Thema 1 Inleiding in het transcultureel kijken
Cultuur en etniciteit:
Cultuur: ‘het geheel van gevoelens, houdingen, ideeën en
veronderstellingen, oordelen ,tradities en rituelen die leden van een
bepaalde cultuur gemeen hebben en met elkaar creëren’
Etniciteit: ‘een saamhorigheidsgevoel een naar een identiteit die een
groep met gezamenlijke kenmerken verbind.’
De transculturele systeembenadering: een werkwijze met cliënten waarin
cultuur- gender- klassen en historische aspecten meegenomen worden.
Kenmerken van cultuur:
Multicultureel van oorsprong. Traditionele voorbeelden versus realiteit.
Verschillen binnen culturen:
- Cultuur is constant in beweging
- Verschillende culturele aspecten
- Culturele belevingen
- Intersectionaliteit
Intersectioneel denken:
Kijken naar alle verschillende aspecten, uit welke kenmerken bestaat een
persoon
, Kennislijn identiteiten
Culturele diversiteit in ons vakgebied
Twee visies naast elkaar:
Eerste visie Tweede visie
Kennis is helemaal niet nodig; Kennis over cultuur is cruciaal;
onhaalbaar (Hoffmann, 2002; noodzakelijk om in contact met
Kortmann, 2003, in Jessurun & cliënt te blijven (Hofstede, 2005;
Warring, 2018, p.125): Pinto, 2007 in Jessurun & Warring,
Oprechte betrokkenheid en respect 2018, p.125):
zijn voldoende Aandacht voor diversiteit in
Relevante informatie komt naar denken/ doen van culturen draagt
voren als je de gezinsstructuur en – bij aan wederzijds begrip.
patroon naar boven haalt Als professional moet je de juiste
vragen kunnen stellen
Bereid zijn om je culturele visie te
verbreden
Cultuursensitiviteit: ontvankelijk zijn voor de verschillen in ervaringen die
aan de eigen cultuur en die van de ander zijn verbonden.
Migratie:
Immigratie versus Emigratie
- Vrijwillig, eigen keuze niet op basis van risicofactoren.
- Semivrijwillig, bijv. gebrek aan voedingsmiddelen, werk of
leefomstandigheden.
- Onvrijwillig, vlucht of uitzetting. Oorlog, vervolging of uitzetting.
Migrantengroeperingen:
- Voormalige Nederlandse koloniën
- Gastarbeiders (Middellandse Zeegebied, Oost-Europa) (semi-
vrijwillig, kennismigrant)
- Vluchtelingen
- Illegalen, etc. (mensen zonder verblijfsvergunning)
Transitieproces:
1e fase: separatiefase, doe-fase, afscheid nemen van je land of plek van
herkomst. Verzekeringen afzeggen, huis verkopen, huur opzeggen, veel
regelen op de plek van bestemming. Kennis maken, nieuwe indrukken
opdoen. Opgelucht dat iedere stap die gelukt is, weer een stap van
blijdschap, terwijl je ook overspoelt word door alle nieuwe indrukken.
2e fase: overgangsfase ofwel liminele fase, proces van aanpassen vind
plaats, hele kwetsbare fase. Voelt zich nergens thuis, wennen aan de