Drie componenten van het cytoskelet
1. Microfilamenten: Kleinste
2. Intermediaire filamenten: Ligt er tussen
3. Microtubuli: Grootste en dikste
Microfilamenten Microtubules Intermediaire filamenten
Opbouw: G-actine Opbouw: Alpha Beta Opbouw: monomeren
Vormen netwerken en Tubuline bestaan uit een centraal
lineaire bundels α-helicaal domein met
Zeer dynamisch een variabele N-
Is gepolariseerd: Is gepolariseerd terminale domein en een
hebben twee uiteinden C-terminale domein
(een plus en een min Heeft motoreiwitten
kant) Zorgt voor organisatie in Zeer sterk
de cel Minder dynamisch
Zeer dynamisch:
Makkelijk opgebouwd en Niet gepolariseerd
afgebroken Heeft Heeft geen
motoreiwitten motoreiwitten
Is heel stabiel
1. Microfilamenten
Het is opgebouwd uit actine monomeren (G-actine)
G-actine staat voor Globulair (Bolvormig)
Is polair: heeft een min en plus uiteinde
F-actine staat voor fibreus
Is erg dynamisch: breekt snel af en bouwt snel op
Dit zorgt voor een dynamische beweging
Het wordt geassocieerd met het motoreiwit myosine
Over de microfilamenten kunnen motoreiwitten myosine bewegen
Eerst zal monomeer G-actine gepolymeriseerd wordt tot filamenteus F-
actine
F-actine staat voor Fibreus
,G-actine heeft een duidelijke polarisatie
Monomeer G-actine polymeriseert tot filamenteus F-actine: (-) uiteinde komt
overeen met de ATP-bindende spleet in G-actine
1. Het onderste deel is positief
2. Het bovenste deel is negatief
Vorming van F-actine uit G-actine
Enkel de ATP-gebonden
vorm van G-actine gaat
polymeriseren
De individuele G-actines
gaan samenkomen tot een
lang filament (F-actine)
Na een tijdje: De verlenging van
het filamenten gaat veel sneller
gebeuren
Het begin van de vorming is
het moeilijkst
Daarna gaat het sneller
Er zijn kritische concentratie gekend voor filament vorming
, Onder kritische concentratie: Monomeer. Hier is enkel G-actine aanwezig
Boven kritische concentratie: Filament
Microfilamenten zijn gepolariseerd
Min uiteinde en Plus uiteinde
Aan beide zijden kan filamenten een extra G-actien binden of een G-actine
juist loskomen
Het binden van G-actine gaat beter aan het plus uiteinde dan aan het min
uiteinde (+ > -)
Het loslaten van G-actine is bij de twee uiteinden ongeveer hetzelfde
De snelheid van de binding hangt af van de concentratie
De snelheid waarmee G-actine loslaat is onafhankelijk van de
concentratie
Kritische concentratie = Wanneer er evenveel loslaat als er bindt K off / K on
Invloed van ATP actie op de F-actine
1. G-actine kleiner is dan de kritische concentratie van positieve kant: Er
gaat meer actie loslaten dan dat er bindt
Het filament gaat aan beide uiteinden krimpen
2. G-actine groter is dan de kritische concentratie van negatieve kant:
Aan min en plus uiteinde gaat het filament langer worden
3. G-actine ligt tussen de twee waarden (Kritische concentratie van
negatieve en positieve kant): Threadmilling.
Aan de negatieve kant wordt het korter, maar aan positieve kant wordt het
langer.
Het lijkt alsof het filament voortbeweegt
Actine Treadmilling
Treedt op wanneer Cc- > [ATP-G-actine] > Cc+
Er zijn structuren waar er actine zit: bijvoorbeeld bij skeletspieren
G-actine (bolletjes) kunnen opgebouwd worden tot F-actine filamenten