recht (RGBUSBR005)
Leerdoelen.............................................................................................................................. 1
1. Samenvatting verplichte literatuur................................................................................... 2
Democratie......................................................................................................................... 2
Herziening grondwet.......................................................................................................... 3
2. Samenvatting aanvullende literatuur............................................................................... 5
Hendriks, Vitale democratie, Theorie van democratie in actie........................................... 5
Vugt & Gennip, ‘Herijking van grondwetsherzieningsprocedure’....................................... 5
Leerdoelen
Na bestudering van de voorgeschreven literatuur en jurisprudentie en het voorbereid en
actief bijwonen van de onderwijsbijeenkomsten kunt u …
● 1. verschillende democratiemodellen uitleggen en herkennen in de Nederlandse
Grondwet;
● 2. uitleggen hoe het Nederlandse kiesstelsel op hoofdlijnen werkt;
● 3. de (juridische) positie van politieke partijen omschrijven;
● 4. uitleggen welke ontwikkelingen of veranderingen er mogelijk zijn ter aanvulling of
versterking van de democratie in Nederland;
● 5. de grondwetsherzieningsprocedure beschrijven en het belang en proces van
constitutionele verandering duiden.
, 1. Samenvatting verplichte literatuur
Democratie
Kiesstelsel= Evenredigheidsstelsel (geldt in nederland), sinds 1917 (invoering kiesrecht)
- Kieswet, art 53 Gw: 1 kiesgebied (geen districten) > iedere stem telt gelijk=
evenredige vertegenwoordiging
Evenredige vertegenwoordiging versus meerderheidsstelsel
- Districtenstelsel (Eén winnaar in elk district)
- Voordelen:
- Meer aandacht voor lokale politiek
- Minder versplintering (grotere partijen)
- Nadelen:
- Minder algehele representatie
- Kleine groepen vallen weg in het geheel
Kiesdrempel, kiesdeler en voorkeursstemmen
- P5 Kieswet: Kiesdeler (aantal stemmen gedeeld door aantal zetels)
- Kan zijn dat iemand dan anderhalve zetel heeft
- Overschot aan zetels verdeeld over: Grootste gemiddelden
- Voorkeursstemmen: zetels worden eerst toegedeeld aan kandidaten met meer dan
25% van de kiesdeler
Direct versus representatief - Integratief versus aggregatief (Artikel Kummeling)
1. Directe democratie (referenda, besluiten en benoemingen)
2. Representatieve democratie (volksvertegenwoordiging)= In crisis volgens Kummeling
3. Integratief (zo veel mogelijk draagvlak creëren) (ook wel deliberatief)
4. Aggregatief= Alles op basis van meerderheid