STRALING EN
GEZONDHEID
RÖNTGENSTRALING
Doordringend vermogen: hoe makkelijk de straling door stoffen beweegt.
- Adsorptie (tegenhouden) en transmissie (doorlaten)
Hoe groter de adsorptie van het materiaal, hoe kleiner de intensiteit. De adsorptie hangt af van de
materiaalsoort en de materiaaldikte.
Ioniserend vermogen: hoe goed een stralingsdeeltje in staat is om de atomen en moleculen waar het deeltje
langskomt te ioniseren.
d
1 d1
I =I 0 ∙
2 () 2
d
n=
d1
2
E=h ∙ f (met E de fotonenergie in J, f de frequentie in Hz, h de evenredigsheidsconstante 6,626*10^-34 J)
1 eV = 1,6*10^-19 J
ALFASTRALING
- Klein doordringend vermogen, hoog ioniserend vermogen.
2
Bij alfaverval komt He vrij. Behoud van massagetal en lading.
4
BÈTASTRALING
- Groter doordringend vermogen dan alfastraling. Kleiner ioniserend vermogen dan alfastraling.
Bij bètaverval komt of een elektron of een positron vrij.
1 1 0
1. n → p+
β- : e
0 1 −1
1 1 0
2. β+ : p → n+ e
1 0 1
GAMMASTRALING
- Groot doordringend vermogen, klein ioniserend vermogen (kleiner dan bèta)
Bij gammaverval zendt de kern een ϒ-deeltje uit. Dit heeft geen massa en geen lading.
GEZONDHEID
RÖNTGENSTRALING
Doordringend vermogen: hoe makkelijk de straling door stoffen beweegt.
- Adsorptie (tegenhouden) en transmissie (doorlaten)
Hoe groter de adsorptie van het materiaal, hoe kleiner de intensiteit. De adsorptie hangt af van de
materiaalsoort en de materiaaldikte.
Ioniserend vermogen: hoe goed een stralingsdeeltje in staat is om de atomen en moleculen waar het deeltje
langskomt te ioniseren.
d
1 d1
I =I 0 ∙
2 () 2
d
n=
d1
2
E=h ∙ f (met E de fotonenergie in J, f de frequentie in Hz, h de evenredigsheidsconstante 6,626*10^-34 J)
1 eV = 1,6*10^-19 J
ALFASTRALING
- Klein doordringend vermogen, hoog ioniserend vermogen.
2
Bij alfaverval komt He vrij. Behoud van massagetal en lading.
4
BÈTASTRALING
- Groter doordringend vermogen dan alfastraling. Kleiner ioniserend vermogen dan alfastraling.
Bij bètaverval komt of een elektron of een positron vrij.
1 1 0
1. n → p+
β- : e
0 1 −1
1 1 0
2. β+ : p → n+ e
1 0 1
GAMMASTRALING
- Groot doordringend vermogen, klein ioniserend vermogen (kleiner dan bèta)
Bij gammaverval zendt de kern een ϒ-deeltje uit. Dit heeft geen massa en geen lading.