Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Strafrecht boek uitgeschreven

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
242
Geüpload op
27-03-2026
Geschreven in
2025/2026

Het hele boek is uitgeschreven en kan als samenvatting gebruikt worden.

Voorbeeld van de inhoud

Hoofdstuk 1: inleiding

1.3 Doelen van straffen
Het opleggen van een straf dient voornamelijk twee doelen: vergelding en preventie.
Het kwaad dat de dader van een strafbaar feit veroorzaakt bij het slachtoffer of aan
de maatschappij als geheel, wordt door het opleggen van straf in de eerste plaats
vergolden door leedtoevoeging. Dit vergeldingsaspect kan zorgen voor een morele
genoegdoening: de dader heeft kwaad afgeroepen over de samenleving en daarom
roept de samenleving kwaad af over hem. De boete die Paul opgelegd heeft
gekregen, maakt het voor hem voelbaar dat hij een strafrechtelijke norm heeft
overschreden.
De preventiegedachte wordt minder intuïtief aangevoeld. Deze gaat uit van een
eenvoudig principe: mensen willen geen straf krijgen, dus zullen zij gedrag dat
mogelijk tot straf leidt, zoveel mogelijk proberen te voorkomen. Het opleggen van
straf zou er zo toe moeten leiden dat minder mensen strafbare feiten plegen. Men
onderscheidt twee soorten preventie: speciale en generale preventie. De gedachte
achter de speciale preventie is dat een dader die in aanraking is gekomen met de
gevolgen van het overschrijden van een strafrechtelijke norm, de volgende keer wel
twee keer zal nadenken, voordat hij nog eens iets dergelijks doet. Speciale preventie
moet dus voorkomen, of ontmoedigen, dat de gestrafte wederom in de fout gaat. Het
opleggen van voorwaardelijke straffen - deze worden niet ten uitvoer gelegd op
voorwaarde dat de veroordeelde zich gedurende de proeftijd niet opnieuw aan een
strafbaar feit schuldig maakt - leunt zwaar op dit principe. De leer van de generale
preventie heeft als uitgangspunt dat ook anderen dan de gestrafte lering trekken uit
het feit dat er voor het plegen van een strafbaar feit straf opgelegd kan worden. De
gestrafte moet een voorbeeld zijn dat potentiële wetsovertreders afschrikt.

1.4 Materieel strafrecht, formeel strafrecht en sanctierecht
Het rechtsgebied strafrecht kan worden onderverdeeld in drie delen. Als gesproken
wordt van materieel strafrecht, dan heeft men het over de vraag wat een strafbaar
feit is. Materieelstrafrechtelijke vraagstukken hebben betrekking op de grenzen van
de strafrechtelijke aansprakelijkheid. Populairder gezegd: het materiële strafrecht
bepaalt welk gedrag niet toegestaan is en welke personen daarvoor kunnen worden
gestraft. Het gaat hierbij in de eerste plaats om strafbepalingen (bijvoorbeeld diefstal
en moord). Daarnaast behoren ook algemene leerstukken die betrekking hebben op
de uitsluiting van strafbaarheid (bijvoorbeeld noodweer) en uitbreiding van
strafbaarheid (bijvoorbeeld poging en medeplichtigheid) tot het materiële strafrecht.
Dit deel van het strafrecht wordt voornamelijk gevonden in het Wetboek van
Strafrecht. Het formele strafrecht wordt ook wel het strafprocesrecht of de
strafvordering genoemd. Dit deel van het strafrecht bepaalt welke regels moeten
worden gevolgd wanneer een norm van het materiële strafrecht (vermoedelijk) is
overtreden. Het strafprocesrecht, voor het grootste gedeelte geregeld in het Wetboek
van Strafvordering, geeft bijvoorbeeld de regels voor de bevoegdheden van de
politie, de duur van de voorlopige hechtenis, de inhoud van dagvaardingen en het
instellen van hoger beroep. Het sanctierecht ten slotte heeft betrekking op de
voorwaarden waaronder bepaalde straffen mogen worden opgelegd en ten uitvoer
gelegd. Het gaat dan bijvoorbeeld om de vraag of voor een bepaald strafbaar feit een
taakstraf mag worden opgelegd en welke voorwaarden de rechter precies mag
stellen wanneer hij een straf voorwaardelijk oplegt. Het sanctierecht is zowel in het
Wetboek van Strafrecht als in het Wetboek van Strafvordering te vinden.

,Hoewel het Wetboek van Strafrecht voornamelijk materieel strafrecht en sanctierecht
bevat, zijn hierin ook onderwerpen geregeld met een sterk formeelstrafrechtelijk
karakter, zoals ne bis in idem (art. 68 Sr).
Men moet het materiële en formele strafrecht niet verwarren met wetten in formele
en materiële zin. Dit laatste onderscheid heeft betrekking op de totstandkoming en
werking van wetten. Een wet in formele zin is een wet die tot stand is gekomen in
samenwerking tussen de regering en de Staten Generaal. Dat een bepaalde wet een
wet in formele zin is, zegt alleen iets over de manier waarop de wet tot stand is
gekomen en zegt niets over de inhoud ervan. Met de aanduiding 'wet in materiële zin'
bedoelt men slechts aan te geven dat de betreffende wet, of dit nu een wet in formele
zin is of niet, algemene regels bevat die de burgers binden.

1.5 Commuun en bijzonder strafrecht
Het zou zeer overzichtelijk zijn als alle strafbepalingen in één enkele wet te vinden
zouden zijn. Het strafrecht is echter verspreid over een groot aantal wetten. De
Grondwet draagt in artikel 107 de wetgever op om de regels van het strafrecht en het
strafprocesrecht in wetboeken op te nemen. Wetboeken zijn wetten waarin het
algemene deel van het strafrecht en het strafprocesrecht is opgenomen.' Het
strafrecht dat in de wetboeken is opgenomen, duidt men vaak aan als het commune
strafrecht.
Daarnaast bestaan er veel strafbepalingen in andere wetten, bijvoorbeeld in de
Wegenverkeerswet 1994, de Wet wapens en munitie en de Opiumwet. Deze wetten
worden bijzondere strafwetten genoemd en vormen samen het bijzondere strafrecht.
In de bijzondere strafwetten treft men strafbepalingen aan die behoren tot het
materiële strafrecht, maar vaak ook bevoegdheden die behoren tot het formele
strafrecht. Zo stelt de Wegenverkeerswet 1994 strafbaar om onder invloed van
alcohol een auto te besturen (art. 8 WVW) en geeft deze wet tevens de bevoegdheid
om de bestuurder van een auto aan een ademanalyse te onderwerpen (art. 163
WVW).

Alle hiervoor genoemde wetten zijn wetten in formele zin. Er bestaan echter ook
strafwetten die niet in samenwerking tussen de Staten-Generaal en de regering tot
stand komen, maar door lagere openbare lichamen worden vastgesteld. Hierbij kan
bijvoorbeeld worden gedacht aan de algemene plaatselijke verordening (APV) van
een gemeente. Hierin worden allerlei gedragingen strafbaar gesteld die in die
gemeente niet toegelaten zijn.
Het is goed mogelijk dat een gedraging in de ene gemeente strafbaar is en in de
andere niet. Naast de APV kennen gemeenten vaak ook andere verordeningen. Zo
heeft de gemeente Rotterdam een Havenverordening. Dat is dus een soort
bijzondere strafwet op gemeentelijk niveau.
Artikel 91 Sr maakt duidelijk dat de bepalingen van boek I van het Wetboek van
Strafrecht ook van toepassing zijn op feiten die strafbaar zijn gesteld in bijzondere
strafwetten en in lokale strafwetgeving. Wanneer iemand bijvoorbeeld wordt
gedagvaard wegens poging tot een misdrijf dat in de Opiumwet strafbaar is gesteld,
zal op grond van artikel 45 Sr moeten worden bepaald of er inderdaad sprake is
geweest van een strafbare poging.

,1.6 De opbouw van het Wetboek van Strafrecht en het Wetboek van
Strafvordering
Het Wetboek van Strafrecht - afgekort: 'Sr' - bestaat uit drie hoofdonderdelen, die
'boeken' worden genoemd. Boek 1 regelt de algemene leerstukken van materieel
strafrecht, zoals strafuitsluitingsgronden en poging. Dit zijn algemene leerstukken,
omdat deze van toepassing zijn op alle delicten die in het Wetboek van strafrecht
strafbaar zijn gesteld en in beginsel ook op alle delicten die in de bijzondere
strafwetten zijn opgenomen (art. 91 Sr). In Boek 1 zijn ook veel regels met betrekking
tot het sanctierecht en enkele andere onderwerpen opgenomen. Boek 2 en Boek 3
bevatten uitsluitend strafbepalingen: omschrijvingen van gedrag dat strafbaar is, met
daarbij een aanduiding van de maximale straffen die mogen worden op-gelegd. Het
onderscheid tussen deze boeken heeft uitsluitend te maken met de ernst van de
delicten: in Boek 2 worden alleen misdrijven strafbaar gesteld en Boek 3 bevat
uitsluitend overtredingen. De boeken zijn onderverdeeld in kleinere onderdelen. Deze
worden titels genoemd. De titels kunnen op hun beurt afdelingen bevatten.
Ook het Wetboek van Strafvordering - afgekort: 'Sv' - is ingedeeld in boeken, titels en
afdelingen. Dit wetboek bestaat uit zes boeken. Deze boeken volgen de
chronologische volgorde van het strafproces. In Boek 1 ('Algemeene bepalingen')
worden de belangrijkste bevoegdheden tijdens het opsporingsonderzoek geregeld.
Boek 2 ('Strafvordering in eersten aan-leg') regelt de vervolgingsbeslissing van de
officier van justitie en de hele procedure voor de berechting van een verdachte door
de rechtbank. Is de verdachte of het openbaar ministerie het niet eens met de
beslissing van de rechtbank, dan kan in bepaalde gevallen hoger beroep worden
ingesteld. Dit is een zogenaamd 'rechtsmiddel': een middel om de beslissing aan te
vechten bij een hogere instantie. Boek 3 is geheel gewijd aan rechtsmiddelen. en
Boek 6 aan de tenuitvoerlegging. De Boeken 4 en 5 zijn voor dit studieboek van
minder belang.
De wetboeken zijn in respectievelijk 1881 en 1921 tot stand gekomen. In de loop van
de tijd zijn deze talloze malen gewijzigd, onder andere vanwege ontwikkelingen in de
maatschappij. In 1921 kon bijvoorbeeld niet worden verwacht dat computers een
belangrijke rol zouden gaan spelen.
De wijzigingen van de wetboeken zijn steeds partiële wijzigingen geweest: er kwam
niet een heel nieuw wetboek, maar er werd een wet aangenomen die het bestaande
wetboek gedeeltelijk wijzigde. Dat betekende soms dat wetsartikelen moesten
worden ingepast in het bestaande wetboek. Tussen artikel 126 en 127 Sv werd
bijvoorbeeld een artikel 126a Sv ingevoegd.
Omdat op sommige plaatsen veel artikelen moesten worden ingevoegd, ontstonden
ingewikkelde artikelnummers, zoals 126zja. Dat de basis van de wetboeken oud is,
verklaart ook het soms wat ouderwetse taalgebruik.
Op dit moment wordt gewerkt aan de modernisering van het hele Wetboek van
Strafvordering. Veel elementen uit het huidige wetboek komen in de op dit moment
bekende conceptteksten weliswaar terug, maar er worden ook grote delen
vernieuwd. De nummering van het wetboek zal volledig worden herzien.
Vooruitlopend op die herziene nummering, is in de boeken 5 en 6 al gebruikgemaakt
van een afwijkende nummering. leder artikelnummer bestaat bij die nummering uit
drie onderdelen, die staan voor het nummer van het boek, het nummer van de
afdeling en het artikelnummer. Zo heeft artikel 6:2:10 Sv betrekking op de
voorwaardelijke invrijheidstelling.

, 1.7 De invloed van internationaal en supranationaal recht
Welke strafrechtelijke regels in Nederland gelden, wordt niet alleen bepaald door
eigen overwegingen van de Nederlandse wetgever ten aanzien van de noodzakelijk
en wenselijkheid van bepaalde rechtsregels. Van oudsher sluit Nederland verdragen
met andere staten, waarin bepaalde verplichtingen worden aangegaan. Hierbij kan
bijvoorbeeld worden gedacht aan verdragen die tot doel hebben om cybercrime,
terrorisme of discriminatie te bestrijden. Als gevolg van verdragen kan Nederland
verplicht zijn om bepaald gedrag strafbaar te stellen of bepaalde bevoegdheden in
het dat tussen staten geldt.
leven te roepen. We hebben het hier over internationaal recht, met recht Nederland
is lidstaat van de Europese Unie. Het strafrecht wordt in steeds sterkere mate
beïnvloed door besluiten van de Europese Unie en door uitspraken van het Hof van
Justitie van de Europese Unie. Zo zijn de regels over rechtsbijstand bij het
politieverhoor en de positie van het slachtoffer mede het gevolg van EU-regels. Deze
regels zijn supranationaal rechtelijk van aard: het gaat namelijk om regels die een
internationale organisatie oplegt waar de lidstaten bij die organisatie zich aan moeten
houden. Ook uitspraken van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens
(EHRM) behoren tot het supranationale recht. Dit hof kan uitspraken doen die
bindend zijn voor Nederland, terwijl uitspraken die tegen andere verdragsstaten zijn
gedaan, ook invloed hebben in Nederland. EHRM-uitspraken hebben gezorgd voor
aanpassing van de Nederlandse strafrechtelijke regels.
In hoofdstuk 15 wordt uitvoerig ingegaan op de betekenis van Europese
mensenrechten voor het Nederlandse strafrecht.

Hoofdstuk 2: inleiding materieel strafrecht

2.1 Plaats en structuur van strafbepalingen
Het materiële strafrecht bepaalt, zoals gezegd, welk gedrag strafbaar is. Dat wordt in
de eerste plaats aangegeven door de wet. In de wet staan talloze bepalingen die ons
duidelijk moeten maken wat er in Nederland, in strafrechtelijke zin, niet is toegestaan.
De inhoud van die wettelijke verbodsbepalingen wordt soms verder ingevuld door de
rechtspraak.
De strafbepaling in de meest volledige vorm bestaat uit een delictsomschrijving, een
kwalificatie-aanduiding en een strafbedreiging. De delictsomschrijving geeft aan
welke ongewenste gedraging de wetgever strafbaar heeft willen stellen. De
kwalificatie-aanduiding maakt duidelijk hoe het gedrag in juridisch opzicht moet
worden benoemd. De strafbedreiging bepaalt welke soort straf mag worden opgelegd
en wat het maximum daarbij is. Een voorbeeld van zo'n strafbepaling is artikel 225 lid
1 Sr:

Hij die een geschrift dat bestemd is om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk
opmaakt of vervalst, met het oogmerk om het als echt en onvervalst te gebruiken of
door anderen te doen gebruiken, wordt als schuldig aan valsheid in geschrift gestraft,
met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vijfde categorie.

In deze strafbepaling wordt de delictsomschrijving gevormd door de woorden 'Hij die
een geschrift dat bestemd is om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk opmaakt
of vervalst, met het oogmerk om het als echt en onvervalst te gebruiken of door
anderen te doen gebruiken'. Hieruit blijkt de gedraging die de wetgever door middel
van de strafbaarstelling wil tegengaan. Ook is in deze strafbepaling duidelijk

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
27 maart 2026
Aantal pagina's
242
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING
€11,49
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
mmmarthayousef Hogeschool Utrecht
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
13
Lid sinds
6 jaar
Aantal volgers
7
Documenten
10
Laatst verkocht
3 maanden geleden

4,0

1 beoordelingen

5
0
4
1
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen