Werkplaats havo 5
Hoofdstuk 10: De tijd van de televisie en de computer
Themakatern Midden-Oosten/Noord-Afrika: 3.3
Historische contexten: 2.2, 2.3, 3.1 en 3.2
10.1 Dekolonisatie
De golf van nationalisme in de koloniale rijken van de Europese mogendheden aan
het begin van de 20e eeuw, leidde na de Tweede Wereldoorlog tot dekolonisatie. De
kolonies keerden zich tegen hun Europese machthebbers en werden een
zelfstandige staat.
Brits-Indië
Na de verkiezingen van 1945 werd premier Winston Churchill vervangen door de
Labourleider Attlee. In tegenstelling tot Churchill, was Attlee van mening dat de
onafhankelijkheid van India onvermijdelijk was. Na de Tweede Wereldoorlog was
Groot-Brittannië namelijk te verzwakt om nog een groot koloniaal rijk te besturen en
de VS drongen aan op dekolonisatie. Premier Attlee had bewondering voor het
verzet van Gandhi en ze wilden beiden een verenigd India. De moslimleider Jinnah
eiste echter dat India zou worden opgedeeld in een islamitische staat (Pakistan) en
een hindoeïstische staat (India). Dit zorgde voor spanning en gewelduitbarstingen
tussen de moslims en de hindoes. Groot-Brittannië wilde weg uit India voordat dit
conflict uit de hand liep en stuurde lord Mountbatten om de dekolonisatie in India te
regelen. Op 15 augustus 1947 droeg lord Mountbatten de soevereiniteit over aan
India en Pakistan.
China, Indonesië en Vietnam
De Britten besloten om na Brits-Indië, ook de andere Aziatische koloniën
onafhankelijk te laten worden. Zo kwam er een eind aan het westerse overwicht in
Azië. China werd onafhankelijk en kreeg een communistisch regime onder Mao
Zedong en alle westerse invloed werd uit het land geweerd.
Nederland weigerde Indonesië op te geven, maar moest in 1949 toch toegeven aan
de Indonesische onafhankelijkheid. De machtspositie van Nederland in Indonesië
was door de bezetting van Japan in de Tweede Wereldoorlog verslechterd en ook
Nederland was na de oorlog te zwak om een koloniaal rijk te besturen. Na de
capitulatie van Japan in 1945 begon de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog,
waarin de Indonesiërs zich verzetten tegen het Europese bestuur. Nederland bleef
echter proberen om de macht in Indonesië te behouden. In 1947 begon het
Nederlandse leger met de eerste zogenoemde ‘politionele actie’. In werkelijkheid was
dit een militaire operatie die leidde tot geweld tussen het Nederlandse leger en de
Indonesiërs. In 1948 begon Nederland aan de tweede ‘politionele actie’ waarbij
Soekarno gevangen werd genomen. Dit leidde tot grote internationale
, verontwaardiging, waarop Nederland besloot om, onder dwang van de
Veiligheidsraad en de VS, Indonesië toch af te staan. Op 27 december 1949 vond de
soevereiniteitsoverdracht plaats en werd Indonesië onafhankelijk. Nieuw-Guinea
werd in 1962 pas onafhankelijk onder dwang van de VS.
Vietnam werd in 1954 onafhankelijk nadat het Frankrijk niet lukte om de macht te
heroveren van de communistische leider Ho Chi Minh. Frankrijk kreeg hulp van de
VS om voor het heroveren van Vietnam, maar Ho Chi Minh was te sterk omdat hij
hulp kreeg van het communistische China.
Het Midden-Oosten
Syrië en Libanon werden in 1946 onafhankelijk omdat de Duitse bezetting in de
Tweede Wereldoorlog ervoor zorgde dat het Franse bestuur eindigde in deze landen.
De Britten besloten Palestina te verlaten omdat de situatie daar onbeheersbaar werd.
Het geweld tussen joden en Arabieren nam namelijk toe doordat joden na de
Holocaust massaal naar Palestina trokken. Op 14 mei 1948 riep de joodse leider Ben
Goerion de joodse staat Israël uit.
In 1956 trokken de Britten uit Egypte nadat de Egyptische nationalist Nasser het
Suezkanaal bezette. De Britten kregen geen steun van de VS om het Suezkanaal te
heroveren, waardoor er niets anders opzat dan Egypte te verlaten.
Afrika
De onafhankelijkheid van Egypte zorgde ervoor dat de Britten, Fransen en Belgen
massaal hun Afrikaanse koloniën opgaven. Frankrijk wilde alleen Algerije niet
opgeven, omdat Algerije formeel een Franse provincie was. In 1954 begonnen
Algerijnse nationalisten een koloniale oorlog die Frankrijk in 1962 verloor.
In 1965 was bijna heel Afrika gedekoloniseerd. Angola, Mozambique Zimbabwe en
Zuid-Afrika werden pas later onafhankelijk: Angola en Mozambique in 1974,
Zimbabwe in 1980 en Zuid-Afrika in 1994.
10.2 De Koude Oorlog
Blokvorming
De VS en de Sovjet-Unie kwamen als supermachten uit de Tweede Wereldoorlog,
waardoor ze een grote bedreiging vormden voor elkaar. Hun ideologische verschillen
en vijandbeelden, versterkten deze spanningen. Europa werd gescheiden door het
IJzeren Gordijn. In het Westblok (ook wel ‘vrije westen’) heerste het kapitalisme en in
het Oostblok het communisme.
De VS (en West-Europa)
- Voorstander van democratie, vrijheid en kapitalisme
- Vrijemarkteconomie
- Trumandoctrine (1947)*: economische en militaire steun aan West-Europese
landen die bedreigd werden door het communisme. Dit gold niet voor de Oost-
Europese satellietstaten.