Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Complete samenvatting Europees recht HvA blok 7 week 1/3

Beoordeling
4,0
(3)
Verkocht
11
Pagina's
16
Geüpload op
01-03-2026
Geschreven in
2025/2026

Week 1 tm 3 Compleet incl. alle voorgeschreven arresten

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting Europa en Privacy
Week 1
Hoofdstuk 1

Totstandkoming
- EEG (Europese Economische Gemeenschep  (EG) Europese Gemeenschap  (EU) Europese
Gemeenschap.
- EU = Organisatie met nieuwe bevoegdheden t.a.v. de voorlopers.
- Fundament EU  menselijke waarden (eerbied voordemocratie, rechtstaat en mensenrechten)

1.1. Vormen van samenwerking
- Verdrag  schriftelijk vastgelegde overeenkomst tussen landen. Verschillende zaken zoals onder
andere de bescherming van een internationale rivier.
- Een verdrag wordt gesloten tussen de regeringen van landen en treedt pas in werking nadat door alle
landen – of soms een minimumaantal landen – formeel is goedgekeurd (geratificeerd)
- Ratificatie  formele goedkeuring, gebeurt doorgaans door de regering en pas na een parlementaire
goedkeuring van het verdrag. In sommige landen wordt een verdrag pas goed gekeurd via een
referendum (de meerderheid van de bevolking spreekt zich uit)

Verschillende vormen van intensiteit van samenwerkingen
 Intergouvernementele samenwerking
- Een organisatie die alleen activiteiten kan ontwikkelen wanneer alle aangesloten laden daarmee
akkoord gaan. Landen kunnen nooit worden gedwongen mee te doen aan de activiteiten.
- Voorbeeld: Verenigde Naties (VN), World Trade Organization (WTO), Noor-Atlantische
Verdragsorganisatie (NAVO) & Organisation for Economic Co-operation en Development (OECD)
- Kenmerk  Organisatie kan niet doen zonder toestemming van de lidstaten
 Supranationale samenwerking
- Een organisatie die – in beperkte mate – bevoegdheden van de samenwerkende staten overneemt.
Binnen de EU bestaat deze samenwerking op het gebied van douanerechten (= invoer en
uitvoertarieven). Wijziging van douanerechten kan zonder toestemming van lidstaten.
- Kenmerk  Organisatie die op een aantal gebieden kan handelen zonder toestemming van de lidstaten
 Federale samenwerking
- De meeste intensieve vorm van samenwerking. Er wordt een overkoepelende staat opgericht die op
veel gebieden de bevoegdheden van de samenwerkende staten overneemt.
- Voorbeeld: Duitsland en de VS
- Kenmerk  overkoepelende staat die op veel gebieden de handelingsbevoegdheid van lidstaten
overneemt.

Verschillende vormen van intensiteit van economische samenwerkingen
 Vrijhandelszone
- De lidstaten onderling hebben alle douanerechten (= financiële lasten bij in- en uitvoer) afgeschaft. Elk
van de landen binnen de vrijhandelszone kan douanerechten heffen op producten uit niet-aangesloten
landen. Product uit Afghanistan, geïmporteerd naar lidstaat A kan niet vrij worden verhandeld naar
lidstaat B van de vrijhandelszone.
- Kenmerk  afwezigheid van onderlinge douanerechten
 Douane-unie
- De lidstaten schaffen de onderlinge douanerechten en hanteren tevens een gemeenschappelijk
buitentarief ten aanzien van producten afkomstig uit niet lidstaten. Na import in lidstaat C het uit
Afghanistan geïmporteerde product volledig vrij circuleren in alle andere lidstaten van de douane-unie.
- Kenmerk  vrijhandelszone + gemeenschappelijk buitentarief
 Interne markt
- Deze vorm van samenwerking heeft ten doel om op economisch gebied de bestaande binnenmarkten
van de lidstaten te vervangen door één binnenmarkt. Alle hinderpalen voor vrij verkeer van goederen,
personen, diensten en kapitaal worden afgeschaft.
- Kenmerk  Douane-unie + vrij verkeer van goederen, personen, diensten en kapitaal
 Economische en Monetaire UNIE (EMU)
- De interne markt wordt uitgebreid met een gezamenlijke munt en gezamenlijk economisch en monetair
beleid. Voordeel is dat de interne markt niet kan worden verstoord door wisselkoersschommelingen.
- Kenmerk  Interne markt + gezamenlijk economisch en monetair beleid

1.7. Van EG naar EU
De belangrijkste verdragen
 Het verdrag betreffende de Europese Unie (VEU)
 Het verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU)
 Het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (EU-Handvest)
- Deze verdragen worden de basisverdragen van de EU genoemd.
- Art. 1 VEU  hoge verdragsluitende partijen hebben een EU opgericht, waaraan de lidstaten
bevoegdheden toedelen om hun gemeenschappelijke doelstellingen te behalen.
- De EU is gebaseerd op de VEU en VWEU
- VEU  algemene bepalingen van de EU, voor supranationale samenwerking
- VWEU  bepalingen over de taken en bevoegdheden voor diverse projecten van de EU
- De VEU en VWEU hebben dezelfde rechtskracht, het maakt niet in welk verdrag een bepaling staat. Het
EU-Handvest heeft dezelfde rechtskracht als de basisverdragen (art. 6 lid 1 VEU)

Supranationale EU waarin lidstaten zo veel mogelijk de baas zijn gebleven

, - De EU heeft alle supranationale taken van de EG overgenomen  art. 1 VEU: ‘De Unie treedt in de
plaats van de Europese Gemeenschap, waarvan zij de opvolgster is’.
- Alleen op het Gemeenschappelijk Buitenlands en Veiligheidsbeleid (GBVB) is en blijft de
Intergouvernementele methode van toepassing.
- De huidige EU is geen volledig supranationale organisatie, maar een hybride (=tweeslachtige)
structuur. Het is een supranationale organisatie, waarbinnen de lidstaten zichzelf een prominente rol
hebben toebedeeld  supranationale organisatie met een sterk intergouvernementele inslag.
- Voordeel van tweeslachtigheid  dat lidstaten voelen zich niet te bedreigd in hun soevereiniteit
- Nadeel van tweeslachtigheid  slagvaardigheid van de organisatie in gevaar

Belangrijke instellingen van de EU
- Europees Parlement
- Europese Raad
- Raad (Raad van Ministers)
- Commissie
- Hof van Justitie van de EU (Hof van Justitie)

1.9 Toetreding EU
- Ieder Europees land kan verzoeken tot toetreding als het aan de eisen voor lidmaatschap voldoet 
art. 49 VEU
- De toetredende staat moet de in art. 2 VEU genoemde waarden (eerbied voor democratie, rechtstaat
en de mensenrechten eerbiedigt en zich ertoe verbindt deze waarden uit te dragen.
- De Europese Raas in Kopenhagen heeft de criteria voor toetreding verduidelijkt, het toetredende land
moet:
 Stabiele instellingen hebben die de democratie, de rechtstaat, de eerbiediging van mensenrechten en
respect voor minderheden waarborgt
 Een goed draaiende markteconomie en opgewassen zijn tegen concurrentie binnen de EU
 De verplichtingen van het lidmaatschap op zich nemen, de doelstellingen van de EU ondersteunen en
de gehele – reeds bestaande – EU-regelgeving overnemen en toepassen.
- Een Europees land kan niet toetreden als daar niet de democratie, de rechtsstaat en de mensenrechten
worden gewaarborgd.
- Toetreding vindt plaats middels een Toetredingsverdrag  Het verdrag tussen de bestaande lidstaten
en het land dat wil toetreden. Een toetredingsverdrag kan enkel in werking treden na goedkeuring door
alle lidstaten.
- In zo een toetredingsverdrag wordt een datum bepaal waarop de nieuwe lidstaat zal toetreden en
wordt in overgangsregelingen voorzien.
- Nieuwe toegereden lidstaten krijgen vanaf de dag van toetreding altijd een aantal jaren de tijd om zich
volledig aan te passen aan de nieuwe regels.

1.10Uittreding EU
- Het HvJ heeft in de zaak van Costa/ENEL  geconstateerd dat de lidstaten een Gemeenschap voor
onbepaalde tijd hebben opgericht (naast het feit dat voorrangsbeginsel regelt dat EU-wetgeving voor
nationale wetgeving gaat). Het Hof verduidelijkte dat het aangaan van een supranationaal
samenwerkingsverband een investering in de toekomst is, waarvan het lidmaatschap niet lichtzinnig
kan worden opgezegd.
- Art. 50 VEU  mogelijkheid tot uittreding erkend. 2 essentiële stappen van uittreding:
1. Het betreffende land moet kennisgeven aan de Europese Raas van zijn voornemen om zich terug te
trekken (notificatieplicht)
2. Binnen 2 jaar een akkoord sluiten over de terugtrekkingsvoorwaarden
- In het terugtrekkingsakkoord kan een overgangsperiode worden afgesproken, deze kan worden
verlengd en is bedoeld om te kunnen onderhandelen over een akkoord over de toekomstige
samenwerkingen.
Akkoord inzake toekomstige samenweking
- Het VEU en VWEU geven geen regels over hoe een akkoord over toekomstige samenwerking eruit moet
zien  verdrag van internationaal publiekrecht

Hoofdstuk 2

De EU/de lidstaten dienen zich te houden aan zes fundamentele rechtsbeginselen
 Voorrangsbeginsel
 Beginsel van loyale samenwerking
 Beginsel van bevoegdheidstoedeling
 Subsidiariteitsbeginsel
 Evenredigheidsbeginsel
 Gelijkheidsbeginsel
- Voorrangsbeginsel, beginsel van loyale samenwerking en het gelijkheidsbeginsel  Bevatten
verplichting voor lidstaten. Deze beginselen geven aan welke basisprincipes in acht moet worden
genomen door de lidstaten als gevolg van hun lidmaatschap van de EU.
- Het beginsel van bevoegdheidstoedeling, subsidiariteitsbeginsel en het evenredigheidsbeginsel 
primair gericht tot de EU-instellingen, zoals de Commissie. Deze basisprincipes dienen de EU-
instellingen in acht te nemen bij alle handelingen (bv. het maken van wetgeving). Indien zij dit niet
doen, dan is onrechtmatigheid van handelingen het gevolg.

2.1 Voorrangsbeginsel

, 1) Voorrangsbeginsel
- EU-recht wordt automatisch onderdeel van het recht van de lidstaten, dit betekent niet dat alle
lidstaten iedere EU-regel op uniforme wijzen toepassen. Bijvoorbeeld door een EU-regel die anders
wordt geïnterpreteerd in een andere lidstaat.
- Het kan dat een EU-regel overruled kan worden door Nederlandse nationale wetgeving, dit betekent
dat de EU-regel alleen nog maar in de overige lidstaten geldt. Als dit of op andere wijzen wordt
afgeweken van een bestaande EU-regel, dan heeft het weinig zin om op Europees niveau te streven
naar uniforme regels.
- Ter garantie van uniforme toepassing van EU-recht  Hof van Justitie heeft duidelijk gemaakt dat EU-
recht ‘voorrang’ heeft op nationale wetgeving. (Arrest: Costa/ENEL)
- Dankzij de supranationale rechtsorde hebben de lidstaten een deel van hun eigen soevereiniteit (=
exclusieve beslissingsbevoegdheid) afgegeven.
- Zelfs als de grondwet van een lidstaat geen voorrang verleent aan internationale verdragen  EU-recht
heeft in dat land alsnog voorrang.
- De voorrang van EU-recht in NL vloeit niet voort uit art. 94 van de Gw, maar uit de toetreding van NL
tot de supranationale EU.
- Gevolg van voorrang van EU-recht  alle nationale instanties (rechters en bestuursorganen) dienen
alle nationale regels die in strijd is met EU-recht buiten toepassing laten. Bij het nemen van
beslissingen moeten net doen alsof alle met EU-recht strijdige nationale regels niet bestaan, geldt ook
voor latere nationale wetgeving.
- EU-recht heeft niet altijd voorrang op rechterlijke beslissingen van gewijsde kracht  Caisse Vueling &
Lucchini, in verband met de rechtszekerheid blijft het toegekende in stand, ook al wordt later
vastgesteld dat daarbij het EU-recht niet wordt gerespecteerd.
- Het Hof van Justitie is volgens het voorrangsbeginsel de enige die mag en kan beoordelen of een ECB
(Europese Centrale Bank) beslissing rechtmatig is.

2) Beginsel van loyale samenwerking
- Art. 4 lid 3 VEU  lidstaten zijn verplicht om in alle opzichten de EU-instellingen te ondersteunen bij het
verwezenlijken van de doelstellingen van de EU.
- HvJ  verplichting tot loyale samenwerking vergaande praktische consequenties voor lidstaten.
- Concrete verplichtingen:
 Frankrijk moet optreden tegen gewelddadige boeren
- Franse boeren pleegden geweld tegen landbouwproducten uit andere lidstaten. Er werd onvoldoende
tegen opgetreden. HvJ: Frankrijk is verplicht om tijdig en doeltreffend op te treden tegen deze
geweldadige boeren. Gevolg van dit beginsel
 Overtreding van EU-regels: schadevergoeding volgens EU-regels
- Indien EU-regels worden overtreden door bijvoorbeeld onredelijke voorwaarden te stellen aan
producten en daarmee de interne markt te verstoren  Schadeclaim uitsluitend Europese
voorwaarden. Belangrijk als een de nationale wetgeving obstakels vormt om schadeclaims te
ontmoedigen. Zulke obstakels moet de nationale rechter buiten toepassing laten bij de beoordeling van
een schadeclaim.
 Regels in strijd met EU-recht: verplichting om deze te negeren
- Alle overheidsinstanties zijn onderworpen aan dit beginsel, ook provincies en gemeentes. Zelfs een
onafhankelijke nationale rechter wordt door het HvJ als een overheidsinstantie beschouwd die verplicht
is tot loyale samenwerking met de EU. Strijdige wetgeving dient te worden genegeerd.

3) Beginsel van bevoegdheidstoedeling
- EU beschikt enkel over de bevoegdheden die uitdrukkelijk zijn toegekend (geattribueerd) 
attributiebeginsel
- EU moet bij iedere voorgenomen activiteit nagaan of het daartoe wel de vereiste bevoegdheid heeft,
geldt ook voor wetgevingshandelingen.
4) Subsidiariteitsbeginsel
- EU mag alleen actie ondernemen indien Europese aanpak efficiënter is dan een aanpak op het niveau
van de lidstaten  bv. grensoverschrijdende problemen zoals luchtvervuiling.
- Speelt geen rol als de EU over exclusieve bevoegdheden beschikt.
- Subsidiariteitsbeginsel dient enkel in acht te worden genomen bij onderwerpen die niet onder de
exclusieve bevoegdheid van de EU vallen
- Exclusieve bevoegdheden van de EU: art. 3 VWEU
 Douane/unie
 Vaststelling mededing regels nodig voor de werking van de interne markt
 Monetair beleid voor lidstaten met de euro als munt
 Gemeenschappelijke handelspolitiek
 Instandhouding biologische rijkdommen van de zee (gemeenschappelijk visserijbeleid)
- Over deze onderwerpen hebben de lidstaten hun bevoegdheden exclusief overgedragen aan de EU,
hierom hebben de lidstaten geen enkele bevoegdheid om op deze gebieden actief te zijn.
- Voor deze onderwerpen is het subsidiariteitsbeginsel niet van toepassing

5) Evenredigheidsbeginsel
- EU bevoegd tot in stand brengen van wetgeving  wetgeving gaat niet verder dan voor het gestelde
doel noodzakelijk is
- Voorbeeld: verbieden van toevoegingen in voedsel, mag alleen voor zover vaststaat dat deze
schadelijk zijn voor de gezondheid.
- Basisprincipe dat in acht worden genomen bij handelingen van EU-instellingen en het HvJ hanteert dit
beginsel bij de beoordeling van rechtmatigheid van handelingen van lidstaten

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Hoofdstuk 1, 2, 3, 4, 5, 7, 8, 11
Geüpload op
1 maart 2026
Aantal pagina's
16
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING
€13,16
Krijg toegang tot het volledige document:
Gekocht door 11 studenten

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle 3 reviews worden weergegeven
2 maanden geleden

2 maanden geleden

2 maanden geleden

4,0

3 beoordelingen

5
1
4
1
3
1
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
Rechtenstudenthva Hogeschool van Amsterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
50
Lid sinds
1 jaar
Aantal volgers
1
Documenten
5
Laatst verkocht
2 weken geleden

4,5

6 beoordelingen

5
4
4
1
3
1
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen