Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting LUK4 AFP Lesdoelen

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
50
Geüpload op
08-05-2026
Geschreven in
2025/2026

Uitwerking van de lesdoelen AFP LUK4

Voorbeeld van de inhoud

AFP LUK 4.

Week 1.
Je kunt benoemen wat wordt bedoeld met het begrip hormoon.
Een hormoon is een chemische boodschapperstof die door gespecialiseerde kliercellen
wordt geproduceerd, aan het bloed wordt afgegeven en in het lichaam zijn werking heeft.

Je kunt de algemene werking van hormonen toelichten en kunt de begrippen endocriene
en neurosecretoire cellen in verband brengen met de productie van hormonen.
Hormoonafgifte is een vorm van interne secretie, hierbij wordt het product altijd aan het
inwendige milieu afgegeven. De meeste hormonen worden gemaakt door endocriene cellen
of door neurosecretoire cellen.
- Endocriene cellen zijn gespecialiseerde kliercellen, die zich alleen maar bezighouden
met de productie van een bepaald hormoon. Deze cellen zijn meestal gestructureerd
tot een hormoonklier, die dan ook aangeduid wordt met endocriene klier.
- Neurosecretoire cellen zijn gespecialiseerde zenuwcellen die in nauw contact staan
met het zenuwstelsel en bepaalde hormonen aan het bloed afgeven.
Hormonen hebben alleen invloed op cellen die voor dat specifieke hormoon gevoelig zijn =
doelwitcellen. Als de doelwitcellen onderdeel zijn van een orgaan, noem je dit een
doelwitorgaan.

Je kunt het verschil aangeven tussen steroïdhormonen en eiwithormonen en van beiden
een voorbeeld geven.
Steroïdhormonen zijn vetachtige, aan cholesterol verwante stoffen zoals geslachtshormonen
en de bijnierschorshormonen. Een steroïdhormoon is in staat zijn doelwitcel binnen te gaan.
In het cytoplasma bindt het hormoon zich aan een bepaald receptoreiwit en vormt zo een
hormoonreceptorcomplex. Dit complex dringt door tot in de celkern, waar zich het DNA
bevindt. Het complex bindt op een bepaalde plaats aan het DNA. Dit is een signaal voor het
DNA om de aanmaak van bepaalde eiwitten te starten of juist af te remmen.
Eiwithormonen zijn te verdelen in 2 typen, afhankelijk van het aantal aminozuren waaruit ze
bestaan.
- Enkele eiwithormonen zijn klein, ze zijn uit enkele aminozuren opgebouwd.
Voorbeelden hiervan zijn adrenaline en het schildklierhormoon.
- Peptidehormonen > grotere eiwithormonen die bestaan uit langere ketens van
aminozuren, de peptideketens. Voorbeelden hiervan zijn insuline en het
groeihormoon.
Eiwithormonen kunnen niet zomaar door het celmembraan heen. De doelwitcellen van
eiwithormonen hebben een voor dat hormoon gevoelige receptor in de celmembraan, die
past bij de molecuulstructuur van het hormoon. Zodra het hormoon langskomt, gaat het een
binding aan met de receptor, waardoor de cel gaat reageren.

,Je kunt toelichten hoe via een regelkring de concentratie van een hormoon in het bloed
kan worden afgestemd.
Elke hormoonklier en het daar geproduceerde hormoon maakt deel uit van een eigen
regelkring. Een belangrijke stap in de regelkring is de negatieve terugkoppeling. Hierbij
wordt een van de schakels in de regelkring geremd in zijn activiteit, waardoor de volgende
schakels in de regelkring ook minder actief worden.
Over het algemeen schommelt de concentratie van elk hormoon rond een voor dat hormoon
kenmerkend niveau, de hormoonspiegel.

Je kunt aangeven hoe het hypothalamus-hypofyse systeem de verbinding vormt tussen het
zenuwstelsel en het hormoonstelsel.
Het hypothalamus-hypofyse systeem wordt gevormd door de hypothalamus en de
hypofyse.
- De hypothalamus is onderdeel van de hersenstam en bestaat uit zenuwvezels, die
onder meer eindigen in de hypofyse.
- De hypofyse is een kleine hormoonklier die met een dunne verbinding, de
hypofysesteel, onderaan de hypothalamus hangt. De hypofyse bestaat gedeeltelijk
uit endocrien weefsel en gedeeltelijk uit zenuwweefsel. De hypofyse wordt ook wel
gezien als de centrale klier van het hormoonstelsel omdat hij veel andere
hormoonklieren in het lichaam aanstuurt.

Je kunt de verschillende hormonen benoemen die door de (hypothalamus) neurohypofyse
en adenohypofyse worden afgegeven, hoe deze afgifte wordt gereguleerd en welke
effecten deze hormonen hebben op het lichaam.
Het achterste deel van de hypofyse is de neurohypofyse en bestaat uit zenuwweefsel. Het
voorste deel is de adenohypofyse die uit endocrien weefsel bestaat, het is een endocriene
klier waar veel hormonen worden gevormd.
Neurohypofyse
Vanuit de hypothalamus lopen zenuwvezels naar de neurohypofyse. Via deze zenuwvezels
worden het antidiuretisch hormoon (ADH) en oxytocine naar de neurohypofyse afgevoerd.
De neurohypofyse slaat deze hormonen op en geeft ze zo nodig af aan het bloed. Dit wordt
neurosecretie genoemd.
ADH (vasopressine)
ADH wordt aangemaakt wanneer osmosensoren in de hypothalamus een stijging van de
osmotische druk van het bloed registreren. Een (te) hoge osmotische druk kan het gevolg
zijn van een te hoog zoutgehalte en/of een te laag watergehalte van het bloed.
- Werkzaam in de nieren = doelwitorganen
- Hormoon veroorzaakt een verminderde wateruitscheiding door de nieren, hierdoor
blijft er meer water in het bloed en daalt de osmotische druk.
Regelkring ADH
Osmosensoren in de hypothalamus registreren een te hoge osmotische druk > de
hypothalamus wordt gestimuleerd om ADH te maken > via de neurohypofyse komt ADH in
het bloed > de nieren scheiden minder water uit > de osmotische druk van het bloed daalt >
osmosensoren registreren de lagere osmotische druk > de hypothalamus wordt geremd in
de afgifte van ADH.

,Oxytocine
- Weeën > het veroorzaakt de contractie van glad spierweefsel, met name in de
baarmoederwand. Tijdens de zwangerschap is de concentratie van progesteron
verhoogt, dit maakt dat het gladde spierweefsel ongevoelig is voor oxytocine.
- Toeschietreflex > het bevordert contracties van het gladde spierweefsel in de
melkklieren van de borsten, waardoor moedermelk naar de tepels ‘schiet’. Het
zuigen van de baby aan de tepel is de prikkel voor deze reflex. De prikkel zet de
hypothalamus aan tot productie van oxytocine.
- Naweeën > De verhoogde oxytocineproductie tijdens het zogen kan leiden tot het
opnieuw samentrekken van de baarmoederwand. Dit is belangrijk in de eerste weken
na de bevalling om de opgerekte baarmoeder tot haar oorspronkelijke afmetingen
terug te brengen.
- Knuffelhormoon >het verstevigt de band tussen moeder en kind, maar ook tussen
twee geliefden en tussen vrienden en vriendinnen.
- Bij mannen > stimuleert de samentrekking van de zaadleiders en functioneert ook als
knuffelhormoon.
Adenohypofyse
Zenuwcellen in de hypothalamus staan via zenuwvezels in verbinding met een
capillairnetwerk vlak boven de klier. Dit netwerk convergeert eerst, maar vertakt daarna
tussen de kliercellen van de adenohypofyse opnieuw tot een capillairnetwerk > portale
circulatie.
De hormoonproductie wordt in gang gezet of geremd vanuit de hypothalamus. Er worden
twee type hormonen gemaakt: de releasing hormonen (RH > stimulatie) en inhibiting
hormonen (IH > remmen).
Na neurosecretie komen deze hormonen in het capillairnetwerk van de hypofysesteel
terecht en worden via de portale venen naar een tweede capillairnetwerk in de
adenohypofyse getransporteerd. Ze treden hier uit de bloedbaan en komen in het
endocriene weefsel van de adenohypofyse terecht. De adenohypofyse maakt zeven
verschillende hormonen, ze worden naar hun werking in 2 groepen verdeeld: de
glandotrope hormonen en effecthormonen.

Glandotrope hormonen werken in op andere hormoonklieren in het lichaam.
- Thyroïdstimulerend hormoon (TSH, schilklierstimulerendhormoon) > de
schildklierhormonen in het bloed werken weer remmend op de TSH-productie in de
adenohypofyse.
- Adrenocorticotroop hormoon (ACTH, bijnierschorsstimulerend hormoon) >
bevordert de aanmaak van schorshormonen. Bepaalde corticosteroïden remmen op
hun beurt de ACTH-productie.
- Follikelstimulerend hormoon (FSH) > stimuleert de ontwikkeling van de follikels in de
eierstokken en bevordert bij de man de vorming van zaadcellen in de zaadballen.
- Luteïniserend hormoon (LH) en het interstitiëlecellenstimulerend hormoon (ICSH) >
het LH stimuleert de follikelrijping en vervolgens de ovulatie. Na de ovulatie
stimuleert LH de ontwikkeling van het gele lichaam uit de lege eifollikel. Bij de man
stimuleert ICSH de leydigcellen in de zaadballen tot de aanmaak van het mannelijke
geslachtshormoon testosteron.

, FSH en LH/ICSH worden ook wel gonadotrope hormonen genoemd, omdat ze een
stimulerende werking op de mannelijke en vrouwelijke gonaden hebben, de eierstokken en
de zaadballen.

Effecthormonen werken niet via een andere hormoonklier maar beïnvloeden direct
bepaalde lichaamsfuncties.
- Somatotroop hormoon (STH/groeihormoon (GH)) > heeft door het hele lichaam
doelwitcellen. Het stimuleert de celdeling en de celgroei in alle weefsels, doordat het
de eiwitsynthese en de celstofwisseling versnelt.
o STH stimuleert de lever en waarschijnlijk ook de nieren tot de vorming van
somatomedine (insulin-like growth (IGF)), dat de effecten van STH versterkt.
In deze functie is STH dus ook een glandatroop hormoon, waarbij de lever en
de nieren worden beschouwd als hormoonklieren.
- Melanocytenstimulerend hormoon (MSH/melanotropine) > bevordert de vorming
van melanine in de huid. Het zorgt al vóór de geboorte voor de normale pigmentatie
van de huid.
- Prolactine (lactotroop/LTH) > bevordert de ontwikkeling van melkklierweefsel
tijdens de zwangerschap. Het stimuleert ook de melkproductie tijdens de periode dat
de moeder borstvoeding geeft.

Je kunt het effect benoemen van melatonine dat door de epifyse wordt afgegeven en hoe
deze afgifte wordt geregeld.
De epifyse is een klier in de middenhersenen, waar pinealocyten het hormoon melatonine
produceren. Melatonine speelt een rol bij de totstandkoming van het dag- en nachtritme. De
vorming van melatonine wordt beïnvloed door het (dag)licht. Via een groep gespecialiseerde
neuronen in de hypothalamus, de suprachiasmatische kern, ontvangt de epifyse informatie
over de hoeveelheid licht die op het netvlies valt. Veel licht remt de aanmaak van
melatonine.
- Het hormoon maakt je slaperig.
- Tot aan de pubertijd speelt melatonine ook een rol bij het onderdrukken van de
productie van gonadotrope hormonen. Hierdoor wordt de rijping van de
geslachtshormonen uitgesteld.
- De epifyse houdt ook de seizoenswisselingen bij.

Je kunt de verschillende hormonen benoemen die door de schildklier worden afgegeven,
hoe deze afgifte wordt gereguleerd en welke effecten deze hormonen hebben op het
lichaam.
De schildklier (glandula thyroidea) produceert drie hormonen: tri-jodothyronine, thyroxine
en calcitonine.
Tri-jodothyronine en thyroxine
Onder invloed van TSH uit de adenohypofyse produceert de schildklier tri-jodothyronine (T3)
en tetra-jodothyronine (T4 = thyroxine). Deze hormonen verschillen alleen in het aantal
jodiumatomen dat is ingebouwd.
- T3 en T4 is in kleinere hoeveelheden in het bloed aanwezig dan T4, maar werkt vijf
keer sneller. De hoeveelheid T4 in het bloed is ongeveer tien keer zo groot.

Documentinformatie

Geüpload op
8 mei 2026
Aantal pagina's
50
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING
€11,16
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
Roosverpleegkundig Hogeschool Rotterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
11
Lid sinds
1 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
6
Laatst verkocht
1 week geleden

5,0

2 beoordelingen

5
2
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen