Begrippen Contractrecht
Rechtshandeling: de handeling die erop gericht is een bepaald
rechtsgevolg in het leven te roepen.
Eenzijdige rechtshandelingen: 1 persoon
Bijvoorbeeld Testament, Ontslag
Meerzijdige rechtshandelingen: 2 personen
Bijvoorbeeld Huurovereenkomst, Arbeidsovereenkomst
Meerzijdige rechtshandelingen heten overeenkomsten.
2 vereisten voor het verrichten van rechtshandelingen:
1. Hij/zij moet handelingsbekwaam zijn
2. Hij/zij moet handelingsbevoegd zijn
Onbekwaam: minderjarige of iemand die onder curatele is gesteld.
Onbevoegd: deurwaarder mag geen auto kopen die eerder door hem in
beslag is genomen.
Wilsverklaring: Een op rechtsgevolg gerichte wil die zich door een
verklaring heeft geopenbaard.
Voorwaarden rechtshandeling om werking te hebben:
- Handeling moet berusten op een verklaarde wil van de handelende
persoon
- Als de wet dit voorschrijft, moet de handeling zijn verricht in
voorgeschreven vorm.
Vertrouwensbeginsel: Wanneer de wederpartij van degene wiens wil niet
met zijn verklaring overeenstemt, er onder de gegeven omstandigheden
redelijkerwijs op mocht vertrouwen dat de verklaarde wil, de werkelijke wil
was, dan is de verklarende partij aan zijn verklaring gebonden.
Nietig: de rechtshandeling in geval van gebreken die de openbare orde
raken.
Oorzaken nietige rechtshandeling:
- Ontbreken wilsverklaring
- Strijd met openbare orde / wet
- Handelingsonbevoegdheid van een persoon
,Gevolg Nietig: geen gevolg, automatisch ongeldig. Hetgeen op grond van
nietige rechtshandeling is verricht kan op basis van onverschuldigde
betaling worden teruggevorderd.
Vernietigbaar: de rechtshandeling in geval van gebreken die de
handelende persoon raken.
Oorzaken vernietigbare rechtshandeling:
- Onbekwaamheid
- Geestelijke stoornis
- Wilsgebreken (Bedreiging, Bedrog, Misbruik omstandigheden, Dwaling)
Gevolg vernietiging: Heeft terugwerkende kracht 3:53 lid 1, juridisch
gezien nooit bestaan.
Hoofdstuk 1. Bijzondere overeenkomsten
, Doel Contractrecht:
Regels voor overeenkomsten bevorderen een goed verloop van het
rechtsverkeer.
Andere belangrijke reden voor opname in de wet, is dat de wetgever de
zwakkere partijen wenst te beschermen tegen sterkere partijen.
Het Nederlandse contractrecht is gebaseerd op contractsvrijheid en
partijautonomie. Dit betekent dat partijen zelf mogen bepalen of zij een
overeenkomst sluiten, met wie zij dat doen en wat de inhoud daarvan is.
Een overeenkomst komt juridisch tot stand door aanbod en aanvaarding
(art. 6:217 BW).
Binnen het contractenrecht wordt onderscheid gemaakt tussen
benoemde en onbenoemde overeenkomsten. Benoemde
overeenkomsten zijn overeenkomsten die in de wet zijn geregeld, met
name in boek 7 BW, zoals koop, opdracht en aanneming van werk.
Onbenoemde overeenkomsten (ook wel sui generis) hebben geen
specifieke wettelijke regeling, zoals een NDA of sponsorovereenkomst. Op
deze overeenkomsten zijn de algemene regels uit boek 3 en 6 BW van
toepassing.
Het Burgerlijk Wetboek kent een gelaagde structuur. Dit betekent dat
algemene regels (bijvoorbeeld uit boek 6) worden aangevuld door
specifieke regels (bijvoorbeeld uit boek 7). Wanneer regels met elkaar
botsen, geldt het beginsel “lex specialis derogat lex generalis”: de
bijzondere regeling gaat vóór de algemene regeling.
Soms bevat een overeenkomst kenmerken van meerdere typen
overeenkomsten. Dit noemen we een gemengde overeenkomst (art.
6:215 BW). In dat geval zijn in principe alle relevante regels van
toepassing. Als deze regels met elkaar conflicteren, moet worden gekeken
naar de bedoeling van de wetgever en gaat dwingend recht voor. Bij
consumentenkoop hebben de beschermende regels altijd voorrang.
Geschillen over overeenkomsten worden in beginsel behandeld door de
civiele rechter. De kantonrechter is bevoegd bij onder andere
consumentenkoop, arbeid en huur en bij vorderingen tot €25.000. Bij de
kantonrechter is een advocaat niet verplicht.
Rechtshandeling: de handeling die erop gericht is een bepaald
rechtsgevolg in het leven te roepen.
Eenzijdige rechtshandelingen: 1 persoon
Bijvoorbeeld Testament, Ontslag
Meerzijdige rechtshandelingen: 2 personen
Bijvoorbeeld Huurovereenkomst, Arbeidsovereenkomst
Meerzijdige rechtshandelingen heten overeenkomsten.
2 vereisten voor het verrichten van rechtshandelingen:
1. Hij/zij moet handelingsbekwaam zijn
2. Hij/zij moet handelingsbevoegd zijn
Onbekwaam: minderjarige of iemand die onder curatele is gesteld.
Onbevoegd: deurwaarder mag geen auto kopen die eerder door hem in
beslag is genomen.
Wilsverklaring: Een op rechtsgevolg gerichte wil die zich door een
verklaring heeft geopenbaard.
Voorwaarden rechtshandeling om werking te hebben:
- Handeling moet berusten op een verklaarde wil van de handelende
persoon
- Als de wet dit voorschrijft, moet de handeling zijn verricht in
voorgeschreven vorm.
Vertrouwensbeginsel: Wanneer de wederpartij van degene wiens wil niet
met zijn verklaring overeenstemt, er onder de gegeven omstandigheden
redelijkerwijs op mocht vertrouwen dat de verklaarde wil, de werkelijke wil
was, dan is de verklarende partij aan zijn verklaring gebonden.
Nietig: de rechtshandeling in geval van gebreken die de openbare orde
raken.
Oorzaken nietige rechtshandeling:
- Ontbreken wilsverklaring
- Strijd met openbare orde / wet
- Handelingsonbevoegdheid van een persoon
,Gevolg Nietig: geen gevolg, automatisch ongeldig. Hetgeen op grond van
nietige rechtshandeling is verricht kan op basis van onverschuldigde
betaling worden teruggevorderd.
Vernietigbaar: de rechtshandeling in geval van gebreken die de
handelende persoon raken.
Oorzaken vernietigbare rechtshandeling:
- Onbekwaamheid
- Geestelijke stoornis
- Wilsgebreken (Bedreiging, Bedrog, Misbruik omstandigheden, Dwaling)
Gevolg vernietiging: Heeft terugwerkende kracht 3:53 lid 1, juridisch
gezien nooit bestaan.
Hoofdstuk 1. Bijzondere overeenkomsten
, Doel Contractrecht:
Regels voor overeenkomsten bevorderen een goed verloop van het
rechtsverkeer.
Andere belangrijke reden voor opname in de wet, is dat de wetgever de
zwakkere partijen wenst te beschermen tegen sterkere partijen.
Het Nederlandse contractrecht is gebaseerd op contractsvrijheid en
partijautonomie. Dit betekent dat partijen zelf mogen bepalen of zij een
overeenkomst sluiten, met wie zij dat doen en wat de inhoud daarvan is.
Een overeenkomst komt juridisch tot stand door aanbod en aanvaarding
(art. 6:217 BW).
Binnen het contractenrecht wordt onderscheid gemaakt tussen
benoemde en onbenoemde overeenkomsten. Benoemde
overeenkomsten zijn overeenkomsten die in de wet zijn geregeld, met
name in boek 7 BW, zoals koop, opdracht en aanneming van werk.
Onbenoemde overeenkomsten (ook wel sui generis) hebben geen
specifieke wettelijke regeling, zoals een NDA of sponsorovereenkomst. Op
deze overeenkomsten zijn de algemene regels uit boek 3 en 6 BW van
toepassing.
Het Burgerlijk Wetboek kent een gelaagde structuur. Dit betekent dat
algemene regels (bijvoorbeeld uit boek 6) worden aangevuld door
specifieke regels (bijvoorbeeld uit boek 7). Wanneer regels met elkaar
botsen, geldt het beginsel “lex specialis derogat lex generalis”: de
bijzondere regeling gaat vóór de algemene regeling.
Soms bevat een overeenkomst kenmerken van meerdere typen
overeenkomsten. Dit noemen we een gemengde overeenkomst (art.
6:215 BW). In dat geval zijn in principe alle relevante regels van
toepassing. Als deze regels met elkaar conflicteren, moet worden gekeken
naar de bedoeling van de wetgever en gaat dwingend recht voor. Bij
consumentenkoop hebben de beschermende regels altijd voorrang.
Geschillen over overeenkomsten worden in beginsel behandeld door de
civiele rechter. De kantonrechter is bevoegd bij onder andere
consumentenkoop, arbeid en huur en bij vorderingen tot €25.000. Bij de
kantonrechter is een advocaat niet verplicht.