Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
College aantekeningen

Uitwerking kennisclips MB BS3&4 deel 2

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
48
Geüpload op
14-04-2026
Geschreven in
2024/2025

Uitwerking van alle MB kennisclips van jaar 1 BS3&4

Voorbeeld van de inhoud

Arachnoïdea
Web van collagene en elastische vezels
Subarachnoïdale ruimte

Cerebrospinale vloeistof
- Schokbreker
- Opgeloste gassen, chemische signaalstoffen, afvalstoffen

Tussen de collagene en
elastische vezels in zit een
subarachnoïdale ruimte en die
ruimtes zijn gevuld met
cerebrospinaal vocht, ook wel
hersenvloeistof genoemd.

Dat dient als een schokbreker,
zodat als je met je hoofd schud
of een klap op je hoofd krijgt
dat je hersenen niet gelijk tegen
het bot aan komen.

Maar daarin worden ook gassen, hormonen, afvalstoffen, etc
opgelost. En daarmee draagt het dus bij aan de circulatie.

Pia mater
Stevig met zenuwweefsel verbonden
Bloedvaten lopen langs deze laag in de subarachnoïdale ruimte

De pia mater is een deklaag van de hersenen, en is hier ook stevig
mee verbonden. Daartussen kunnen ook bloedvaten bevinden, die
bevinden zich dan dus tussen het zachte hersenvlies (pia mater) en
het arachnoïdea.

Liquor
Hersenen drijven in vloeistof
Liquor - cerebrospinale vloeistof - hersenvocht
Ondersteunt de circulatie
- Vervoer van voedingstoffen, hormonen en afvalstoffen
De hersenen drijven in het hersenvocht en die ondersteunen de
circulatie. Dat vocht gaat continu rond de hersenen.

Hersenventrikels
Laterale ventrikels (1e en 2e)
Derde ventrikel
Vierde ventrikel

In de hersenen zitten ook nog ruimtes die volledig gevuld zijn met vocht.
Dat zijn er 4; twee laterale ventrikels, een aan de linker en een aan de
rechterkant. En vervolgens het je het derde
ventrikel en het vierde ventrikel.

Het derde- en vierde ventrikel is met elkaar
verbonden door het aqueductus cerebri. En door
deze ruimtes, en de ruimtes tussen de vliezen,
kan de vloeistof continu rond de hersenen
stromen en daar alle delen van de hersenen
bereiken en alle afvalstoffen weer terug
meenemen.

,CVA kun je preventief behandelen door de oorzaak ervan weg
te nemen.

Stolling van het bloed
Stolling is een zeer complex proces waarbij verschillende
onderdelen invloed hebben op de stolling, waaronder
trombocyten en verschillende stollingsfactoren.

Er zijn verschillende antistollingsmiddelen en elke werkt op een
ander onderdeel van de stolling.

Trombocytenaggregatieremmers
- Acetylsalicylzuur (aspirine)
- Carbasalaatcalcium (ascal)
- Clopidrogrel (plavix)
Een van de veel voorkomende bloedverdunners die worden voorgeschreven bij CVA’s zijn
trombocytenaggregatieremmers. Een voorbeeld hiervan is acetylsalicylzuur, carbasalaatcalcium of
clopidrogrel. Aspirine, ascal en plavix zijn de merknamen van de stof.

Deze medicatie remmen de activatie van de bloedplaatjes en daarmee ook de samenklontering
ervan. Als je het zou vertalen staat er ook trombocyten samenklontering remmer. Ze werken dus
op de bloedplaatjes en voorkomen dat de receptoren worden gemaakt die zich kunnen binden
aan fibrine, dit zijn de gpb2 en de IIIa factoren. Zonder deze factoren kan er dus geen netwerk van
draden ontstaan waar de rode bloedcellen dan weer in blijven hangen.

Vitamine K-antagonisten
- Acenocoumarol (Sintrom)
- Fenprocoumon (Marcoumar)
Vitamine K is van groot belang bij de aanmaak van verschillende stollingsfactoren die worden
aangemaakt in de lever. Je haalt vitamine K uit verschillende voedingsmiddelen; zoals uit groene
groentes (spinazie, asperges) maar het wordt ook aangemaakt in je darmen.

De stollingsfactoren die ontstaan met behulp van vitamine K zorgen ervoor dat het bloed sneller
gaat stollen. Om dit tegen te gaan kunnen we dus vitamine K-antagonisten of remmers een
uitweg bieden.

Fenprocoumon heeft een langdurige werking tot wel 2 weken. Acenocoumarol heeft een kortere
werking.

Voor beide medicijnen is het van belang om het INR waarde te monitoren. Dit staat voor
‘International Normalised Ratio’, dit geeft aan hoe snel het bloed stolt. Is het INR heel hoog, is er
ook een langere stollingstijd. Is het INR heel laag, is deze korter en zal het bloed dus sneller
stollen. Afhankelijk van deze waarden wordt de dosering geregeld en aangepast door de
trombosedienst.

Omdat fenprocoumon een langere werkingstijd heeft kan dit voor operaties betekenen dat de
patient tijdig met de meditatie moet stoppen en/of vitamine K toegediend krijgt om bloedingen bij
operaties te voorkomen.

Direct werkende orale anticoagulantia (DOAC)
- Dabigatran (pradaxa)
- Remt factor IIa (2a)
- Ricaroxaban (Xarelto)
- Edoxaban (Iixiana)
- Apixaban (Elquis)
- Remt factor Xa (10a)

,Een andere vorm van antistolling is de direct werkende orale anticoagulantia (DOAC). Dit zijn
antistollingsmiddelen die snel effect hebben.

Dabigatran zorgt dat het stollingseiwit IIa wordt geremd en de andere remmen factor Xa. Alle
hebben een snelwerkend effect en werken vrij kort, het is dus belangrijk dat de patient de
medicijnen volgens voorschrift inneemt en niet een dag overslaat.

Het heeft heel veel voordelen, zo is de dosering elke dag hetzelfde en is er geen controle nodig
van de trombosedienst. Er hoeft ook geen spiegel opgebouwd te worden en DOAC’s hebben
minder bijwerkingen dan vitamine K-remmers.

Voor alle DOAC’s behalve edoxaban is een antidotum; als er een bloeding optreedt kan er een
middel worden gegeven die de werking weer omdraait. Dit kan ook zinvol zijn wanneer de patient
een spoedoperatie moet ondergaan.

Heparine
- Nadroparine (fraxiparine/fraxodi)
- Dalteparin (fragmin)
Heparine zijn milde antistollingsmiddelen en worden in veel gevallen gegeven als profylaxe,
gegeven ter voorkoming van trombose. Het werkt direct en relatief kort, dit kan dus bij een
ziekenhuisopname, postoperatief of bij langdurige immobiliteit een verhoogde stollingsrisico
gegeven worden om een stolling te voorkomen.

Deze laag moleculair gewicht heparine binden zich aan antitrombine waardoor geactiveerde
stollingsfactoren geneutraliseerd worden. En zo wordt fibrinogeen geremd in het omzetten naar
fibrine. Een bekend voorbeeld hiervan in fraxiparine.

Verpleegkundige aandachtspunten
Voor alle bloedverdunners geldt dat dit niet zonder risico’s gaat. Stolling wordt geremd en het
risico daardoor op bloedingen is daardoor ook groter. Het duurt bij deze patiënten dan ook vaak
langer voordat een wondje goed wil helen of wil stoppen met bloeden.

Met bloedafname kan het bijvoorbeeld nodig zijn om het wondje langer af te drukken. Ook heeft
deze categorie patiënten sneller goed zichtbare blauwe plekken, die ook langer zichtbaar blijven.

Iemand stevig vastpakken of een klein stootje kan al voor een blauwe plek zorgen. Dus goed om
hier rekening mee te houden.

Ischemisch CVA = herseninfarct
Hemorragische CVA = hersenbloeding

Hemianopsie = 1 zijde van het zicht valt bij beide ogen uit
Hemiaplegie = verlamming aan een zijde

Intracerebrale bloeding = bloeding binnen de
hersenen

Subarachnoïdale bloeding = bloeding in de
subarachnoïdale ruimte

Subdurale bloeding = bloeding tussen het
spinnenwebvlies en harde hersenvlies

Epidurale bloeding = bloeding tussen het harde
hersenvlies en de schedel

Subarachnoïdaal hematoom = bloeding in het
spinnenwebvlies
Subduraal hematoom = bloeding tussen dura mater

, en arachnoïdea mater
Epiduraal hematoom = bloeding tussen dura
mater en schedel

TIA is een kortdurend herseninfarct. Binnen 30
minuten weer over.

Week 2
Glomerulaire filtratiesnelheid (GFS)
Relatie GFS en bloeddruk

1. Autoregulatie of lokale regulatie
2. Hormonale regulatie
3. Autonome regulatie
- Sympathische zenuwstelsel
- Sterke vernauwing afferente arteriële

De glomerulaire filtratiesnelheid
(GFS) is de hoeveelheid
voorurine die binnen een
bepaalde tijd wordt
geproduceerd door de nieren.
Dit gebeurd in het glomerulus en
het kapsel van Bowman (foto
hiernaast).
Dit is een bloedvat en daarbij is
de bloeddruk van belang. Des te
meer bloeddruk erop staat, des
te meer voorurine en hoe groter
de GFS is.

Autoregulatie of lokale regulatie
Die snelheid kan worden gereguleerd door autoregulatie
(zelfregulatie/lokale regulatie). Wat er daarbij gebeurd is dat het afferente vat (het aanvoerende vat)
en het efferente vat dat die qua diameter worden aangepast.

Als het efferente vat nauwer wordt dat er meer bloed ophoopt in de glomerulus en dat daardoor
de druk hoger wordt en dus ook de GFS hoger wordt. Andersom kan ook het afferente vat worden
samengeknepen waardoor er minder bloed in het vat komt en de druk dus minder hoog wordt en
de GFS lager wordt.

Autonome regulatie
De autonome regulatie is de regulatie die via het zenuwstelsel, het sympathische deel (staat aan
bij actie), verloopt. En dat zorgt ervoor dat het afferente vat sterk wordt vernauwd waardoor de
nieren tijdelijk wat minder bloed krijgen. Dat is niet erg, want als je moet vluchten of heel erg aan
het sporten bent heb je die even niet zo hard nodig.

Hormonale regulatie
Juxtaglomerulaire cellen & macula densa
Geven renine en erytropoëtine af

Het is van belang dat de nieren weten hoeveel
bloeddruk er in de glomerulus is. Dat doen een
aantal cellen, de juxtaglomerulaire cellen, en die
zitten tussen het afferente en efferente vat in.
Deze cellen kunnen als het ware de bloeddruk
meten.
Ook de macula densa speelt hier een rol bij. Dit
is een stukje van de distale tubulis.

Documentinformatie

Geüpload op
14 april 2026
Aantal pagina's
48
Geschreven in
2024/2025
Type
College aantekeningen
Docent(en)
Annemarie rambaldo
Bevat
Alle mb lessen bs3&4
€8,49
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
isabellesuurland1

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
isabellesuurland1 Hogeschool Leiden
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
-
Lid sinds
8 maanden
Aantal volgers
0
Documenten
3
Laatst verkocht
-

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen