Thema 8 stofwisseling samenvatting
Paragraaf 1, chemie in cellen, wat is stofwisseling en hoe zorgen
assimilatie en dissimilatie voor een toe- en afname van energie
Stofwisseling
- Ook wel metabolisme genoemd
- Alle chemische reacties in het lichaam
Omzetten van stoffen naar andere stoffen
Waarbij energie nodig is of vrij komt
Fotosynthese:
- CO2 + H2O C6H12O6 + O2
Verbranding:
- C6H12O6 + O2 CO2 + H2O + ATP (energie)
Assimilatie en dissimilatie
- Assimilatie = dan maak je van kleine stoffen grote stoffen, je hebt energie
nodig (voorbeeld: fotosynthese)
- Dissimilatie = dan breek je grote stoffen af in kleine stoffen, daarbij komt
energie vrij (voorbeeld: verbranding)
Het verschil tussen organisch en anorganische stoffen: (binas 67F t/m 67I en 99)
- Organisch: komen van organismen
- Organisch: grote moleculen
- Organisch: altijd C, H, O (vaak N, P)
- Organisch: energierijk
- Anorganisch: geen organisme nodig / levenloze natuur
- Kleine moleculen
- Energiearm
Autotroof vs Heterotroof
niet alle organismen kunnen aan primaire assimilatie doen (zelf glucose maken)
- Organismen die dit wel kunnen noemen we autotroof (zelfvoedend)
- Organismen die organische stoffen nodig hebben noemen we heterotroof
(andersvoedend)
Energie en ATP
, - Veel processen in de cel kosten energie
- Wordt geproduceerd in de mitochondriën en de chloroplasten
- Energie wordt opgeslagen in een ATP molecuul (biologische batterij van de
cel) en verplaatst naar andere plekken in de cel
Voortgezette Assimilatie
Assimilatie wordt opgedeeld in 2 soorten:
- Primaire assimilatie (of koolstofassimilatie)
Oftewel fotosynthese
Omzetten van anorganische naar organische stoffen
CO2 + H2O + energie C6H12O6 + O2
- Voortgezette assimilatie
Omzetten van kleine organische stoffen naar grotere organische stoffen
Glucose + ATP zetmeel + H2O
Vormen van stofwisseling
1. Assimilatie kost energie (ATP ADP) energie wordt opgeslagen in het
grotere molecuul als chemische energie
Voorbeeld: fotosynthese & chemosynthese
2. Voortgezette assimilatie kost energie (ATP ADP) energie wordt
opgeslagen in het nog grotere molecuul als chemische energie
Voorbeeld: eiwitsynthese
3. Dissimilatie levert energie op (ADP ATP) energie komt vrij door de
afbraak van het grotere molecuul
Voorbeeld: verbranding in plant of dier
Paragraaf 2, enzymen, Wat zijn enzymen en onder welke
omstandigheden kunnen enzymen hun werk het beste uitvoeren
Enzymen (biokatalysatoren)
Zorgen ervoor dat reacties sneller verlopen zonder zelf verbruikt te worden
- Sleutel-slot principe
- Substraat bindt op actief centrum
Enzymen – eigenschappen
Paragraaf 1, chemie in cellen, wat is stofwisseling en hoe zorgen
assimilatie en dissimilatie voor een toe- en afname van energie
Stofwisseling
- Ook wel metabolisme genoemd
- Alle chemische reacties in het lichaam
Omzetten van stoffen naar andere stoffen
Waarbij energie nodig is of vrij komt
Fotosynthese:
- CO2 + H2O C6H12O6 + O2
Verbranding:
- C6H12O6 + O2 CO2 + H2O + ATP (energie)
Assimilatie en dissimilatie
- Assimilatie = dan maak je van kleine stoffen grote stoffen, je hebt energie
nodig (voorbeeld: fotosynthese)
- Dissimilatie = dan breek je grote stoffen af in kleine stoffen, daarbij komt
energie vrij (voorbeeld: verbranding)
Het verschil tussen organisch en anorganische stoffen: (binas 67F t/m 67I en 99)
- Organisch: komen van organismen
- Organisch: grote moleculen
- Organisch: altijd C, H, O (vaak N, P)
- Organisch: energierijk
- Anorganisch: geen organisme nodig / levenloze natuur
- Kleine moleculen
- Energiearm
Autotroof vs Heterotroof
niet alle organismen kunnen aan primaire assimilatie doen (zelf glucose maken)
- Organismen die dit wel kunnen noemen we autotroof (zelfvoedend)
- Organismen die organische stoffen nodig hebben noemen we heterotroof
(andersvoedend)
Energie en ATP
, - Veel processen in de cel kosten energie
- Wordt geproduceerd in de mitochondriën en de chloroplasten
- Energie wordt opgeslagen in een ATP molecuul (biologische batterij van de
cel) en verplaatst naar andere plekken in de cel
Voortgezette Assimilatie
Assimilatie wordt opgedeeld in 2 soorten:
- Primaire assimilatie (of koolstofassimilatie)
Oftewel fotosynthese
Omzetten van anorganische naar organische stoffen
CO2 + H2O + energie C6H12O6 + O2
- Voortgezette assimilatie
Omzetten van kleine organische stoffen naar grotere organische stoffen
Glucose + ATP zetmeel + H2O
Vormen van stofwisseling
1. Assimilatie kost energie (ATP ADP) energie wordt opgeslagen in het
grotere molecuul als chemische energie
Voorbeeld: fotosynthese & chemosynthese
2. Voortgezette assimilatie kost energie (ATP ADP) energie wordt
opgeslagen in het nog grotere molecuul als chemische energie
Voorbeeld: eiwitsynthese
3. Dissimilatie levert energie op (ADP ATP) energie komt vrij door de
afbraak van het grotere molecuul
Voorbeeld: verbranding in plant of dier
Paragraaf 2, enzymen, Wat zijn enzymen en onder welke
omstandigheden kunnen enzymen hun werk het beste uitvoeren
Enzymen (biokatalysatoren)
Zorgen ervoor dat reacties sneller verlopen zonder zelf verbruikt te worden
- Sleutel-slot principe
- Substraat bindt op actief centrum
Enzymen – eigenschappen