BEVORDEREN VAN
ZELFMANAGEMENT
HBO Verpleegkunde Module bevorderen van
zelfmanagement.
Polling MI, Marit
,Inhoudsopgave
INLEIDING BEVORDEREN VAN ZELFMANAGEMENT .......................................... 2
HOOFDSTUK 1. CASUÏSTIEK ................................................................................ 3
1.1 PATRONEN VAN GORDON .......................................................................... 3
HOOFDSTUK 2. ZELF- EN SAMENREDZAAMHEID ............................................... 5
2.1 ZELFREDZAAMHEID .................................................................................... 5
2.2 SAMENREDZAAMHEID................................................................................. 5
2.3 ZELF- EN SAMENREDZAAMHEID IN DE PRAKTIJK ..................................... 5
2.4 VISIE ZELF- EN SAMENREDZAAMHEID ...................................................... 6
HOOFDSTUK 3. FAMILIE GESPREK ..................................................................... 7
3.1 SOCIAAL STADIUM ...................................................................................... 7
3.1.1 GENOGRAM ........................................................................................... 7
3.1.2 ECOGRAM .............................................................................................. 8
3.2 PROBLEEMSTADIUM ................................................................................... 9
3.3 INTERACTIESTADIUM ................................................................................ 10
3.4 DOEL- AFSPRAAKSTADIUM ...................................................................... 10
3.5 GEBRUIKTE GESPREKSTECHNIEKEN ...................................................... 11
3.6 FEEDBACK OP DE GEBRUIKTE GESPREKSTECHNIEKEN ....................... 12
HOOFDSTUK 4. ANALYSE VAN DE ZORGSITUATIE .......................................... 12
4.1 RISICO OP OVERBELASTING VAN DE MANTELZORGER......................... 12
HOOFDSTUK 5. ICT MOGELIJKHEDEN .............................................................. 15
HOOFDSTUK 6. THERAPEUTIC LETTER ............................................................ 16
, INLEIDING BEVORDEREN VAN ZELFMANAGEMENT
In de huidige gezondheidszorg wordt steeds meer gekeken naar wat een zorgvrager zelf kan
en hoe het sociale netwerk hierbij kan ondersteunen. Begrippen als zelfredzaamheid en
samenredzaamheid spelen hierin een belangrijke rol. Als verpleegkundige betekent dit dat
de zorg niet alleen gericht is op het behandelen van ziekte, maar ook op het versterken van
de eigen regie van de zorgvrager en het benutten van de mogelijkheden binnen het gezin en
de omgeving. Dit vraagt om een brede, holistische blik en een goede samenwerking binnen
het multidisciplinaire team (V&VN, z.d.d).
Zelfredzaamheid gaat over het vermogen van een zorgvrager om zo zelfstandig mogelijk te
functioneren in het dagelijks leven en eigen keuzes te maken rondom gezondheid en zorg.
Samenredzaamheid richt zich op de ondersteuning die wordt geboden door familie, naasten
en andere betrokkenen. Deze twee begrippen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en
komen in de verpleegkundige praktijk vaak samen, vooral bij patiënten met een chronische
of complexe zorgvraag. Daarbij spelen factoren zoals coping, zelfmanagement, levensfase
en draagkracht van het systeem een grote rol (Zorg voor Beter, 2022).
In deze module wordt ingezoomd op het systematisch in kaart brengen van zelf- en
samenredzaamheid binnen een zorgsituatie. Dit gebeurt door middel van een familie- en
systeemgericht assessment, waarbij gebruik wordt gemaakt van gevalideerde methodieken
en passende gesprekstechnieken. Tijdens deze gesprekken staat het ondersteunen van de
autonomie van de zorgvrager centraal, terwijl er ook aandacht is voor de belasting en
behoeften van mantelzorgers.
Daarnaast wordt de zorgsituatie geanalyseerd aan de hand van verkregen gegevens en
evidence-based practice. Hierbij wordt gekeken naar passende interventies en naar de
mogelijkheden van informatie- en communicatietechnologieën die zelf- en
samenredzaamheid kunnen ondersteunen. De verpleegkundige heeft hierin een coachende
en signalerende rol, waarbij keuzes worden afgestemd op de wensen, mogelijkheden en
grenzen van de zorgvrager en diens systeem.
De module wordt afgerond met het formuleren van een passend en begrijpelijk advies aan
de zorgvrager en familie, onder andere in de vorm van een therapeutische brief. Hiermee
wordt inzicht gegeven, erkenning geboden en richting gegeven aan het vervolg van de zorg,
met als doel het versterken van autonomie, draagkracht en samenwerking binnen het
zorgproces.
ZELFMANAGEMENT
HBO Verpleegkunde Module bevorderen van
zelfmanagement.
Polling MI, Marit
,Inhoudsopgave
INLEIDING BEVORDEREN VAN ZELFMANAGEMENT .......................................... 2
HOOFDSTUK 1. CASUÏSTIEK ................................................................................ 3
1.1 PATRONEN VAN GORDON .......................................................................... 3
HOOFDSTUK 2. ZELF- EN SAMENREDZAAMHEID ............................................... 5
2.1 ZELFREDZAAMHEID .................................................................................... 5
2.2 SAMENREDZAAMHEID................................................................................. 5
2.3 ZELF- EN SAMENREDZAAMHEID IN DE PRAKTIJK ..................................... 5
2.4 VISIE ZELF- EN SAMENREDZAAMHEID ...................................................... 6
HOOFDSTUK 3. FAMILIE GESPREK ..................................................................... 7
3.1 SOCIAAL STADIUM ...................................................................................... 7
3.1.1 GENOGRAM ........................................................................................... 7
3.1.2 ECOGRAM .............................................................................................. 8
3.2 PROBLEEMSTADIUM ................................................................................... 9
3.3 INTERACTIESTADIUM ................................................................................ 10
3.4 DOEL- AFSPRAAKSTADIUM ...................................................................... 10
3.5 GEBRUIKTE GESPREKSTECHNIEKEN ...................................................... 11
3.6 FEEDBACK OP DE GEBRUIKTE GESPREKSTECHNIEKEN ....................... 12
HOOFDSTUK 4. ANALYSE VAN DE ZORGSITUATIE .......................................... 12
4.1 RISICO OP OVERBELASTING VAN DE MANTELZORGER......................... 12
HOOFDSTUK 5. ICT MOGELIJKHEDEN .............................................................. 15
HOOFDSTUK 6. THERAPEUTIC LETTER ............................................................ 16
, INLEIDING BEVORDEREN VAN ZELFMANAGEMENT
In de huidige gezondheidszorg wordt steeds meer gekeken naar wat een zorgvrager zelf kan
en hoe het sociale netwerk hierbij kan ondersteunen. Begrippen als zelfredzaamheid en
samenredzaamheid spelen hierin een belangrijke rol. Als verpleegkundige betekent dit dat
de zorg niet alleen gericht is op het behandelen van ziekte, maar ook op het versterken van
de eigen regie van de zorgvrager en het benutten van de mogelijkheden binnen het gezin en
de omgeving. Dit vraagt om een brede, holistische blik en een goede samenwerking binnen
het multidisciplinaire team (V&VN, z.d.d).
Zelfredzaamheid gaat over het vermogen van een zorgvrager om zo zelfstandig mogelijk te
functioneren in het dagelijks leven en eigen keuzes te maken rondom gezondheid en zorg.
Samenredzaamheid richt zich op de ondersteuning die wordt geboden door familie, naasten
en andere betrokkenen. Deze twee begrippen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en
komen in de verpleegkundige praktijk vaak samen, vooral bij patiënten met een chronische
of complexe zorgvraag. Daarbij spelen factoren zoals coping, zelfmanagement, levensfase
en draagkracht van het systeem een grote rol (Zorg voor Beter, 2022).
In deze module wordt ingezoomd op het systematisch in kaart brengen van zelf- en
samenredzaamheid binnen een zorgsituatie. Dit gebeurt door middel van een familie- en
systeemgericht assessment, waarbij gebruik wordt gemaakt van gevalideerde methodieken
en passende gesprekstechnieken. Tijdens deze gesprekken staat het ondersteunen van de
autonomie van de zorgvrager centraal, terwijl er ook aandacht is voor de belasting en
behoeften van mantelzorgers.
Daarnaast wordt de zorgsituatie geanalyseerd aan de hand van verkregen gegevens en
evidence-based practice. Hierbij wordt gekeken naar passende interventies en naar de
mogelijkheden van informatie- en communicatietechnologieën die zelf- en
samenredzaamheid kunnen ondersteunen. De verpleegkundige heeft hierin een coachende
en signalerende rol, waarbij keuzes worden afgestemd op de wensen, mogelijkheden en
grenzen van de zorgvrager en diens systeem.
De module wordt afgerond met het formuleren van een passend en begrijpelijk advies aan
de zorgvrager en familie, onder andere in de vorm van een therapeutische brief. Hiermee
wordt inzicht gegeven, erkenning geboden en richting gegeven aan het vervolg van de zorg,
met als doel het versterken van autonomie, draagkracht en samenwerking binnen het
zorgproces.