Hoofdstuk 1
Evidence Based verpleegkundig handelen
1.2 Wat is evidence based verpleegkunde?
Over evidence based verpleegkunde is weinig geschreven, wel is er wat geschreven over
evidence based geneeskunde. Evidence Based Geneeskunde kun je zien als een geloof, als
een onderwijsactiviteit en als een werkwijze waarmee de geneeskunde wordt uitgeoefend.
Evidence based medicine wordt omschreven als de vaardigheid om bewezen feiten op te
sporen, kritisch te evalueren en in de medische praktijk te integreren.
Omschrijvingen van evidence based
verpleegkunde
De vaardigheid bewezen feiten op te sporen, kritisch op hun waarde te bezien en in
de verpleegkundige praktijk toe te passen.
Evidence based verpleegkundige praktijk is het nauwkeurige, expliciete en
oordeelkundige gebruik van de op het moment best bewezen feiten bij het nemen
van besluiten over individuele patiënten.
Het gewetensvol, expliciet en oordeelkundig gebruik van het huidige beste
bewijsmateriaal om beslissingen te nemen voor individuele patiënten.
De praktijk van EBM impliceert het integreren van individuele klinische expertise met
het beste externe bewijsmateriaal dat vanuit systematisch onderzoek beschikbaar is.
De voorkeuren, wensen en verwachtingen van de patiënt spelen bij de besluitvorming
een centrale rol.
Het proces waarin de klinische expert (verpleegkundige) haar wijsheid, ervaring en
beoordelingsvermogen en kennis gebruikt om te bepalen wat de beste zorg is voor iedere
patiënt en de individuele patiënt met een specifieke behoefte of probleem betrokken is bij de
besluitvorming en zijn situatie opvattingen en voorkeuren betrokken worden bij het nemen
van (verpleegkundige) besluiten.
1.3 Kloof tussen theorie en praktijk
De kloof tussen theorie en praktijk vormt een probleem voor de ontwikkeling van de
verpleegkundige en zorgt ervoor dat patiënten niet altijd de zorg krijgen die ze volgens de
nieuwste inzichten zouden moeten krijgen.
3.1 Praktijk
Zie blz. 21 voor een stukje over thema’s.
Lang niet alle bovengenoemde onderzoeksresultaten (wetenschappelijke evidence) zullen in
de praktijk bekend zijn en dus ook niet toegepast worden. Dat kan de kwaliteit van de zorg
schaden. Immers, deze kennis is relevant voor het geven van goede zorg.
, 3.2 Onderwijs
Onderwijs in evidence based verpleegkunde krijgt steeds meer een plaats in de
leerprogramma’s van de verpleegkundige opleidingen.
Het aanleren van evidence based handelen gebeurt nog vaak zonder hierbij de klinische
context te betrekken. Studenten verpleegkunde hebben in de opleiding veel geleerd dat ze in
de praktijk niet herkennen.
Een ander probleem is dat allerlei materiaal waarover in de verpleegkunde consensus
bestaat, vaak geen deel uitmaakt van het programma van de opleiding. Te denken valt
hierbij aan bijvoorbeeld landelijke richtlijnen. Het zou logisch zijn dat de landelijke richtlijnen
onderdeel uitmaken van de leerprogramma’s van de verpleegkundige opleidingen.
3.3 Wetenschappelijk onderzoek
Verpleegkundigen vragen zich soms verbaasd af wat er toch allemaal wordt onderzocht door
onderzoekers, terwijl onderzoekers zich pijnigen over de vraag waarom hun
onderzoeksresultaten in de praktijk niet bekend zijn en niet worden gebruikt om het
verpleegkundig handelen te onderbouwen.
Door de komst van de lectoraten binnen de hogescholen, van waaruit praktijkgericht
onderzoek wordt gestart in samenwerking met professionals uit de praktijk, wordt de kloof
tussen onderzoek en praktijk steeds kleiner. Ook omdat naast de professionals in de praktijk
en de docent-onderzoekers van de lectoraten, ook studenten betrokken worden bij het
onderzoek, komen studenten al vroeg in de opleiding in aanraking met praktijkgericht
onderzoek.
1.4 De methodiek van evidence based
verpleegkunde
De stappen van evidence based handelen zijn: het klinisch probleem vertalen naar een
beantwoordbare vraag, het zoeken naar literatuur, de beoordeling van de gevonden literatuur
op toepasbaarheid en kwaliteit, de toepassing van het gevonden resultaat in de
verpleegkundige praktijk en tenslotte de evaluatie van het resultaat.
4.1 Formuleren van een beantwoordbare vraag
Een bruikbaar en veel gebruikt hulpmiddel bij het formuleren van een vraag is de PICO-
methode. Hierbij staan de letters van PICO voor:
P = patiënt (beschrijving van de populatie)
I = Interventie (beschrijving van de interventie)
C = controle-interventie (beschrijving van de handelingen die in de controlegroep worden
gegeven en waarmee de interventie waarin met geïnteresseerd is wordt vergeleken)
O = outcome, resultaat (effect van de interventie)
Een voorbeeld:
Is het effect van schriftelijke voorlichting (I) op pijnbeleving (O) bij kinderen die een
buikoperatie moeten ondergaan (P) groter dan het effect van het gebruik van een
voorlichtingsvideo (C)?
Evidence Based verpleegkundig handelen
1.2 Wat is evidence based verpleegkunde?
Over evidence based verpleegkunde is weinig geschreven, wel is er wat geschreven over
evidence based geneeskunde. Evidence Based Geneeskunde kun je zien als een geloof, als
een onderwijsactiviteit en als een werkwijze waarmee de geneeskunde wordt uitgeoefend.
Evidence based medicine wordt omschreven als de vaardigheid om bewezen feiten op te
sporen, kritisch te evalueren en in de medische praktijk te integreren.
Omschrijvingen van evidence based
verpleegkunde
De vaardigheid bewezen feiten op te sporen, kritisch op hun waarde te bezien en in
de verpleegkundige praktijk toe te passen.
Evidence based verpleegkundige praktijk is het nauwkeurige, expliciete en
oordeelkundige gebruik van de op het moment best bewezen feiten bij het nemen
van besluiten over individuele patiënten.
Het gewetensvol, expliciet en oordeelkundig gebruik van het huidige beste
bewijsmateriaal om beslissingen te nemen voor individuele patiënten.
De praktijk van EBM impliceert het integreren van individuele klinische expertise met
het beste externe bewijsmateriaal dat vanuit systematisch onderzoek beschikbaar is.
De voorkeuren, wensen en verwachtingen van de patiënt spelen bij de besluitvorming
een centrale rol.
Het proces waarin de klinische expert (verpleegkundige) haar wijsheid, ervaring en
beoordelingsvermogen en kennis gebruikt om te bepalen wat de beste zorg is voor iedere
patiënt en de individuele patiënt met een specifieke behoefte of probleem betrokken is bij de
besluitvorming en zijn situatie opvattingen en voorkeuren betrokken worden bij het nemen
van (verpleegkundige) besluiten.
1.3 Kloof tussen theorie en praktijk
De kloof tussen theorie en praktijk vormt een probleem voor de ontwikkeling van de
verpleegkundige en zorgt ervoor dat patiënten niet altijd de zorg krijgen die ze volgens de
nieuwste inzichten zouden moeten krijgen.
3.1 Praktijk
Zie blz. 21 voor een stukje over thema’s.
Lang niet alle bovengenoemde onderzoeksresultaten (wetenschappelijke evidence) zullen in
de praktijk bekend zijn en dus ook niet toegepast worden. Dat kan de kwaliteit van de zorg
schaden. Immers, deze kennis is relevant voor het geven van goede zorg.
, 3.2 Onderwijs
Onderwijs in evidence based verpleegkunde krijgt steeds meer een plaats in de
leerprogramma’s van de verpleegkundige opleidingen.
Het aanleren van evidence based handelen gebeurt nog vaak zonder hierbij de klinische
context te betrekken. Studenten verpleegkunde hebben in de opleiding veel geleerd dat ze in
de praktijk niet herkennen.
Een ander probleem is dat allerlei materiaal waarover in de verpleegkunde consensus
bestaat, vaak geen deel uitmaakt van het programma van de opleiding. Te denken valt
hierbij aan bijvoorbeeld landelijke richtlijnen. Het zou logisch zijn dat de landelijke richtlijnen
onderdeel uitmaken van de leerprogramma’s van de verpleegkundige opleidingen.
3.3 Wetenschappelijk onderzoek
Verpleegkundigen vragen zich soms verbaasd af wat er toch allemaal wordt onderzocht door
onderzoekers, terwijl onderzoekers zich pijnigen over de vraag waarom hun
onderzoeksresultaten in de praktijk niet bekend zijn en niet worden gebruikt om het
verpleegkundig handelen te onderbouwen.
Door de komst van de lectoraten binnen de hogescholen, van waaruit praktijkgericht
onderzoek wordt gestart in samenwerking met professionals uit de praktijk, wordt de kloof
tussen onderzoek en praktijk steeds kleiner. Ook omdat naast de professionals in de praktijk
en de docent-onderzoekers van de lectoraten, ook studenten betrokken worden bij het
onderzoek, komen studenten al vroeg in de opleiding in aanraking met praktijkgericht
onderzoek.
1.4 De methodiek van evidence based
verpleegkunde
De stappen van evidence based handelen zijn: het klinisch probleem vertalen naar een
beantwoordbare vraag, het zoeken naar literatuur, de beoordeling van de gevonden literatuur
op toepasbaarheid en kwaliteit, de toepassing van het gevonden resultaat in de
verpleegkundige praktijk en tenslotte de evaluatie van het resultaat.
4.1 Formuleren van een beantwoordbare vraag
Een bruikbaar en veel gebruikt hulpmiddel bij het formuleren van een vraag is de PICO-
methode. Hierbij staan de letters van PICO voor:
P = patiënt (beschrijving van de populatie)
I = Interventie (beschrijving van de interventie)
C = controle-interventie (beschrijving van de handelingen die in de controlegroep worden
gegeven en waarmee de interventie waarin met geïnteresseerd is wordt vergeleken)
O = outcome, resultaat (effect van de interventie)
Een voorbeeld:
Is het effect van schriftelijke voorlichting (I) op pijnbeleving (O) bij kinderen die een
buikoperatie moeten ondergaan (P) groter dan het effect van het gebruik van een
voorlichtingsvideo (C)?