Welbevinden = gevoel (geluk, tevredenheid, emoties)
Gezondheidsbevordering
Wat is gezondheid?
Gezondheid is de mogelijkheid om zich aan te passen aan wijzigende omstandigheden van lichamelijke,
geestelijke, sociale en spirituele uitdagingen.
Deze vier dimensies zijn sterk met elkaar verbonden en hebben een invloed op elkaar.
Soorten gezondheid:
Lichamelijke (fysieke) gezondheid, geestelijke (psychische) gezondheid, sociale gezondheid, spirituele
gezondheid
Lichamelijke gezondheid (= fysieke gezondheid):
Gaat over:
• Gezonde levenswijze
• met goede lichaamsverzorging
• voldoende beweging en slaap
• gezond voedingspatroon.
• Bedreigingen: ziekteverwekkers, erfelijke factoren, stress en ongezonde leefgewoonten
Bv. beperkingen, ziek zijn, depressie …
Geestelijke gezondheid (= psychische gezondheid):
Wie geestelijk gezond is probeert ingrijpende gebeurtenissen te begrijpen en te aanvaarden of heeft de
kracht om ze aan te passen.
Bv. zelfbeeld, hoe je denkt, obstakels durven aanpakken, depressie …
Sociale gezondheid:
Gaat over:
• Omgaan met andere mensen
• Relaties en frequentie van sociale contacten
Bv. eenzaamheid, depressie …
Spirituele gezondheid:
• Heeft betrekking op het innerlijke aspect van de mens.
• Op zoek naar een doel in het leven.
• Ontstaan van levensvragen rond identiteit, liefde, religie …
Bv. kracht vinden in een geloof, depressie
Holistisch:
Bij een holistische visie kijk je niet alleen naar losse onderdelen, maar naar het totaalplaatje. Alles is
verbonden met elkaar: lichaam, geest, sociale context, spiritualiteit
Bv. depressie: niet enkel medicatie om chemie in de hersenen aan te passen, ook bloedonderzoek doen
om een fysiek tekort te ontdekken, wandelen om uit het hoofd te komen, zingevingsvragen (Word ik
depressief van mijn baan?), werken aan gezonde grenzen in relaties …
Wanneer is een mens gezond?
• Als je in evenwicht bent met jezelf en met je omgeving (lichamelijke, psychische en spirituele gezondheid en sociale gezondheid)
• We kunnen dit bereiken door onze gezondheid te sturen (ons aanpassingsvermogen)
• Daarvoor moeten we beschikken over de nodige gezondheidsvaardigheden
,Welzijn = omstandigheden (werk, inkomen, gezondheid, wonen)
Welbevinden = gevoel (geluk, tevredenheid, emoties)
Wat zijn gezondheidsvaardigheden?
De vaardigheid om:
• Goed voor jezelf te zorgen
• Gezondheidsinformatie te verzamelen en te begrijpen
• Juiste keuzes te maken over je gezondheid
• Kennis over gezondheid is niet vanzelfsprekend en moet aangeleerd worden → bv. sportdrank is niet gezond
Wat is gezondheidsbevordering?
• De aanmoediging om bewust en actief om te gaan met je eigen gezondheid en die van anderen.
• De overheid heeft gezondheidsdoelstellingen opgesteld om de gezondheid van de bevolking te
bevorderen
• De overheid wil dit bereiken via ziektepreventie, gezondheidspromotie en gezondheidsbescherming.
→ Ziektepreventie:
Het voorkomen van ziekte of een aandoening.
Er zijn 3 niveaus van preventie:
• Primair niveau (best)
Ruime, algemene preventie zodat geen probleem ontstaat
Bv. het schoolreglement, gezonde voeding, verboden te roken
• Secundair niveau
We weten dat het probleem eraan komt als we niets doen, we gaan er specifiek op in
Bv. preventief borsten wegnemen bij erfelijke borstkanker, vuilbakken plaatsen op de speelplaats om afval te vermijden
• Tertiair niveau (beperken)
Het probleem heeft hem al gesteld en we gaan het herstellen
Bv. je bent al ziek en we gaan het genezen
Het primair niveau heeft voorrang op de rest:
• Een aanpassing op bv. het secundair niveau kan effect hebben op het primair niveau.
• → Bv. bij lage weerbaarheid niet meer naar buiten mogen (sec.), maar er komt een nieuw probleem: dan voel
je je eenzaam → slechte oplossing.
• Maatregel mag nooit basiskwaliteit van het leven (primair niveau) onderuithalen.
• + primair niveau is algemeen dus goedkoper en makkelijker dan 100 individuele behandelingen en je voorkomt
al het lijden
→ Gezondheidspromotie:
Men probeert de gezondheidstoestand van een groep mensen te verbeteren i.p.v. ze individueel te
benaderen. (campagne van overheid om 2x per dag tanden te poetsen, verbod van gsm’s voor leerlingen)
→ Gezondheidsbescherming:
Men probeert individuen te beschermen tegen schadelijke invloeden
(verplicht PBM’s op het werk, controle door inspectie (voeding en milieu))
Biopsychosociaal model:
• Uitgebreid werkmodel van het oude medische model over het menselijk functioneren (waar enkel
aandacht was voor biologische factoren (het lichaam)).
• Volgens het biopsychosociale model wordt gezondheid beïnvloed door biologische factoren
(lichaam), psychologische factoren (gevoelens, gedachten) en sociale factoren (omgeving, relaties)
• Niet alleen ziekte vermijden, maar totale gezondheid bevorderen
,Welzijn = omstandigheden (werk, inkomen, gezondheid, wonen)
Welbevinden = gevoel (geluk, tevredenheid, emoties)
Het gezondheidsclassificatiemodel van Gordon:
• Een model om zoveel mogelijk informatie te verzamelen om het totale leven van een zorgvrager in kaart
te brengen.
• Helpt om betere zorg te geven
• Omvat 11 gezondheidspatronen
• Elk patroon bekijkt: fysieke, psychische, sociale en spirituele aspecten
11 Gezondheidspatronen:
Geef Uw Warme Saus Snel Aan Chris Voordat Ze Raar Smaakt
• Gezondheidsbeleving en -instandhouding ° Voeding en stofwisseling
• Uitscheiding ° Zelfbeleving
• Waarden en levensovertuiging ° Rol en relatie
• Seksualiteit en voortplanting ° Stressverwerking
• Slaap en rust
• Activiteiten
• Cognitie en waarneming
→ Gezondheidsbeleving en -instandhouding ((eens lezen alle 11?))
Hoe iemand zijn gezondheid ervaart en onderhoudt (lichamelijke conditie, psychische conditie, (gebrek
aan) informatie, (gebrek aan) middelen ??)
→ Voeding en stofwisseling
De inname van vocht en voedsel in verhouding tot de lichamelijke of natuurlijke behoeften. Naargelang
jouw energieverbruik ga je meer of minder eten en drinken.
→ Uitscheiding
De uitscheidingsfunctie van darmen, blaas en huid
→ Activiteiten
Dagelijkse activiteiten en zelfzorg, zoals bewegen, ontspanning en hygiëne
→ Slaap en rust
Hoe men slaap beleeft, kwaliteit en kwantiteit van slaap en rust. Ook het gebruik van eventuele
hulpmiddelen, zoals slaappillen of een bepaalde slaaproutine
→ Cognitie en waarneming
, Welzijn = omstandigheden (werk, inkomen, gezondheid, wonen)
Welbevinden = gevoel (geluk, tevredenheid, emoties)
Alle cognitieve functies, o.a. waarnemen, informatie verwerken, leren, denken en problemen oplossen.
Ook zien, horen, proeven, voelen, ruiken, pijn en het omgaan met pijn, evenals het taalvermogen,
geheugen, oordeelsvermogen en de besluitvorming.
→ Rol en relatie
Iemands rollen en verantwoordelijkheden in gezin, werk en sociale relaties, inclusief tevredenheid en
eventuele verstoringen.
→ Seksualiteit en voortplanting
De mate van (on)tevredenheid hierover en de eventuele problemen.
→ Stressverwerking
De wijze waarop iemand gewoonlijk met problemen en stress omspringt. Ook draagkracht, de steun van
familie of anderen
→ Waarden en levensovertuiging
De waarden, normen, doelstellingen en overtuigingen waarop iemand zijn keuzes en beslissingen baseert.
Wat iemand belangrijk acht in het leven hoort hier ook bij.
→ Zelfbeleving
Hoe iemand zichzelf ziet: beleving van de eigen vaardigheden, zelfbeeld, identiteit, algemeen patroon van
emoties. Ook lichaamshouding, motoriek, oogcontact, stem en spraak maken deel uit van dit patroon.
ICF-schema:
Een systeem ontwikkeld door de WHO (Wereldgezondheidsorganisatie) om menselijk functioneren en
functioneringsproblemen te beschrijven en te ordenen.
ICF staat voor:
Internationale Classificatie voor het beschrijven van het menselijk Functioneren
Met ICF kan iemands functioneren worden beschreven vanuit drie verschillende perspectieven:
• Het perspectief van de mens als organisme, als lichaam
• Het perspectief van het menselijke handelen
• Het perspectief van de participatie aan het maatschappelijk leven
ICF-schema kunnen invullen:
Model van Lalonde (Shauny = gwn lezen):
De gezondheidstoestand (het totaal functioneren) wordt beïnvloed door 4 verschillende factoren =
gezondheidsdeterminanten ((4 factoren die de gezondheid beïnvloeden)):