HC Afweerstoornissen
Relevantie in tandartsenpraktijk
• Grotere kans op infecties
• Medicatie aanpassingen soms nodig
• Moeizamere wondgenezing soms aan de orde
Iemand met een slecht immuunsysteem kan al bij een relatief ongevaarlijk pathogeen een infectie krijgen.
Verhoogde infectiekans
Veel bacteriën in de mond:
• Ernstige ontstekingen
• Abcessen
• Vertraagde genezing
• In zeldzame gevallen sepsis
Aanpassing behandeling/medicatie
• Preventief antibiotica voorschrijven
• Behandeling uitstellen
• Overleggen met huisarts of specialist
Vertraagde wondgenezing
• Langzamer genezen
• Sneller ontsteken
• Makkelijker nabloeden
Logica
• Aard van infectie (verwekker) zegt soms iets over de soort afweerstoornis.
• Afhankelijk van aard van immuundefect
Stoornissen in de afweer
,Als je een probleem met je T-cellen hebt, heb je een heel groot probleem. Ze hebben een centrale rol in
ons immuunsysteem, in alle regelsystemen zitten ze verworven en ze zijn noodzakelijk voor een goede
humorale afweer. Als je humorale afweer niet werkt, heb je normaal gesproken nog T-cellen die het over
kunnen nemen.
Immuundeficientie (= afweerstoornis)
• Verhoogd risico op infectie:
o Vaker
o Ernstiger
o Ongebruikelijke (‘opportunistische’) verwekkers
• Andere niet-infectieuze problemen
• (autoimmuunziekten, groei en ontwikkeling, maligniteiten etc.)
• Engels: “immunocompromised host”; “immuungecompromitteerd”
Mensen die immuundeficienties hebben een verhoogde kans op infecties, maar ze kunnen ook niet-
infectieuze problemen hebben. Ze kunnen vaker auto-immuunziekten krijgen, ze kunnen groei- en
ontwikkelingsachterstanden hebben en hebben vaker maligniteiten. Dit heeft te maken met de minder
goed werkende T-cellen.
Denk aan immuundefecten
Twee manieren:
• Herkenning van bepaalde infecties kan helpen immuundeficientie op te sporen
• Kennis van immuundeficientie is belangrijk voor preventie, tijdige herkenning en behandeling
infecties of andere complicaties
Wanneer krijg je candida? HIV, antibiotica, corticosteroïd, verminderde afweer.
Indeling
1. Aan hand van opbouw immuunsysteem (humoraal, cellulair etc.)
2. Primair / aangeboren (genetisch) versus Secundair / verworven
De grootste groep immuundeficiënties die we nu hebben zijn verworven immuundeficiënties. Dit komt
door wat dokters doen.
Secundaire immuundeficiënties zijn enorm, terwijl de primaire immuundeficiënties maar een klein
groepje zijn.
,Primaire afweerstoornissen: Het probleem zit dus in het immuunsysteem zelf (aangeboren)
en is niet veroorzaakt door een andere ziekte of medicatie.
De meest voorkomende aangeboren immuundeficiëntie is hypogammaglobulinemie (of CVID), dit betreft
de immuunglobulinen (humoraal). Deze mensen kom je tegen in de praktijk.
Voorbeeld
• Jonge vrouw met recidiverende sinusitis
• Als kind veel oorontstekingen
• 3 x per jaar pneumonie: Streptococcus pneumoniae, Haemophilus Influenzae
• Vaak antibiotica, KNO-ingrepen
• Verlaagd IgG en IgA
IgA zit op je slijmvliezen en beschermt je tegen allerlei KNO infecties en IgG zit overal.
Hypogammaglobulinemie / agammaglobulinemie
Hypo betekent verlaagd, dit is de meest voorkomende primaire afweerstoornis. A- betekent dat je het
helemaal niet hebt.
• Voorbeelden:
o X-linked agammaglobulinemie
o Common variable immunodeficiency (CVID)
o Selectieve IgA-deficientie
• Algemeen infectiologisch:
o Mn luchtweginfecties
o Mn extracellulaire bacterien (gekapseld)
o Ook autoimmuunverschijnselen
• Orale verschijnselen:
o Gingivitis
o Afteuze stomatitis
o Parodontitis
• Behandeling: suppletie immuunglobulinen
Deze mensen komen vaak pas op 25-40-jarige leeftijd bij de dokter. 1x per 4 weken worden
gammaglobulines gegeven, zodat ze toch immuunglobulines hebben. Als je als tandarts weet dat je een
grote operatie gaat doen bij iemand met een gamma is het goed om te zeggen dat er een kans op infectie
is, dus de patiënt de dag ervoor hun therapie krijgt.
Er kan ook een complementdefect zijn, maar dit is wel heel zeldzaam. Dit betreft je aangeboren systeem
en daar heb je veel last van.
Er kan ook een defect zijn in de fagocyten (cellulaire afweer). Deze mensen krijgen veel abcessen en
schimmels en komen vaak vroeg te overlijden.
T-lymfocyten: Zeldzaam doch opvallend, heel erg heftig.
Mensen met hyper IgE hebben een dubbele tandenrij: Job’s syndroom
Secundaire immuundeficienties
Ziekten Iatrogeen
Ondervoeding Chemotherapie
Diabetes mellitus Medicatie: immuunsuppressiva
HIV Radiotherapie
Leukemie/lymfoom Splenectomie
Etc Transplantatie
, Secundaire immuundeficiënties zijn het meest voorkomend. Bij diabetes zijn de leukocyten minder actief,
vandaar dat het een verminderde afweer veroorzaakt. Daarnaast groeien bacteriën makkelijker als de
suiker hoog is. Dit geldt vooral voor slecht gereguleerde diabetes.
Voorbeeld
• Jonge man, 3e keer candida stomatitis
• Afgelopen 6 mnd 2 keer afteuze stomatitis
• Afgevallen
• Geleidelijk progressieve dyspnoe, droge hoest: pneumocystis jiroveci pneumonie (PJP)
Deze jongen heeft HIV.
Chronologisch HIV
• Primaire infectie:
o Griep-achtige klachten na 3 tot 6 weken.
o Vaak onopgemerkt.
• Latente fase:
o Kan 10 tot 15 jaar duren.
o Aantasting van het afweersysteem.
• AIDS:
o Opportunistische infecties: o.a. PCP, toxoplasmose, CMV, Candida stomatitis, EBV
o Maligniteiten: oa kaposi sarcoom
Immunosuppressiva
Dit zijn middelen die het immuunsysteem dempen, bijvoorbeeld zodat een getransplanteerd orgaan niet
afgestoten wordt.
Indicaties:
• Autoimmuunziekten
• Transplantaties
Corticosteroïden (prednison) hebben een ontstekingsremmende werking en onderdrukken het
immuunsysteem. Bij hoge dosis remt het lymfocyten, bij lage dosis vooral ontsteking. Inhalatie ervan zorgt
voor orale candida.
Biologicals zijn moderne geneesmiddelen die heel gericht een bepaald onderdeel van het
immuunsysteem blokkeren. In tegenstelling tot corticosteroïden, die het afweersysteem breed
onderdrukken, werken biologicals op één specifieke stof of cel die betrokken is bij de ontsteking.
Transplantatie: solide orgaan
• Bv. nier, lever, hart, longen, dunne darm
• Potentiële problemen:
o Te weinig donoren
o Chirurgisch-technisch
o Onderliggende ziekte
o Afstotingsreactie
o Bijwerkingen medicatie (immunosuppressiva)
Als iemand een transplantatie heeft gehad, gebruikt ie per definitie sowieso immunosuppressiva. De
mensen die het meest immuun gecomprimeerd zijn, hebben een tumor in hun immuunsysteem. Dus
leukemie of een lymfoom.