antwoorden op de vraag, wat
is de mens
Standpunt 1, wij zijn een denkend,
bewegend lichaam
Sheets-Johnstone: fenomenologie van de dans
Argument 1: onze gewaarwording van ons bewegende
lichaam in de ruimte gaat vooraf aan bewuste reflectie
op onszelf.
- Pre-reflectieve gewaarwording: je weet, voorafgaand aan de
reflectie, waar je lichaam zich in de ruimte bevindt.
- Lichaamsschema: De pre-reflectieve gewaarwording van je
lichaamsdelen in verhouding tot elkaar en de omgeving.
Aan al ons nadenken gaat eerst een lichaamsschema vooraf, we
hebben al een beeld van waar ons lichaam is in de ruimte en hoe
onze lichaamsdelen zich verhouden tot elkaar. Dat lichaamsbeeld is
dus pre-reflectief (het gaat vooraf de reflectie). Kortom, je hoeft
dus niet na te denken voordat je je neus aanraakt.
-VB. je denkt na over de pijn in je voet (reflectie) nadat je de pijn
hebt ervaren (pre reflectieve bewustzijn)
- Pre-reflectief bewustzijn = fenomenologisch bewustzijn /
onmiddellijke gewaarwording van de pijn (vooraf de reflectie) (1e
persoonsperspectief)
- Reflectieve bewustzijn = cartesiaanse bewustzijn / denken van
een afstand / vanuit 3e persoons perspectief
Argument 2: fenomenologie biedt een perspectief op
onze bestaanservaring
- De bestaanservaring is hoe we in de wereld staan en ons bestaan
beleven. En de fenomenologie (1e persoonsperspectief) zorgt ervoor
dat we perspectief krijgen op de bestaanservaring.
Primaire tekst de fenomenologie van de dans
,Sheets-Johnstone stelt dat “Het ‘daar-zijn’ van de pen bestaat voor mij
alleen omdat mijn ‘hier-zijn’ voor mij bestaat”. In het reiken naar de pen
"weet" mijn lichaam al waar de pen is en waar ik ben: ik heb mezelf al in
de ruimte gelokaliseerd zonder daar bewust van te zijn. Ik ben dus gewaar
van mijn bewegende lichaam in de ruimte voordat ik daarop kan
reflecteren. Pas in het reflecteren krijg ik dan kennis over mezelf: "hee,
blijkbaar ben ik niet lang genoeg, want ik moet naar de pen reiken", of iets
dergelijks.
Standpunt 2: wij staan in verhouding
tot onszelf
Helmuth Plessner: wij zijn een lichaam en we hebben een lichaam
(dubbele bestaanservaring)
De mens kan zijn eigen richting bepalen want wij zijn volgens
Plessner als wezen van nature onbepaald, waardoor wij de vrijheid
hebben om ons bestaan zelf richting te geven. (we zijn van nature
onbepaald omdat wij een excentrische bestaanservaring hebben)
uitleg!
- Excentrische positionaliteit (reflectie op jezelf vanuit 3e
persoonsperspectief)
= Een organisme handelt en ervaart niet allen vanuit het hier en nu,
maar is zich hier ook van bewust. Hierdoor kan je reflecteren en
vooruitdenken over jezelf en de wereld. Door deze reflectie kunnen
we ons eigen leven richting geven.
Plessners 3 antropologische wetten (argument
1,2,3)
1. Wet van natuurlijke kunstmatigheid (wij zijn van nature
kunstmatig)
- Kunstmatig: we hebben geen essentie, we moeten onszelf maken
natuurlijk: we hebben wel een essentie
we zijn excentrisch gepositioneerd, we vallen niet samen met wie
we al zijn. Je hebt plannen en wensen voor toekomst. Je hebt spijt. Je
kijkt naar jezelf van een afstand, over je schouders -> je verhoudt je
tot je eigen bestaan. We bestaan, maar dat bestaan is nog niet
ingevuld. Het bestaan is gegeven (van nature) en een opdracht
(kunstmatig)
, 2. Wet van bemiddelde onmiddellijkheid (wij willen onze
bestaanservaring uitdrukken)
= Bemiddelde onmiddellijkheid betekent dat we de wereld
direct ervaren, maar altijd via iets anders—zoals onze
lichamelijkheid en zintuigen.
- Onmiddellijk: We ervaren dingen direct via onze waarneming.
- Bemiddeld: Onze waarneming verloopt altijd via ons lichaam en
perspectief.
-> Ons lichaam verdwijnt in de waarneming, omdat we vooral
gefocust zijn op het ervaren zelf, maar tegelijkertijd is het altijd
aanwezig en maakt onze ervaring mogelijk.
- Omdat we alles via onze eigen lichamelijkheid ervaren, hebben we
een uniek perspectief (1pp = eerste persoonsperspectief). Dit leidt
tot een natuurlijke drang tot expressie—via taal, kunst en cultuur
—om onze ervaringen te delen.
- Deze expressies bestaan niet alleen voor onszelf, maar komen
terecht in de Mitwelt, de sociale wereld waarin ze worden
ontvangen en verder leven.
- Wanneer we naar oude foto's van onszelf kijken, zien we niet alleen
ons verleden, maar ook hoe anderen ons destijds zagen. Dit helpt
ons een nieuw perspectief op onszelf te krijgen en onszelf te
begrijpen zoals anderen dat doen.
3. De utopische standplaats ( wij verlangen boven onszelf uit te
stijgen en vaste grond onder de voeten te hebben.)
Utopie betekent een plek die niet bestaat.
Standplaats verwijst naar waar je je bevindt.
- We willen onszelf begrijpen en volledig onszelf zijn, maar dat lukt
nooit helemaal. Onze identiteit verandert continu, en we voelen een
soort vervreemding omdat we nooit volledig kunnen samen vallen
met wie we willen zijn.
Dit veroorzaakt een gevoel van excentrische angst—het ongemak
van het zoeken naar zekerheid, terwijl die zekerheid nooit volledig
bestaat. Veel mensen proberen houvast te vinden, bijvoorbeeld in
religie of overtuigingen, omdat dit een vaste grond biedt. Maar
tegelijk twijfelen we ook aan die vaste grond—het menselijke
verlangen naar zekerheid botst steeds met onze twijfel daarover.
- Kortom, we streven ernaar om onszelf te worden en ons bestaan te
begrijpen, maar die zoektocht blijft altijd open en nooit definitief.
Dat maakt ons menselijk en vormt de basis voor hoe we ons
ontwikkelen.