Breuken
SLO: Kerndoel 26: De leerlingen leren structuur en samenhang van aantallen, gehele getallen,
kommagetallen, breuken, procenten en verhoudingen op hoofdlijnen te doorzien en er in praktische
situaties mee te rekenen (Rekenen/Wiskunde - Getallen en Bewerkingen - Kerndoel 26, z.d.) .
Onderbouw
In de onderbouw wordt nog niet expliciet aan de
breuken gewerkt maar wordt wel de basis gelegd. Er
wordt gewerkt aan de rekentaal: meer, minder, de
helft, een stukje (Rekenen/Wiskunde - Wiskundig
Inzicht en Handelen - Kerndoel 23, z.d.-b).
Volgens Ale en Van Schaik (2017) leren kleuters door
spelend leren, leren in de hoeken:
ontwikkelingsgericht onderwijs. Dit past bij het
sociaal constructivisme van Vygotski. Het is
belangrijk om vrij spel zó in te richten, een
uitdagende, rijke en voorbereide leeromgeving, dat er Informeel handelen in
een brug geslagen wordt naar de zone van naaste werkelijkheidssituaties.
ontwikkeling (ParnasSys, z.d.).
Middenbouw
Ook in de middenbouw komen de breuken nog
niet voor in rekenmethode Getal en Ruimte .Wel
wordt er geoefend met klokkijken: de hele en
halve uren en de kwartieren. Op deze manier
zien kinderen dat een geheel uit onderdelen
bestaat en dat je dit ook kunt verdelen. Ook
oefeningen zoals op bovenstaande foto dragen bij
aan het begrijpen van breuken. Verder leren de
kinderen de tafels en deeltafels, daar wordt een
relatie gelegd met breuken (ParnasSys, z.d.).
Bovenbouw
In de bovenbouw worden de breuken
aangeleerd. Eerst, vanaf groep 6, de
gelijknamige breuken. Het is belangrijk om bij
breuken voldoende aandacht te besteden aan
de eerste drie niveaus van het
handelingsmodel. Als er te snel met formele
bewerkingen gestart wordt, blijven sommige
leerlingen moeite houden met de sommen.
Volgens Ale en Van Schaik (2017) is het erg
belangrijk om veel te oefenen met het
koppelen van de verhoudingen, procenten,
breuken en kommagetallen. Leerlingen krijgen
dan meer inzicht in alle onderdelen. Ook
moeten leerlingen zoveel mogelijk oefenen
met verschillende aanknopingspunten, Figuur 1. Voorbeeld van een rekenactiviteit bovenbouw.
contexten en modellen.
Uit Ale en Van Schaik (2017, p. 277).
, INFOGRAPHIC
Procenten
SLO: Kerndoel 26: De leerlingen leren structuur en samenhang van aantallen, gehele getallen,
kommagetallen, breuken, procenten en verhoudingen op hoofdlijnen te doorzien en er in praktische
situaties mee te rekenen (Rekenen/Wiskunde - Getallen en Bewerkingen - Kerndoel 26, z.d.) .
Onderbouw
In de onderbouw draait de kennis over procenten
voornamelijk om informele kennis: bijv. korting op
iets of hoeveel procent stroom er nog in de IPad zit.
Ook wordt hier de rekentaal geoefend. Als je 100% je
best doet, 100% is alles. Ook wordt hier vaak de
koppeling gelegd tussen breuken en procenten. De
basis van de begripsvorming (ParnasSys, z.d.).
Middenbouw
Zowel in de onderbouw als in de middenbouw
behoort het onderwerp procenten nog niet tot de
rekenvaardigheden die expliciet worden
aangeleerd. Wel is het in deze fase belangrijk om
alvast een basis te leggen voor het begrip van
procenten. In de middenbouw worden daarom af
en toe al verkennende opdrachten aangeboden
om dit begrip langzaam op te bouwen. In deze
fase kun je situaties voorleggen waarin procenten
op een natuurlijke manier naar voren komen. Het
visualiseren van deze situaties is in deze
leeftijdsfase erg belangrijk om het begrip te
versterken (Ale & Van Schaik, 2017) .a
Bovenbouw
In de bovenbouw leren de kinderen dat
procenten relatief zijn, omdat er sprake
is van een verhouding. 25% van 100 is
25, 25% van 60 is 15 (Ale & Van
Schaik, 2017). Bij procenten worden,
net als bij de breuken, verschillende
modellen gebruikt: de strook, de
dubbele getallenlijn, het cirkeldiagram
en de verhoudingstabel. Ook hier is het
van belang om de relatie tussen
procenten, kommagetallen, breuken en
verhoudingen vaak te leggen.