Beroep
Definitie en Reikwijdte
Criminaliteitsanalyse is veel breder dan alleen het analyseren van
misdrijven. Volgens de International Association of Crime Analysts (IACA) is
het een beroep en proces waarbij kwantitatieve en kwalitatieve technieken
worden gebruikt om gegevens te analyseren die waardevol zijn voor
politieorganisaties en hun gemeenschappen. Het ondersteunt diverse
functies, waaronder strafrechtelijk onderzoek, preventiestrategieën,
probleemoplossing en de evaluatie van politie-inspanningen.
De analyse richt zich op drie kernaspecten van incidenten:
1. Sociaaldemografisch: Kenmerken van individuen en groepen (zoals
geslacht, ras, leeftijd) om verdachten en slachtoffers te identificeren.
2. Ruimtelijk (Spatial): Het visueel weergeven van locaties op kaarten
om patronen te ontdekken waarbij slachtoffers en daders
samenkomen.
3. Temporeel: Het onderzoeken van trends over lange termijn,
seizoensinvloeden en patronen per weekdag of tijdstip.
Theoretisch Kader en Methodologie
Criminaliteitsanalyse is niet willekeurig, maar gebaseerd op de sociale
wetenschappen. Het maakt gebruik van:
Kwantitatieve methoden: Statistische analyses van numerieke
gegevens (frequenties, percentages, gemiddelden).
Kwalitatieve methoden: Onderzoek van niet-numerieke gegevens,
zoals veldonderzoek (observatie van locaties) en inhoudsanalyse
(lezen van politierapporten) om achterliggende oorzaken te vinden.
Stratified Policing: model dat criminaliteitsanalyse integreert in de
dagelijkse operaties van de politie door verantwoordelijkheden en
analyses te verdelen over verschillende niveaus van de organisatie, wat
zorgt voor een systematische en proactieve aanpak van
criminaliteitsvermindering.
GIS en Crime Mapping
Geografisch Informatie Systeem (GIS): essentieel instrument om
geografische en tabelgegevens te bewerken, visualiseren en analyseren.
,Crime Mapping is het proces waarbij GIS wordt gebruikt om de
ruimtelijke aard van criminaliteitsproblemen te onderzoeken. Het dient
drie hoofdfuncties:
1. Het faciliteren van visuele/statistische analyse;
2. Het koppelen van verschillende gegevensbronnen op basis van
locatie;
3. Het communiceren van resultaten via kaarten
Geschiedenis van het Vakgebied
De discipline begon formeel in Londen in de 19e eeuw met de oprichting
van de eerste moderne politiemacht.
Verenigde Staten (1900-1970): Pioniers zoals August Vollmer
introduceerden het gebruik van speldkaarten (pin mapping). O.W.
Wilson was de eerste die de term "crime analysis" definieerde in
1963.
1970-2000: De introductie van federale subsidies (Omnibus Crime
Control Act) en de opkomst van probleemgestuurde politie (Problem-
Oriented Policing) en CompStat zorgden voor een
professionaliseringsslag. De International Association of Crime
Analysts (IACA) werd in 1990 opgericht.
De Professional en de Organisatie
De meeste politiekorpsen maken gebruik van civiele (burger) analisten. Er
zijn verschillende functieniveaus:
Crime Analyst I: Beginnend analist, voert routinetaken uit.
Crime Analyst II: Meer verantwoordelijkheid, voert geavanceerdere
analyses uit.
Crime Analyst III: Senior rol, vaak belast met supervisie en
complexe onderzoeksprojecten.
Specialty Crime Analysts, zoals tactische analisten,
probleemanalisten (gericht op lange termijn), en GIS-specialisten. Er
wordt aanbevolen dat een korps één analist aanneemt per 1.500
misdrijven, of twee analisten per 100 beëdigde agenten.
Real-Time Crime Centers (RTCC) en Fusion Centers
Er wordt onderscheid gemaakt tussen verschillende analyse citadels:
RTCC: Richt zich op directe, real-time ondersteuning van incidenten
(24/7 monitoring van radio en camera's).
, Fusion Centers: Regionale centra die zich richten op grootschalige
dreigingen zoals terrorisme en mensensmokkel via samenwerking
tussen diverse instanties.
Uitdagingen en Toekomst
De grootste uitdagingen zijn de volledige institutionalisering van analyse
in de dagelijkse politiepraktijk en verdere professionalisering van het
beroep. De toekomst neigt naar meer automatisering van data en een
grotere focus op proactieve criminaliteitsvermindering door middel van
bewijsgebaseerde (evidence-based) praktijken.
Boba Santos – Hoofdstuk 2: Theoretische Fundamenten
van Criminaliteitsanalyse
Criminaliteitsanalyse richt zich op hoe en waarom misdrijven op
specifieke locaties en momenten plaatsvinden. In tegenstelling tot
traditionele criminologie, die kijkt naar de dieperliggende oorzaken (zoals
armoede of opvoeding).
Hoofddoel criminaliteitsanalyse: de politie ondersteunen bij het
reageren op en voorkomen van alledaagse criminaliteit en overlast.
Environmental Criminology (Omgevingscriminologie): Het richt zich
niet op het verklaren van daderschap, maar op de omgeving of
"settings" (locaties waar op gezette tijden specifieke activiteiten
plaatsvinden). Criminaliteit wordt gezien als een resultaat van kansen die
ontstaan door het routinegedrag van mensen in deze settings/contexten.
De Problem Analysis Triangle (Probleemanalysedriehoek)
Dit is een cruciaal instrument om criminaliteitskansen te ontleden, hoe
criminaliteit ontstaat en kan worden voorkomen. Het bestaat uit twee
lagen:
De binnenste driehoek: De vier noodzakelijke elementen voor
criminaliteit: een dader, een slachtoffer of doelwit, op een specifieke
plaats en op een specifiek tijdstip. MAAR er vindt er
niet altijd een misdrijf plaats wanneer alle
elementen aanwezig zijn.
De buitenste driehoek: De "controllers"; hoe
kansen worden beïnvloed binnen de omgeving:
o Guardians (Bewakers): Mensen die
slachtoffers of doelwitten beschermen (bijv.
buren of beveiligers).
, o Managers: Mensen verantwoordelijk voor plaatsen (bijv.
winkeleigenaren of bar-managers/personeel).
o Handlers: Mensen die daders kennen en hen kunnen
controleren (bijv. ouders of reclasseringsambtenaren).
Drie Theoretische Perspectieven op Kansen
Om patronen te begrijpen, gebruikt de analist drie perspectieven:
Rational Choice Perspective: Stelt dat daders keuzes maken op
basis van een afweging tussen risico's en beloningen. Als de pakkans
klein is en de buit groot, zal een misdrijf eerder plaatsvinden.
Crime Pattern Theory: Legt uit hoe daders en slachtoffers elkaar
ontmoeten in tijd en ruimte. Centrale begrippen zijn de "activity
space" (bekende gebieden zoals werk, huis en winkelcentra) en
"distance decay" (daders plegen misdrijven vaak dicht bij huis,
maar houden een bufferzone aan om herkenning te voorkomen).
Criminele gebeurtenissen vinden dan vaak plaats in gebieden waar
de activity space van potentiële daders overlapt met de activity
space van potentiële slachtoffers/doelwitten.
Routine Activity Approach: Richt zich op hoe kansen veranderen
op basis van gedrag op maatschappelijk niveau. Er is een groot
aantal mensen dat hetzelfde gedrag vertoont, waardoor er veel
kansen ontstaan waarvan ook criminelen op de hoogte zijn.
Bijvoorbeeld: de opkomst van smartphones heeft geleid tot nieuwe
kansen voor identiteitsfraude en diefstal.
Concentratie en Herhaald Slachtofferschap
Law of Crime Concentration: Criminaliteit is niet gelijkmatig
verdeeld; incidenten clusteren zich op specifieke, voorspelbare
micro-locaties.
Repeat Victimization: Mensen of plaatsen die eerder slachtoffer
zijn geworden, hebben een veel grotere kans om opnieuw slachtoffer
te worden. Dit wordt onderverdeeld in:
o True repeat victims: exact dezelfde personen/plaatsen die
eerder slachtoffer zijn geworden
Huis dat 2x wordt beroofd
o Near victims: personen/plaatsen die fysiek dicht bij het
oorspronkelijke slachtoffer liggen en dezelfde kenmerken
hebben