Inhoud
Hoofdstuk 12 – Versnellen en Afbuigen.................................................................................................2
12.1 – Introductie...............................................................................................................................2
12.2 – Elektrische velden....................................................................................................................2
12.3 – Elektrisch versnellen................................................................................................................5
12.4 – Deeltjes magnetisch afbuigen..................................................................................................6
Hoofdstuk 13 – Zonnestelsel en Heelal..................................................................................................9
13.1 – Introductie...............................................................................................................................9
13.2 – Oppervlaktetemperatuur van sterren......................................................................................9
13.3 – Stralingsvermogen en afstand van sterren............................................................................10
13.4 – Samenstelling van sterren......................................................................................................12
13.5 – Snelheid en afstand van sterrenstelsels.................................................................................13
Hoofdstuk 14 – Quantumwereld..........................................................................................................14
14.1 – Introductie.............................................................................................................................14
14.2 – Golfkarakter van licht.............................................................................................................15
14.3 – Deeltjeskarakter van licht......................................................................................................17
14.4 – Golfkarakter van materiedeeltjes..........................................................................................18
14.5 – Golf-deeltje-dualiteit en onbepaaldheid................................................................................19
14.6 – Opgesloten deeltjes...............................................................................................................20
14.7 – Tunneling...............................................................................................................................20
, Hoofdstuk 12 – Versnellen en Afbuigen
12.1 – Introductie
Aarde heeft een magnetisch veld
- Magnetische veldlijnen geven richting aan waarin kompasnaald wijst, noordpool
kompasnaald in richting van het veld (noorden van aarde dus magnetische zuidpool)
Magnetische veldlijnen
- Veldlijnen van noord naar zuid en binnen door de magneet (geen begin- of eindpunt)
- Veldlijnen snijden elkaar niet
- Hoe dichter de veldlijnen bij elkaar liggen hoe sterker het magnetisch veld is
- Naaldmagneet wijst in richting van de raaklijn aan de veldlijn
Magnetisch veld in een punt is de magnetische veldsterkte B in Tesla
- De magnetische veldsterkte is een vectorgrootheid
Lorentzkracht
F L =B⊥ ∙ I ∙ l
- Rechterhand regel
o Duim = elektrische stroom
o Vingers = magnetische veld
o Uit de palm = lorentzkracht
12.2 – Elektrische velden
Elektrisch veld
- Voorwerpen kunnen elektrisch geladen worden
o Bijvoorbeeld als twee isolatoren over elkaar wrijven
Isolator: een materiaal waarin elektronen niet vrij kunnen stromen
o Elektronen kunnen dan overspringen van de ene naar de andere stof waardoor een
van de voorwerpen positief en de ander negatief geladen wordt
- Gelijke ladingen toten elkaar af, tegenovergestelde ladingen trekken elkaar aan
- De wisselwerking tussen geladen voorwerpen komt door het elektrisch veld rond een
voorwerp
o Het andere voorwerp ondervindt dan een elektrische kracht