steden en staten
1.1 / kerk en geestelijkheid
Tijd van monniken & ridders ➙ tijd steden & staten
ging slecht met west-europa want…
● 2e helft 19 eeuw: rijk van Karel de Grote was uit elkaar gevallen, na dood van zn
zoon Lodewijk de Vrome kwam het Verdrag van Verdun in 843
verdrag van Verdun 843
● Karels rijk verdeeld onder 3 zoons
○ karel de kale (west, frankrijk nu)
○ lodewijk de duitser (oost, duitse rijk)
○ lotharius (middenrijk & keizerskroon)
■ grootste deel van hun rijk gevoegd bij ➙ duitse koning
■ later in 962: zij allen krijgen keizerskroon ➙ heilge Roomse Rijk
Leenstelsel
land van een leenheer (vorst) was te groot om in z'n eentje te kunnen besturen
➙ hij ‘leende’ z’n gebied uit aan leenmannen (vaak van hoge adel) die dan de macht
hadden over een bepaald gebied.
● Koninklijke macht nam af door familieruzies ➙ leenmannen steeds meer hun
eigen gang
○ feodale systeem zorgde voor onrust tussen leenmannen.
○ na 1200: koningen winnen langzaam macht terug.
● Plunderingen door de Noormannen (vikingen).
○ noormannen vielen welvarende handelssteden (Dorestad) aan ➙ slecht
voor handel
■ Opgelost: hoofdmannen van ‘de Noormannen’ in dienst nemen als
leenman van kustgebied.
■ Bekendste leen is daarvan ➙ Normandië. (Vlaanderen, Holland)
○ Deze manier was hetzelfde als van de Romeinen
1
, ● Kerk ging slecht
○ Paus werd zwakker ➙ stonden onder invloed van adelijke families in
Rome (ook andere geestelijken).
○ Monniken in kloosters ook schijt aan de regels
■ Kloosters onder leiding van regionale edellieden
1.1 / kerk en geestelijkheid
Kloosterhervorming van Cluny
● nieuw klooster in Bourgondië
● verbetering ingevoerd ➙ voorkomen dat dit klooster ook in verval kwam
● klooster bestuurd door paus (niet plaatselijke edelman)
➙ klooster zelfstandiger
➙ toename macht van paus
● monniken richten op religieuze werk: schrijven, bidden, studeren
● klooster groot succes
○ toestroom zo groot dat in 11e eeuw veel kloosters volgens deze orde
leven.
○ 1 van de monniken werd paus: Gregorius VII ➙ macht paus vergroten
● na verloop van tijd werd die manier van leven weer oud en moest dr weer een
nieuwe komen
1.2 / het oosterse schisma (1054)
christelijke kerk
- 5 bisschoppen als leiders van kerk
- bisschop van Rome
- bisschop van Constantinopel
- 1e noemde zich ‘paus’ & ander ‘patriarch’
paus lang gezien als degene met hoogste macht want:
● hij was opvolger van Petrus
● Rome was voor het christendom de hoofdstad van Romeinse rijk
2
, Nadat Constantinopel de ‘positie hoogste macht’ had overgenomen van de paus & het
Romeinse Rijk in west ten onder was gegaan.
➙ niet meer vanzelfsprekend dat paus de baas moest zijn in de kerk.
Kerk van het Oosten vs Kerk van het Westen
● verschillende manieren van religieuze regels
● meningsverschillen over:
○ inhoud geloof
○ rituelen
○ positie van geestelijken
● verschillende taal:
○ Kerk van het Oosten ➙ taal Grieks
○ Kerk van het Westen ➙ taal Latijn
● verschillen werden alleen maar groter
● 11e eeuw: paus had meer aanzien & macht gekregen ➙ claimde meteen
leiderschap van hele christenheid.
➙ vond patriarch van Constantinopel niet goed
GEVOLG!
● 1054: dit zorgde voor scheuring in christelijke kerk, het Oosters Schisma.
○ vanaf dat moment 2 christelijke kerken:
■ Rooms-katholieke (leiding paus, west eu)
■ Grieks-orthodoxe (leiding patriarch, oost eu)
1.3 / macht van de paus
poging macht vergroten paus ➙ conflicten met wereldheersers (koning, keizer) west eu.
Paus Gregorius VII
● 1075: maatregelen getrokken die voor verbetering in de kerk moet zorgen:
○ De paus is het hoofd van de kerk
○ de uitspraken van de pauze mogen door niemand worden betwijfeld
○ alleen de paus kan bisschoppen benoemen of afzetten
○ keizer is ongeschikt aan de paus
○ paus heeft recht om mens te excommuniceren (uit de kerk zetten in de
ban doen)
3