Begripsbepaling:
de ziekte van Parkinson is een hersenaandoening. Er sterven hierbij cellen in de hersenen af. De
cellen in het midden van je hersenen, produceren dopamine, de stof die de rest van je lichaam
aansturen. De dopamine gaat van je lichaamsdelen naar de hersenen en geeft het signaal om een
actie uit te voeren. Bij Parkinson sterven die cellen af en krijgen de hersenen geen goed signaal
meer. Hierdoor gaan lichaamsdelen trillen en worden de handen en voeten erg stijf. Ook zorgt het
ervoor dat de zorgvrager moeilijk kan praten.
Epidemiologie:
De ziekte treft 3,3 op de 1000 mannen, en 2,5 op de 1000 vrouwen. Dit is van de alle vormen
parkinsonisme. Het komt bijna niet voor onder de 50, meestal begint het tussen de 50 en de 60.
Anatomie & fysiologie:
Bij Parkinson gaat het om de hersenen. En omdat de hersenen je gehele lichaam aansturen, tast dit
bijna alle lichaamsdelen aan. Omdat de hersenen in direct contact met het zenuwstelsel staat, is het
nogal voorkomend dat de armen of het hoofd gaan trillen.
Etiologie:
het is nog niet bekend waar Parkinson vandaan komt. Het is gedeeltelijk een erfelijke ziekte, maar
het kan ook zijn van ouderdom, vergiftiging of hoofdtrauma.
Symptomen:
Je kan het al snel merken aan het hebben van geen reuk, geen concentratie hebben, lam gevoel in
armen of benen, ongewenste beweging van de armen en hoofd en vermoeidheid.
In een latere stage krijg je meer tremoren en begint het met zacht praten, snel verslikken en
droogheid van de ogen.
Diagnose:
Het is in het begin van parkinson vaak moeilijk om vast te stellen omdat de symptomen nog te breed
zijn en teveel dingen kunnen betekenen. Parkinson is ook niet te zien via een hersenscan. Ook is het
moeilijk omdat het niet altijd parkinson is als je trilt.
Therapie:
Er is geen genezing of medicijn voor parkinson wat het compleet stopt, maar en bestaat wel DBS-
therapie. Dit betekent diepe hersenstimulatie (deep brain stimulation). Dit kan sommige symptomen
van Parkinson tegengaan.
Prognose:
De ziekte begint vaak mild en loopt geleidelijk op, zonder vaste volgorde. Het kan langzaam
ontwikkelen maar ook snel, dit ligt eraan per persoon. De behandeling zal door de jaren heen steeds
veranderen, op basis wat op dat moment nodig is. Daardoor zijn de klachten vaak nog wel te
remmen, maar het zal wel het dagelijks leven beïnvloeden.