Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Arresten

Jurisprudentie Materieel Strafrecht | RSS | Open Universiteit | 2025/26

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
72
Geüpload op
11-05-2026
Geschreven in
2025/2026

Dit document bevat jurisprudentie voor het vak Materieel Strafrecht (RSS) aan de Open Universiteit.

Voorbeeld van de inhoud

Jurisprudentie MSR Lynn van de Kant



JURISPRUDENTIE VOORKENNIS

HR 14 februari 1916, NJ 1916/681 (Melk en water)
Essentie
In dit arrest introduceerde de Hoge Raad een nieuwe schulduitsluitingsgrond, namelijk ‘afwezigheid
van alle schuld’, vaak afgekort tot ‘avas’. Avas is, in tegenstelling tot alle overige
strafuitsluitingsgronden, niet opgenomen in ons Wetboek van Strafrecht.


Rechtsregel
Bij afwezigheid van alle schuld, dient een verdachte niet te worden veroordeeld. Afwezigheid van alle
schuld is een buitenwettelijke schulduitsluitingsgrond. Niets dwingt ertoe dat bij gebleken
afwezigheid van alle schuld, niettemin strafbaarheid zou moeten worden aangenomen.


Inhoud arrest
Een knecht in Amsterdam verkocht melk voor een boer in de stad. De knecht wist niet dat de melk
die hij verkocht, vermengd was met water. Melk met water vermengen was strafbaar gesteld in de
Algemene Politie Verordening. De delictsomschrijving van art. 303 APV Amsterdam luidde als volgt:
“Het is verboden melk af te leveren onder de benaming melk/volle melk, indien daaraan iets is
toegevoegd of onttrokken.” De knecht vervulde deze delictsomschrijving.
De knecht kon zich niet beroepen op een rechtvaardigingsgrond of schulduitsluitingsgrond. Eigenlijk
doet dat er niet toe. De knecht stond namelijk niet terecht. Het ging om de boer. De boer stond
terecht voor het doen plegen van uitventen van melk. Voor doen plegen is het noodzakelijk dat de
materiële dader zelf niet strafbaar is. De knecht was in dit geval wel strafbaar, dus kon de boer niet
worden veroordeeld voor het ten laste gelede feit.
De Hoge Raad besloot dat het bestraffen van een persoon alleen is toegestaan als zijn gedrag
verwijtbaar is. Aangezien de knecht helemaal niet wist dat de melk verdund was, viel dit delict hem
ook niet te verwijten. Omdat hij in geen enkele strafuitsluitingsgrond paste, riep de Hoge Raad avas is
het leven. Op deze manier was de knecht toch niet strafbaar en kon de boer alsnog worden berecht
voor het doen plegen van het uitventen van melk.
De overweging van de Hoge Raad was als volgt: “dat toch niets, bepaaldelijk niet de geschiedenis van
het Wetb. van Strafr., er toe dwingt om aan te nemen, dat bij het niet-vermelden van schuld als
element in de omschrijving van een strafbaar feit, in het bijzonder van een overtreding, onze
wetgever het stelsel huldigt, dat bij gebleken afwezigheid van alle schuld niettemin strafbaarheid zou
moeten worden aangenomen, tenzij er een grond tot uitsluiting daarvan in de wet mocht zijn
aangewezen;”


Bestudeer het arrest HR 14 februari 1916, NJ 1916, 681 (Melk en water). Van welke deelnemingsvorm
is hier sprake?
Een veehouder wordt vervolgd wegens het doen plegen van het afleveren van aangelengde melk. De
deelnemingsvorm doen plegen wordt behandeld in leereenheid 5.


Waarom is het van belang om vast te stellen dat de melkknecht hier vrijuit gaat?
Iemand kan slechts worden vervolgd wegens 'doen plegen', wanneer degene die de feitelijke
handeling verricht niet strafbaar is. Het is dus van belang vast te stellen dat de melkknecht die de
melk feitelijk heeft afgeleverd niet strafbaar is, wil veroordeling van de veehouder kunnen
plaatsvinden.


1

,Jurisprudentie MSR Lynn van de Kant


Op grond van welke redenering is de Hoge Raad van oordeel dat bij afwezigheid van schuld geen
veroordeling kan volgen?
Het delict waar het hier om gaat is een overtreding. In deze overtreding zijn schuld en opzet niet als
bestanddeel opgenomen (geobjectiveerd delict). De Hoge Raad overweegt vervolgens: 'dat in de
omschrijving van het volgens voormelde artikelen strafbare feit wel niet uitdrukkelijk is vermeld, dat
bij hem, die dit feit pleegt, althans eenige schuld aanwezig moet zijn, doch hieruit geenszins mag
worden afgeleid, dat bij geheel gemis van schuld de bepaling nochtans van toepassing is; dat toch
niets, bepaaldelijk niet de geschiedenis van het Wetboek van Strafrecht, ertoe dwingt om aan te
nemen, dat bij het niet-vermelden van schuld als element in de omschrijving van een strafbaar feit, in
het bijzonder van een overtreding, onze wetgever het stelsel huldigt, dat bij gebleken afwezigheid
van alle schuld niettemin strafbaarheid zou moeten worden aangenomen, tenzij er een grond tot
uitsluiting daarvan in de wet mocht zijn gewezen; dat om deze tegen het rechtsgevoel en het – ook in
ons strafrecht gehuldigde – beginsel 'geen straf zonder schuld' indruischende leer te aanvaarden, de
noodzakelijkheid daarvan uitdrukkelijk uit de omschrijving van het strafbare feit zou moeten volgen,
hetgeen ten deze niet het geval is;'
Een opmerking tot slot. De Hoge Raad gebruikt in het bovenstaande citaat de term 'element van het
strafbare feit'. In de huidige terminologie zouden we hier 'bestanddeel van het strafbare feit' hebben
vermeld.




2

,Jurisprudentie MSR Lynn van de Kant



HR 20 februari 1933, NJ 1933, 918 (Veearts)
Essentie
De Huizense Veearts-arresten gaan over het ontbreken van materiële wederrechtelijkheid. In casu
heeft een Huizense veearts opzettelijk koeien besmet met mond-en-klauwzeer om hetzelfde effect te
krijgen als vaccinatie. De rechtsvraag die centraal staat in deze arresten is als volgt: Heeft de veearts
wederrechtelijk gehandeld door in strijd met art. 82 Veewet te handelen, ook al wordt het doel van
deze wettelijke bepaling dan beter beoogd?


Rechtsregel
De dader van een strafbaar feit is niet strafbaar als de doelstelling van de strafrechtelijke norm beter
wordt nageleefd, ook al is het dan op papier gezien wel wederrechtelijk.


Inhoud arrest
Een Huizense veearts brengt een aantal koeien opzettelijk in contact met koeien die besmet zijn met
het mond-en-klauwzeer virus. Dit is strafbaar volgens art. 82 Veewet. De veearts stelde dat hij dit
deed om de gezonde koeien lichtelijk besmet te laten maken, zodat deze koeien antistoffen tegen
een eventueel zwaardere besmetting van het virus zouden aanmaken. Dit is hetzelfde effect als
vaccinatie. De veearts deed zodoende beroep op een ongeschreven rechtvaardigingsgrond, namelijk
het ontbreken van materiële wederrechtelijkheid.
Het hof stelde dat de veearts wel schuldig was aan het overtreden van de Veewet. Volgens het hof
was het geen taak van de veearts om de algemene gezondheidstoestand te bevorderen. De Hoge
Raad oordeelde echter dat de veearts wel degelijk de taak mocht hebben om de algemene
gezondheidstoestand te bevorderen. Volgens de Hoge Raad had de veearts naar de eisen van zijn
beroep gehandeld. De veearts was dus niet strafbaar.


De Hoge Raad oordeelde als volgt:
“Onjuist is de stelling, dat iemand, die een met straf bedreigde handeling pleegt, in ieder geval strafbaar is,
wanneer niet de wet zelf met zooveel woorden een strafuitsluitingsgrond aanwijst. Immers het geval kan zich
voordoen, dat de wederrechtelijkheid in de delictsomschrijving zelve geen uitdrukking heeft gevonden en
niettemin geen veroordeeling zal kunnen volgen op grond dat de onrechtmatigheid der gepleegde handeling in
het gegeven geval blijkt te ontbreken en derhalve dan het betrokken wetsartikel op de letterlijk onder de
delictsomschrijving vallende handeling niet van toepassing is.”


De Hoge Raad introduceerde hiermee het ontbreken van materiële wederrechtelijkheid. Dit betekent
dat het handelen formeel wel in strijd is met de wet, maar dat strafbaarheid ontbreekt omdat dit
handelen feitelijk niet in strijd is met het recht. In casu heeft de veearts de wet wel overtreden maar
de doelstelling van de wet werd juist beter nageleefd. De Hoge Raad stelde de Huizense veearts
derhalve in het gelijk. Na terugwijzing naar het hof is de veearts ontslagen van alle rechtsvervolging.




3

, Jurisprudentie MSR Lynn van de Kant



HR 19 februari 1963, NJ 1963/512 (Verpleegster)
Essentie
Dit arrest staat in het teken van de zogenaamde Garantenstellung. Een verpleegster hield een flesje
met de verkeerde vloeistof voor aan een andere verpleegster, die daarmee een injectiespuit vulde.
Vervolgens diende de chirurg de vloeistof aan de patiënt toe. De patiënt overleed ten gevolge van
toediening van een overdosis van de verkeerde vloeistof. Aan de verpleegster wordt dood door
schuld ten laste gelegd.


Rechtsregel
De Hoge Raad heeft uit de gebezigde bewijsmiddelen, gelet met name op de opleiding van de
verdachte (de Garantenstellung), de aard van de werkzaamheden die door haar werden verricht
met het oog op verdoving ter gelegenheid van een operatieve ingreep, alsmede haar wetenschap
omtrent het vertrouwen dat in haar moest worden gesteld en omtrent het ontbreken van controle
door de andere zuster en door de chirurg, kunnen afleiden dat verdachte aanmerkelijk is te kort
geschoten voor wat betreft de op haar rustende verplichting om de nodige oplettendheid te
betrachten en dat de handelswijze van de verdachte mitsdien getuigt van een min of meer grove
mate van onoplettendheid, welke schuld oplevert in de zin van artikel 307 van het Wetboek van
Strafrecht.


Inhoud arrest
De verdachte was op 8 september 1960 als verpleegster werkzaam in het ziekenhuis. Zij had tot taak
de chirurg bij operaties, te assisteren. Verdachte was immers tot operatiezuster opgeleid. De
verdachte heeft als omloopzuster geassisteerd bij de operatie van een patiënt. Tot haar taak
behoorde onder meer het voorhouden van flesjes of ampullen aan de mede assisterende
verpleegster, inhoudende oplossingen van een samenstelling zoals die door de chirurg of mede
assisterende verpleegster werden aangeduid.
Dit ter vulling van injectiespuiten met behulp waarvan en met de inhoud waarvan de patiënt, ter
verkrijging van een plaatselijke verdoving, door de chirurg moest worden ingespoten. Bij de bewuste
operatie krijgt de verdachte de opdracht om een flesje inhoudende de vloeistof procaine (novocaine)
aan te reiken aan haar mede assisterende verpleegster. De verdachte heeft in plaats van een flesje
inhoudende de vloeistof procaine (novocaine) een flesje met de vloeistof adrenaline gepakt en aan
de andere verpleegster overhandigd, die op haar beurt twee injectiespuiten met deze vloeistof vult
en aan de chirurg geeft.
De chirurg dient vervolgens de vloeistof toe aan de patiënt. De patiënt ontvangt een zodanige
overdosis adrenaline, dat zij dientengevolge kort daarop is overleden. Verdachte geeft aan dat zij
begrepen heeft dat zij een flesje met de vloeistof procaine (novocaine) had moeten voorhouden. Het
was ook haar bedoeling geweest om de juiste vloeistof aan te reiken. De verdachte geeft aan dat zij
wel voldoende oplettend was toen zij het flesje uit de kast nam, zij naar het etiket heeft gekeken,
maar dat niet tot haar is doorgedrongen wat daar nu precies op stond.
Daardoor heeft zij het verkeerde flesje aangereikt. Verdachte voert aan dat deze tekortkoming haar
niet als grove onoplettendheid kan worden verweten, daar deze fout menselijk is en in de hand is
gewerkt door allerlei niet aan de verdachte te wijten omstandigheden zoals overwerktheid, werken
in een minder vertrouwde omgeving en het ontbreken in die operatiekamer van de normaal
gebruikelijke orde. Verdachte vervolgt dat zij weet dat op een goede omloopzuster vertrouwd moet
kunnen worden en dat de andere zuster of dokter haar niet zouden controleren, hetgeen ook niet is
geschied.




4

Documentinformatie

Geüpload op
11 mei 2026
Aantal pagina's
72
Geschreven in
2025/2026
Type
Arresten

Onderwerpen

€6,46
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
lynnvandekant

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
lynnvandekant Open Universiteit
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
5
Lid sinds
3 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
10
Laatst verkocht
2 weken geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen