................................31
Opdracht verpleegkundig leiderschap..................................................................32
Fase 1: Verkennen van leiderschap......................................................................33
Fase 2: Observeren en reflecteren van leiderschap..............................................35
Fase 3: Bewust experimenteren met leiderschap.................................................38
Literatuurlijst:....................................................................................................... 39
Bijlagen................................................................................................................ 40
Bijlage E: Verpleegkundig leiderschap...............................................................40
Bijlage F: Poster Is ‘zo nodig’ wel nodig.............................................................41
Bijlage G: Ingevulde Leadership Practise Inventory (LPI)...................................42
Normatieve professionalisering............................................................................ 45
Normatieve professionalisering............................................................................ 46
Focus................................................................................................................. 46
Onderzoek......................................................................................................... 47
Analyse van de factoren................................................................................. 47
Verwerking van ethische begrippen...............................................................48
Belangen........................................................................................................ 49
Morele kwaliteiten.......................................................................................... 49
Normatieve professionalisering.........................................................................50
Dialoog.............................................................................................................. 53
Verandering en kritische reflectie......................................................................54
Literatuurlijst:....................................................................................................... 56
3
,Opdracht klinisch redeneren
4
, Probleem oriëntatie
Door de Nederlandse wetgeving en regels die gericht zijn op het waarborgen van
de anonimiteit van de patiënt, wordt de patiënt aangeduid als mevrouw X
(Autoriteit Persoonsgegevens, 2025).
SBAR-methode
Om het overzicht te bewaken in dit verslag en de casus goed te beschrijven is er
gebruik gemaakt van de SBAR-methode (Lansink, P. & Ketelaar, N., 2017). Deze
methodiek helpt om de situatie van de client gestructureerd, beknopt en klinisch
relevant weer te geven.
Situatie
Mevrouw X is een 38-jarige vrouw uit Polen die in Nederland woont. Zij heeft zich
geregistreerd bij de afdeling voor detoxificatie van Jellinek vanwege haar
problematische gebruik van alcohol en tabak. Zij is onlangs opgenomen in het
detoxificatieprogramma, waar zowel aan fysieke ontwenning als aan het
versterken van motivatie wordt gewerkt om mevrouw te helpen abstinentie te
bereiken.
De reden voor de aanmelding is dat mevrouw het gevoel heeft de controle over
haar alcoholconsumptie verloren te hebben en zich schaamt tegenover haar man
en kinderen, die haar alcoholgebruik steeds vaker thuis opmerken. Ze geeft aan
“niet zo verder te willen leven” en streeft ernaar een beter voorbeeld te zijn voor
haar familie.
Cliënte consumeert momenteel gemiddeld acht eenheden per dag, doorgaans na
22:00 uur, en rookt vier sigaretten per dag, alleen in combinatie met alcohol. Ze
vertelt over gevoelens van vermoeidheid, een gespannen lichaam en een
groeiende innerlijke onrust.
Cliënte ervaart ook slaapproblemen. Ze heeft moeite met het inslapen, wordt niet
uitgerust wakker en voelt zich ’s ochtends futloos en prikkelbaar. Daarnaast
ervaart zij emotionele schommelingen en piekeren over haar toekomst. Haar
echtgenoot is niet op de hoogte van de huidige behandeling, wat bijdraagt aan
gevoelens van spanning en schuld. Uit observaties op de afdeling komt naar
voren dat mevrouw gemotiveerd is om te stoppen, maar onzeker is over haar
eigen vermogen om dit vol te houden buiten de kliniek. Ze toont bereidheid tot
samenwerking met het behandelteam, maar worstelt met schaamte en angst
voor terugval.
Background
De cliënte heeft een achtergrond van langdurig gebruik van alcohol en tabak.
Sinds haar 25-jarige leeftijd drinkt ze dagelijks gemiddeld acht eenheden alcohol,
vooral na 22:00 uur. Zij rookt bovendien dagelijks ongeveer vier sigaretten, alleen
in combinatie met alcohol.
In 2022 – 2023 heeft zij een onlinebehandeling gevolgd bij een Poolse
psycholoog, zonder significante resultaat. Er is geen eerdere behandeling binnen
de Nederlandse verslavingszorg geweest. Somatisch is de voorgeschiedenis
beperkt. In 2009 een trombose tijdens de zwangerschap en in 2014 een
5
Student:
Studentnummer:
E-mail:
Cursus-code: GVE-4R1-PLR
Docent/ examinator:
2e examinator:
Inleverdatum:
Aantal woorden klinisch redeneren: 4.003
Aantal woorden verpleegkundig
leiderschap: 1.772
Aantal woorden normatieve
professionalisering: 2.963
Eerste poging
0
,Voorwoord
Hier presenteer ik mijn stage portofolio voor het praktijkleren vier. Gedurende
deze stage heb ik ervaringen opgedaan op de detox-afdeling binnen de
verslavingszorg. Tijdens deze periode heb ik mij verdiept in het klinisch
redeneren, verpleegkundig leiderschap en normatieve professionalisering.
In dit portofolio laat ik zien hoe ik theorie en praktijk heb samengebracht en hoe
ik mij als toekomstige professional heb ontwikkeld. Het verslag weergeeft hoe ik
klinische situaties analyseer, mijn keuzes onderbouw en verpleegkundige
interventies toepas.
Bovendien beschrijf ik hoe ik leiderschap heb herkend, geobserveerd en in de
dagelijkse zorg heb toegepast. Daarnaast is er gereflecteerd op de morele
dilemma’s die ik in de praktijk ben tegengekomen en hoe deze mijn professionele
houding hebben beïnvloedt.
Dit portofolio is bedoeld om inzicht te geven in mijn leerproces, mijn handelen op
de werkvloer en mijn groei als verpleegkundige. Het laat zien waar ik nu sta en
welke richting ik wil groeien.
1
,Inhoudsopgave
Voorwoord.............................................................................................................. 1
Opdracht klinisch redeneren................................................................................... 4
Probleem oriëntatie................................................................................................ 5
SBAR-methode.................................................................................................... 5
Situatie............................................................................................................. 5
Background...................................................................................................... 5
Assessment...................................................................................................... 6
Differentiaaldiagnose....................................................................................... 7
Recommandaties.............................................................................................. 8
Conclusie.......................................................................................................... 9
Probleemanalyse.................................................................................................. 10
Orgaansystemen............................................................................................... 10
Neurologisch systeem brein...........................................................................10
Cardiovasculair systeem................................................................................ 10
Respiratoir systeem....................................................................................... 10
Endocrien systeem......................................................................................... 11
Hepatisch systeem......................................................................................... 11
Psychische stoornissen................................................................................... 11
Psychosociale stoornissen.............................................................................. 12
Aanvullend onderzoek en diagnose......................................................................14
Aanvullend onderzoek....................................................................................... 14
Verpleegkundige problemen (diagnose)............................................................15
Klinisch beleid...................................................................................................... 16
Klinisch verloop.................................................................................................... 17
Verwacht klinisch verloop op korte termijn........................................................17
Verwacht klinisch verloop op lange termijn.......................................................18
Gevolgen van de ziekte voor functioneren........................................................19
Ondersteuning van zelfmanagement................................................................19
Professionele zorg en mantelzorg......................................................................20
Evaluatie............................................................................................................... 22
Literatuurlijst:....................................................................................................... 23
Bijlagen................................................................................................................ 28
Bijlage A: MANSA-meetinstrument....................................................................28
Bijlage B: Risico op depressie............................................................................29
Bijlage C: DASS-meetinstrument.......................................................................30
2
, Bijlage D: ASRS-A meetinstrument....................................................................31
Opdracht verpleegkundig leiderschap..................................................................32
Fase 1: Verkennen van leiderschap......................................................................33
Fase 2: Observeren en reflecteren van leiderschap..............................................35
Fase 3: Bewust experimenteren met leiderschap.................................................38
Literatuurlijst:....................................................................................................... 39
Bijlagen................................................................................................................ 40
Bijlage E: Verpleegkundig leiderschap...............................................................40
Bijlage F: Poster Is ‘zo nodig’ wel nodig.............................................................41
Bijlage G: Ingevulde Leadership Practise Inventory (LPI)...................................42
Normatieve professionalisering............................................................................ 45
Normatieve professionalisering............................................................................ 46
Focus................................................................................................................. 46
Onderzoek......................................................................................................... 47
Analyse van de factoren................................................................................. 47
Verwerking van ethische begrippen...............................................................48
Belangen........................................................................................................ 49
Morele kwaliteiten.......................................................................................... 49
Normatieve professionalisering.........................................................................50
Dialoog.............................................................................................................. 53
Verandering en kritische reflectie......................................................................54
Literatuurlijst:....................................................................................................... 56
3
,Opdracht klinisch redeneren
4
, Probleem oriëntatie
Door de Nederlandse wetgeving en regels die gericht zijn op het waarborgen van
de anonimiteit van de patiënt, wordt de patiënt aangeduid als mevrouw X
(Autoriteit Persoonsgegevens, 2025).
SBAR-methode
Om het overzicht te bewaken in dit verslag en de casus goed te beschrijven is er
gebruik gemaakt van de SBAR-methode (Lansink, P. & Ketelaar, N., 2017). Deze
methodiek helpt om de situatie van de client gestructureerd, beknopt en klinisch
relevant weer te geven.
Situatie
Mevrouw X is een 38-jarige vrouw uit Polen die in Nederland woont. Zij heeft zich
geregistreerd bij de afdeling voor detoxificatie van Jellinek vanwege haar
problematische gebruik van alcohol en tabak. Zij is onlangs opgenomen in het
detoxificatieprogramma, waar zowel aan fysieke ontwenning als aan het
versterken van motivatie wordt gewerkt om mevrouw te helpen abstinentie te
bereiken.
De reden voor de aanmelding is dat mevrouw het gevoel heeft de controle over
haar alcoholconsumptie verloren te hebben en zich schaamt tegenover haar man
en kinderen, die haar alcoholgebruik steeds vaker thuis opmerken. Ze geeft aan
“niet zo verder te willen leven” en streeft ernaar een beter voorbeeld te zijn voor
haar familie.
Cliënte consumeert momenteel gemiddeld acht eenheden per dag, doorgaans na
22:00 uur, en rookt vier sigaretten per dag, alleen in combinatie met alcohol. Ze
vertelt over gevoelens van vermoeidheid, een gespannen lichaam en een
groeiende innerlijke onrust.
Cliënte ervaart ook slaapproblemen. Ze heeft moeite met het inslapen, wordt niet
uitgerust wakker en voelt zich ’s ochtends futloos en prikkelbaar. Daarnaast
ervaart zij emotionele schommelingen en piekeren over haar toekomst. Haar
echtgenoot is niet op de hoogte van de huidige behandeling, wat bijdraagt aan
gevoelens van spanning en schuld. Uit observaties op de afdeling komt naar
voren dat mevrouw gemotiveerd is om te stoppen, maar onzeker is over haar
eigen vermogen om dit vol te houden buiten de kliniek. Ze toont bereidheid tot
samenwerking met het behandelteam, maar worstelt met schaamte en angst
voor terugval.
Background
De cliënte heeft een achtergrond van langdurig gebruik van alcohol en tabak.
Sinds haar 25-jarige leeftijd drinkt ze dagelijks gemiddeld acht eenheden alcohol,
vooral na 22:00 uur. Zij rookt bovendien dagelijks ongeveer vier sigaretten, alleen
in combinatie met alcohol.
In 2022 – 2023 heeft zij een onlinebehandeling gevolgd bij een Poolse
psycholoog, zonder significante resultaat. Er is geen eerdere behandeling binnen
de Nederlandse verslavingszorg geweest. Somatisch is de voorgeschiedenis
beperkt. In 2009 een trombose tijdens de zwangerschap en in 2014 een
5