De relatie tussen test anxiety, self-esteem
en sekseverschillen bij studenten.
Vrije Universiteit Amsterdam
Studie: -
Naam: -
Studentennummer: -
Docent: -
Groep: -
Statistiek 1
15/12/2025
Aantal woorden: 972
, 1
Uit eerdere studies blijkt dat test anxiety een aanzienlijke impact heeft op
universiteitsstudenten (Naveh-Benjamin et al., 1997). Deze vorm van angst kan niet alleen het
psychisch welzijn schaden (Embse et al., 2018), maar ook de studieprestaties ernstig
belemmeren (Cassady & Johnson, 2002). Test anxiety wordt gedefinieerd als de angst die
studenten ervaren in academische en beoordelingssituaties. (Pintrich et al., 1993).
Eerdere onderzoeken suggereren dat de manier waarop studenten zichzelf waarderen
invloed heeft op de beleving tijdens beoordelingsmomenten. Self-esteem verwijst naar de
waardering die iemand voor zichzelf heeft. In het onderzoek van Németh en Bernáth (2022)
werd het verband tussen test anxiety en self-esteem onderzocht. Het onderzoek werd
uitgevoerd onder 232 jongvolwassenen. Hieruit bleek dat het hebben van positief self-esteem
test anxiety vermindert (Németh & Bernáth, 2022).
Daarnaast is er een ander onderzoek gedaan naar een verband tussen sekseverschillen
en test anxiety. In het onderzoek van Fenouillet et al. (2023) namen 520 Franse middelbare
scholieren deel. Uit het onderzoek bleek dat meisjes op alle factoren van test anxiety hogere
scores rapporteerden dan jongens (Fenouillet et al., 2023).
Samenvattend laten eerdere studies zien dat de test anxiety zowel samenhangt met
self-esteem als met sekseverschillen (Németh & Bernáth, 2022; Fenouillet et al., 2023). Op
basis hiervan richt het onderzoek zich op de vraag hoe test anxiety samenhangt met self-
esteem en in welke mate sekseverschillen hierin een rol spelen. Er wordt een negatieve relatie
tussen test anxiety en self-esteem verwacht. Ook wordt er verwacht dat meisjes meer test
anxiety ervaren dan jongens.
Methode
Participanten
Aan dit onderzoek namen 400 studenten deel. Hiervan waren er 325 (81,2%) vrouw,
71 (17,8%) mannen en 4 (1%) gaven geen antwoord. Van de opleiding psychologie namen er
280 (70,0%) studenten deel aan het onderzoek, van pedagogiek 119 (29,8%), van PMC 0
(0,0%) en van PA-kwadraat 1 (0,2%). De leeftijd van de studenten varieerde van 17 tot 36 jaar
(M = 19.69, SD = 2.26). De studenten hadden uiteenlopende vooropleidingen, waaronder 339
(84,8%) studenten met een vwo-diploma, 22 (5,5%) een hbo-propedeuse, 5 (1,2%) een hbo-
diploma, 13 (3,2%) een wo-diploma en 21 (5,3%) een andere vooropleiding. Van de 400