Wat is strafrecht?
Wat een verdachte/veroordeelde de samenleving heeft aangedaan.
Bedoeld om onze samenleving ordelijk te maken
→ ongewenste gedragingen worden dus bestraft
Verschil materiële strafrecht en formele strafrecht?’
Materieel strafrecht: bepaalt welk gedrag strafbaar is en welke straffen of maatregelen
daarop kunnen volgen. (Wat is strafbaar?)
Formeel strafrecht (strafprocesrecht): regelt de procedures en bevoegdheden
waarmee de strafwet wordt toegepast. (Hoe wordt strafrecht gehandhaafd?)
Sanctierecht – voorwaarde waaronder straffen mogen worden opgelegd
Onderdelen van een strafbepaling – Art. 287 Sr
Delictsomschrijving - hetgeen waaraan de gedraging moet voldoen, wil het worden
gekwalificeerd als het ten laste gelegde feit.
➔ Komt het feit niet overeen met het feit zoals beschreven staat in het wetsartikel,
dan kan het niet als dat feit ten laste gelegd worden.
➔ Alles wat in de delictsomschrijving staat zijn bestanddelen, anders een element.
Kwalificatie-aanduiding - vertelt welke norm overschreden is, ookwel de naam die we
aan het strafbare feit geven. Staat overigens niet altijd in het wetsartikel, maar dan aan
de kantlijn. “als schuldig aan” → geeft kwalificatieaanduiding aan
Strafbedreiging - de maximum stram die de rechter mag opleggen.
,Bestanddeel vs element
Element - algemene voorwaarden die niet in de delictsomschrijving staan, maar altijd
gelden: Wederrechtelijkheid en verwijtbaarheid (tenzij ze bestanddeel zijn van het
delict)
Bestanddeel - moet bewezen worden om te spreken van een strafbaar feit.
Subjectieve en Objectieve bestanddelen:
Subjectieve - De innerlijke verwijtbaarheid van de dader.
➔ Opzet (willens en wetens handelen)
➔ Culpa / schuld (aanmerkelijk onvoorzichtig)
➔ Soms ook voorwaardelijk opzet (aanvaarden van het risico).
➔ Mens rea = intentie van de dader
Objectieve - Wat de dader doet of nalaat.
➔ Handeling (bijv. wegnemen, slaan)
➔ Wederrechtelijkheid (inbreuk op rechtsgoed of belangen van een ander)
➔ Resultaat / gevolg (bijv. letsel, overlijden)
➔ Actus reus = handelen van de dader
,Materieel vs formeel delict
Materieel delict – omschrijvingen die op het gevolg zijn gericht en niet op de handeling.
Het veroorzaken van een gevolg wordt strafbaar gesteld.
Formeel delict – omschrijving van de gedraging die gepleegd is. Geen interesse in het
gevolg dat het delict met zich meebrengt. De handeling wordt strafbaar gesteld.
Gekwalificeerd vs geprivilegieerd delict
Gekwalificeerd delict – straf gaat omhoog doordat een feit ernstiger wordt gevonden.
Bijv. verkrachting met bedreiging of dwang is hoger dan gewone verkrachting.
• strafverzwarend
Geprivilegieerd delict- situatie die minder strafwaardig gevonden, er zijn goede
redenen waarom de straf minder zou moeten uitkomen.
• straf verminderend
, Nulla poena-regel
Bepaling(en): art. 1 Sr en art. 16 Grondwet.
Betekenis: Geen straf zonder wet — iemand kan alleen gestraft worden op grond van
een wettelijke strafbepaling die voorafgaand aan het feit bestond.
Vier subregels:
Strafbaarheid met terugwerkende kracht is verboden: Een gedraging is pas strafbaar
vanaf het moment dat de wet het expliciet als zodanig bestempelt; eerder gepleegde
feiten kunnen niet achteraf strafbaar worden gemaakt.
Straf moet wettelijk vastgelegd zijn: De strafbaarheid en de straf zelf moeten zijn
vastgelegd in een formele wet (een wet in formele zin) voordat het feit is gepleegd.
Geen zwaardere straf dan de wet voorschrijft: De straf die wordt opgelegd, mag niet
zwaarder zijn dan de straf die op het moment van de daad gold.
Duidelijke en kenbare strafbepalingen: De wetgeving moet duidelijk zijn, zodat
burgers weten welke gedragingen verboden zijn. Dit staat ook bekend als het
legaliteitbeginsel
Mens rea
Mens rea betekent dat er sprake moet zijn van een schuldige geestesgesteldheid bij de
dader om strafbaar te zijn.
Verwijtbaar door: Opzet of Schuld (culpa)
Zonder opzet of schuld is iemand in beginsel niet strafbaar, behalve bij uitzonderingen
zoals overtredingen zonder schuldvereiste (bijv. sommige verkeersfeiten).
Algemene voorwaarden voor strafbaarheid
Strafbaar feit = ‘een menselijke gedraging die past binnen een wettelijke
delictsomschrijving, die wederrechtelijk is en aan schuld te wijten.
Menselijke
geen dier of natuur, geldt niet bij een onverwachtse reflex, epileptische aanval of
absolute overmacht.
Gedraging
Fysiek gedragingsbegrip
• Commissie delict – daadwerkelijke handeling verrichten om leed aan te richten
aan iemand. Handelen wordt strafbaar gesteld.
• Omissie delict – een nalatige handeling. Het nalaten wordt strafbaar gesteld.
• Oneigenlijk omissie delict – Commissie delict dat door nalaten wordt gepleegd.
Bijv. moeder voed kind niet door nalaten, kind overlijd, dat is doodslag en
commissie.
De menselijke gedraging wordt in het strafproces in de tenlastelegging omschreven.