Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Ontwikkeling en Psychopathologie | Viaa | 2023/24

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
54
Geüpload op
20-05-2026
Geschreven in
2023/2024

Studiemateriaal voor het onderdeel Gehechtheidstheorie uit het vak Ontwikkeling en Psychopathologie aan Hogeschool Viaa. De stof behandelt het aangeboren gehechtheidssysteem, de theorieën van Weisfelt over intuïtieve levenslessen, ontwikkelingspatronen van hechting, onthechting en de gevolgen daarvan. Dit document is ideaal voor voorbereiding op tentamens en biedt een helder overzicht van kernconcepten uit de hechting- en hechtingstheorie, essentieel voor de Social Work-opleiding.

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

Gehechtheidstheorie
1a1. Je hebt kennis van het aangeboren gehechtheidssysteem en doel en de functies ervan
Hechting = behoefte van mensen om voortdurende nabijheid te zoeken tot andere mensen. Hechting
heeft een belangrijke overlevingsfunctie. Zonder zoeken naar nabijheid tot de ander mist de mens de
mogelijkheid om te overleven. Hechten is tweezijdig. Mensen hechten zich aan elkaar.
- Ontwikkelt zich vanaf de geboorte en waarschijnlijk al daarvoor. Verschillende levensfases
herhalen we oude gedragspatronen en ontwikkelen we nieuwe om hechting aan te gaan.

Het aangeboren gehechtheidssysteem =
- Niet bewuste, interne werkmodellen
- Doel: het leidt tot strategieën van denken, voelen (affectregulatie) en gedrag (coping)
- Functie: Het wordt geactiveerd bij gevaar
- Het is vastgelegd op neuronaal niveau (met betrekking tot een zenuwcel), ons impliciet geheugen

1a2. Je weet wat Weisfelt bedoeld met het intuïtieve van levenslessen met betrekking tot
hechting
In het hechtingsgedrag van mensen is een aantal fasen te onderscheiden:
1. Mensen zoeken de ontwikkeling van min of meer vaste gedragspatronen waarbinnen de
hechting vorm krijgt.
2. Mensen gaan experimenteren met ander gedrag en met andere mensen om zich aan te hechten.
Mensen leren zo ‘vooruit te denken’ en ontwikkelen hechtingsgedrag in hoge mate. Ze
overwegen hun gedragingen en schatten de reacties van de ander in. (Ze anticiperen op succes
en falen)
 Hierdoor leert de mens flexibeler te zijn ten aanzien van de ander. Veel van deze kennis wordt
opgeslagen in het onbewuste. De lessen zijn op lange termijn niet meer bewust te herinneren.

De experimenten rond hechting worden grotendeels aangegaan op basis van intuïtie = de veelal niet
bewuste waarneming van de ander, waarin soms minuscule reacties worden ingeschat en waarop
wordt gereageerd.

Zo is het bekend dat kleine bewegingen met de mondhoeken of de ogen in hoge mate bepalen of de
ander ons 'aanspreekt'. Specifieke bewegingen, klanken en geuren herinneren ons aan eerdere
hechting en de daarbij opgedane ervaringen. Naarmate we ouder worden, herhalen we op deze
manier oude levenslessen en voegen - hopelijk- nieuwe toe. Oude relaties herhalen zich op deze wijze
makkelijk in nieuwe. Partnerkeuze en vriendschappen zijn mede gebaseerd op de oorspronkelijke
levenslessen. Niet geweten overeenkomsten tussen de oorspronkelijke hechtingsobjecten en de
nieuwe bepalen in hoge mate onze keuze.

1a3. Je kunt de patronen in de ontwikkeling van gehechtheid en weet wat volgens Weisfelt het
ervaren resultaat van beantwoorde gehechtheid is
Wanneer hechtingsgedrag niet wordt beantwoord: we komen met ander gedrag of we proberen de
vereiste reactie te krijgen. Met deze wisselwerking groeit het kind op en wordt de basis gelegd van
het fenomeen opvoeding. We zoeken de grenzen van hechting.

Patronen:
1. Kind klampt zich vast aan de bron van warmte en voeding. Hechting gericht op een specifiek
persoon, later op meerderen.
2. Omgeving reageert met specifieke prikkels voor het kind. Kind gaat genieten van nabijheid
tot mensen. Reageert op acties van volwassenen en de wisselwerking groeit. Kind gaat meer
autonoom acties ontplooien.

1

, 3. Ontwikkelt met anderen meer eigenheid. Meer gedifferentieerd en wordt sterker doordat
individuele kind bepaald.
4. Proces wordt afgerond doordat het kind leert omgaan met angst voor zijn behoefte aan
scheiding. Leert omgaan met tijdelijkheid van de nabijheid en leert steeds meer genieten van
zijn eigen wereld erkennen.

1a4. Je weet wat volgens Weisfelt onthechting is, waardoor het kan ontstaan, en wat de
gevolgen ervan zijn
Onthechting = Het kind verbreekt innerlijk de band met de verzorgers. Het zal zich zeker proberen
aan te passen aan de heersende omstandigheden. Op de lange duur zal het zelfs naar buiten toe een
vriendelijk of sociaal aanvaardbaar gedrag presenteren. Innerlijk heeft het zich echter teruggetrokken
en heeft het de band verbroken.

Het ontstaan: Wanneer de afwezigheid van de verzorgers blijft voortduren, steeds wanneer het kind
aankondigt de hechting nodig te hebben. Dan volgt uiteindelijk de fase van onthechting.

De gevolgen:
- Er groeit een toenemende emotionele onverschilligheid ten aanzien van zijn verzorgers en
andere mensen om hem heen. Het kind heeft zich onthecht van zijn omgeving. Uiteraard doen
kinderen dat niet absoluut.
- Afhankelijk van de mate van verlating en de manier waarop het kind hierop reageert zijn er
talloze varianten in de mate en de manier van onthechting. De ervaren onverschilligheid ten
aanzien van de mensen in de omgeving zal per persoon en per situatie wisselend zijn.
- De onthechting beïnvloedt de verdere ontwikkeling van het kind en wordt de belangrijke factor
in de ontwikkeling van psychische en sociale problemen in zijn verdere leven.

1a5. Je weet hoe onthechting van zelf en anderen, maar ook binding, volgens Weisfelt vormen
van onthechting zijn
Onthechting van zichzelf en anderen:
- Mensen kunnen zich onthechten van zichzelf, van de ander of van beiden. Ze kunnen zich
onthechten van de wereld om hen heen, van ervaringen of van idealen.
- Door deze onthechting worden ze voor anderen in hoge mate onbenaderbaar. Onthecht gedrag
heeft niet zoveel te maken met sociale vaardigheid. Sommige onthechte mensen zijn zeer sociaal
vaardig: ze kennen veel mensen en hebben geen vrienden. Soms zijn ze heel succesvol en kunnen
hun succes niet delen. Ze gaan door het leven zonder dat ze werkelijk de vreugde leren kennen
van nabije contacten. Op een of andere manier zijn ze zeer geïsoleerd. Ze kennen geen
langdurige, intieme relaties, zelfs al zijn ze jarenlang getrouwd.

- Vaak is de onthechting tweeledig: intern en extern. Onthechte mensen nemen evenzeer afstand
van zichzelf als van de wereld om hen heen. Verborgen achter het harnas van hun geest ervaren
deze mensen vaak een grote leegte. Soms proberen ze deze ervaring te verdringen door een
overmaat aan interesse te tonen op specifieke terreinen: het gebrek aan intimiteit wordt
gecompenseerd door een overgrote belangstelling voor seksualiteit, geld verdienen, sport of wat
dan ook. Het fundamentele verlies van belangstelling in de wereld wordt verstopt achter een
fixatie op een specifiek terrein waarop ze soms heel succesvol zijn.

Binding:
- Wanneer mensen zich niet hebben leren hechten, kunnen ze hun leven inrichten door zich in
overdreven sterke mate te binden aan zichzelf of de ander, aan de wereld om hen heen of aan
een idee of ideaal. Ze gaan geen band aan, maar een binding.



2

,- Ze klampen zich vast met de hartstocht van een verlaten kind, zij het met de energie van een
volwassene. Wanneer de binding met zichzelf voorgrond is, zullen ze ervoor zorgen dat ze
voortdurend het centrum van de wereld zijn. Ze hebben bewondering nodig als compensatie voor
het gebrek aan hechting. Zij eisen alle energie van de omgeving op. Soms gaan mensen een
binding aan met een ander mens of een ideaal. In dat geval komt het andere of de ander zeer
centraal te staan. Alles moet ervoor wijken. Vaak trekken ze door dat gedrag ook hun naaste
omgeving mee in de ellende. Zij aanbidt haar man. Ze gebruikt hem als de oplossing voor haar
problemen. Haar hele leven past ze aan op dat wat ze denkt dat hij wenst. Ze vermijdt haar eigen
gevoel van leegte door al haar energie op haar partner te richten.

1a6. Je weet welke combinaties van beelden van zelf en anderen afwisselend kunnen
voorkomen bij onthechting/onveilige gehechtheid (de Dramadriehoek)
Bij onthechting: Het kind gaat de oorzaak van iets bij zichzelf zoeken. Mensen voelen zich hierdoor
ongelukkig

Dramadriehoek: Het slachtoffer, de redder of aanklager-rollen
- Slachtofferrol: ik ben slecht, jij bent goed; de ander is beter dan jijzelf
- Redder/aanklagerrol: ik ben goed, jij bent slecht; negatief zelfbeeld is gegroeid, kan kind komen
tot negatief zelfbeeld te verdringen met een overschatting van eigen waarde. Kind gaat zich
presenteren als een beter mens dat het in werkelijkheid is en als een heel veel beter mens, dan
het zich fundamenteel voelt (overschreeuwen).
- Aanklagerrol: vaak ingenomen door mensen die eerst de wereld als redder hebben benaderd en
in hun teleurstelling via deze weg proberen hun zelfbeeld niet onder ogen te zien.

1a7. Je weet wat volgens de gehechtheidstheorie een intern (innerlijk) werkmodel is,
waardoor het ontstaat, en waar dit model vervolgens invloed op heeft
Intern werkmodel ontstaan: De reflectieve functie kan ook gezien worden
als een functie van het synthetiserend vermogen van het brein. Men
vermoedt dat deze reflectieve functie een neurofysiologische basis heeft,
die in de vroege kinderjaren belemmerd of beschadigd kan worden als geen
veilig innerlijk werkmodel ontstaat.

Gevolg: Bij desorganisatie van de hechting ontstaan meerdere, elkaar
tegensprekende innerlijke werkmodellen. Opvallend is dat bij kinderen met
een gedesorganiseerde hechting deze meervoudige modellen op
representatieniveau bestaan uit een beeld van het zelf als slachtoffer,
achtervolger en redder en complementair daaraan de ander als
achtervolger, redder en slachtoffer.

Metacognitieve controle is afhankelijk van het bestaan van één innerlijk werkmodel.

1a8. Je weet hoe dit interne werkmodel onderzocht wordt bij volwassenen met het Adult
Attachment Interview (AAI), c.q. het Gehechtheid biografisch Interview
‘Metacognitieve monitoring’: oftewel metacognitieve controle is in 1991 door Main beschreven op
grond van haar onderzoek van Adult Attachment Interviews (AAI’s). Het viel haar op dat in sommige
interviews de sprekers spontaan reflecteerden op wat ze zeiden, hun eigen gevoelens in perspectief
konden zien of blijk gaven terug te kunnen komen op eerder geuite opmerkingen.


1a9. Je weet wat er gescoord wordt met het AAI (Ervaringen en mentale staten/state of mind)
en tot welke typeringen/classificaties de scoring kan leiden

3

, Taalgebruik en begrippenkader:
De reflectieve functie is een resultante van wat in de Angelsaksische wereld bekend staat als
mentalisation. Kind ontwikkelt zichzelf en leert anderen zien als wezens met een psychische
binnenwereld, met gevoelens, gedachten, intenties en wensen. ‘Mentaliseren’ is de meest gebruikte
Nederlandse vertaling, die weliswaar niet de schoonheidsprijs verdient, maar bij gebrek aan beter te
prefereren is boven het begrip ‘psychologiseren’. In onze taal heeft dat een andere connotatie. Een
ander centraal begrip is het uit cognitieve filosofie (Dennet 1978,1987) afkomstige begrip intentional
stance. Dit houdt in dat men bedoelingen en motieven kan toeschrijven aan een ander. Dit vermogen
voorspelt het gedrag van anderen accurater en op lange termijn met grotere winst dan louter
waarneming van het gedrag. Het wordt hier zoveel mogelijk omschreven. Mental states is hier
vertaald als ‘mentale staat’.

1a10. Je weet wat gedesorganiseerde gehechtheid inhoudt en wat de globale relatie tussen
gehechtheidsstijlen en psychopathologie is
Bij met name de cluster-a en -b-persoonlijkheidsstoornissen is het vermogen tot metacognitieve
controle belemmerd of afwezig. De verstoring van deze reflectieve functie door traumatische
interferenties in de kindertijd speelt een belangrijke rol in een theorie over de psychopathogenese
van persoonlijkheidsstoornissen. Desorganisatie van de hechting kan tot meerdere innerlijke
werkmodellen leiden waardoor het mentaliseren eveneens gefnuikt wordt. Metacognitieve controle
is afhankelijk van het bestaan van één innerlijk werkmodel.

1a11. Je weet wat de classificatie ‘onverwerkt’ van het AAI inhoudt en welke signalen in het
interview daarop duiden
De classificatie onverwerkt (unresolved) wordt gescoord als in het AAI specifieke signalen aanwezig
zijn die wijzen op een desorganisatie van het spreken en denken (de mentale staat) rond deze
thema’s.

Deze signalen zijn tekortkomingen in de metacognitieve sturing van het redeneren over het verlies of
trauma, in de metacognitieve sturing van het spreken erover en ten slotte het retrospectieve verhaal
van extreme gedragsreacties rond het verlies of het trauma. Er wordt in het interview gevraagd naar
het verlies van dierbaren of naar ervaringen met seksueel misbruik en mishandeling. Er moet dus wel
in het interview sprake zijn van zo’n ervaring om tot een dergelijke score te kunnen komen. Ook
moet mishandeling om geclassificeerd te worden, de ‘gewone’ cultureel geaccepteerde tik te boven
gaan. Het gaat om die vormen van fysiek geweld die met striemen of blauwe plekken gepaard gaan
of met een voorwerp toegebracht zijn. Wanneer er sprake is van een vermoeden van trauma wordt
dat wel genoteerd, maar niet gescoord.

De specifieke signalen in het interview zijn bijvoorbeeld de overtuiging – anders dan in metafysische
zin – dat de overledene niet dood is, door hem of haar in de tegenwoordige tijd op te voeren, de
overtuiging zelf schuld te hebben aan de dood of aan het misbruik; het gevoel dat de dader nog in de
geïnterviewde ‘zit’ en het gedrag bepaald etc.

1a12. Je weet hoe de verdeling van gehechtheidsrepresentaties en van de classificatie ‘onverwerkt’
in een normale populatie en in hoog-risicogroepen en klinische groepen ongeveer is
Binnen een normale populatie is het percentage kinderen met een gedesorganiseerde
gehechtheidsstijl bijzonder klein
Hoog risico groep:
Klinische groep:

1a13. Je kunt aangeven hoe stabiel over de levensloop een gehechtheidsrepresentatie
doorgaans is en waar deze stabiliteit uit bestaat

4

Documentinformatie

Geüpload op
20 mei 2026
Aantal pagina's
54
Geschreven in
2023/2024
Type
SAMENVATTING
€7,66
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
ismayvandalfsen Hogeschool Viaa
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
30
Lid sinds
3 jaar
Aantal volgers
18
Documenten
9
Laatst verkocht
2 maanden geleden

3,0

2 beoordelingen

5
1
4
0
3
0
2
0
1
1

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen