Kredietkosten
Kredietkosten = (totaal te betalen bedrag) - (geleend bedrag)
Totaal te betalen bedrag = maandbedrag x aantal termijnen
of
Aantal maanden x maandelijks bedrag = geleend bedrag = Kredietkosten
Hoofdstuk 2 Arbeid en productie
Verkoopprijs inclusief BTW = Consumentenprijs
Inkoopprijs + Brutowinstopslag = Verkoopprijs (excl.btw)
Verkoopprijs + Btw = Consumentenprijs
Inkoopprijs is de prijs die een winkelier betaalt voor een product dat hij later wil verkopen.
Brutowinstopslag is voor een deel bestemd voor het betalen van bedrijfskosten. Wat
overblijft, is nettowinst voor de winkelier.
Verkoopprijs is bedrag waarvoor je een product verkoopt (zonder btw).
Afzet, omzet en marktaandeel
Omzet = afzet x verkoopprijs exclusief btw
Afzet is het aantal producten dat wordt verkocht.
Omzet is de totale opbrengst van de verkopen in een bepaalde periode.
Marktaandeel
Marktaandeel = eigen afzet ÷ totale afzet x 100%
Het Marktaandeel van een bedrijf is de afzet van dat bedrijf uitgedrukt in een percentage van
de totale afzet in een markt.
Brutowinst en nettowinst
Brutowinst = Omzet - Inkoopwaarde van de omzet
Brutowinst is wat je overhoudt van de omzet nadat je de inkoopwaarde ervan betaald hebt.
Omzet is verkoopopbrengst. Het totaalbedrag dat je ontvangt door de verkoop van
producten.
Inkoopwaarde van de omzet: het totaal wat het bedrijf heeft betaald voor de producten die
het heeft verkocht.
Nettowinst
Nettowinst = Brutowinst - Bedrijfskosten
Nettowinst is bedrag dat overblijft nadat de inkoop en de bedrijfskosten betaald zijn.
Bedrijfskosten zijn de kosten om een bedrijf te kunnen runnen, zoals huur, loonkosten,
reclame, enz.
Rekenen met btw
Prijs exclusief btw = inclusief 21% btw ÷ 121 x 100
Prijs exclusief btw = inclusief 9% btw ÷ 109 x 100
Prijs exclusief btw is met btw (21% of 9%)
Prijs inclusief btw is zonder btw (21% of 9%)