Week 1 Portacabin Een gebouw of werk is duurzaam met de grond verenigd in
de zin van art. 3:3 lid 1 BW, indien het naar aard en
inrichting is bestemd om duurzaam ter plaatse te blijven
(bestemmingscriterium) onroerende zaken. Technische
mogelijkheid om te verplaatsen heeft er niks mee te maken.
Week 2 Rabobank/Reuser Een koper van onder eigendomsvoorbehoud geleverde zaken
kan een geldig (onvoorwaardelijk) pandrecht vestigen op
zijn voorwaardelijke eigendomsrecht. Dit voorwaardelijke
recht kan na faillissement van de koper door betaling van de
verkoper uitgroeien tot een onvoorwaardelijk
eigendomsrecht zaken komen toe aan de pandhouder.
Week 3 Oryx/ Van Eesteren Art. 3:83 lid 2 BW brengt mee dat de overdraagbaarheid van
een vordering kan worden uitgesloten… Anders dan het
oordeel betoogt, levert een overdacht in strijd met zo’n
beding niet slechts wanprestatie op, maar heeft het beding
ongeldigheid van die overdracht tot gevolg. Krachtens art.
3:98 geldt dit een en ander ook voor verpanding. De O van
OTLB niet vervuld.
Coface/Intergamma Als uitgangspunt bij de uitleg van bedingen die de
overdraagbaarheid van een vorderingsrecht uitsluit, moet
worden aangenomen dat zij uitsluitend
verbintenisrechtelijke werking hebben, tenzij uit de – naar
objectieve maatstaven uit te leggen – formulering daarvan
blijkt dat daarmee goederenrechtelijke werking als bedoeld
in art. 3:83 lid 2 BW is beoogd.
Week 4 Potharst/serree Het voorbehouden pandrecht gaat voor op pandrecht op
voorbaat, want dat bestaat al op het ogenblik waarop de
verkrijger beschikkingsbevoegd wordt. Terwijl pandrecht op
voorbaat bestaat wanneer de verkrijger
beschikkingsbevoegd is.
LET OP: behoudens rangwisseling (art. 3:238 lid 2 BW).
Dix q.q./ING Het bepaalbaarheidsvereiste van art. 3:84 lid 2 BW (jo. art.
3:98 BW) dient erg ruim te worden opgevat. Zolang de
vindplaats van de pandrechten in de akte is opgenomen,
voldoet men al aan het bepaalbaarheidsvereiste.
Achteraf moeten kunnen worden vastgesteld om welke
vorderingen het gaat, anders ontbreekt de titel uit OTLB. Het
ontbreken van nadere specificaties staan niet in de weg van
bepaalbaarheid.
NT. In art. 3:84 lid 2 staat ‘titel’, maar geldt ook voor
levering/vestiging.
Week 5 Banque de Chronologie van feiten:
Suez/Bijkerk q.q. 1. K lening voor huis bij Suez;
2. Conservatoir beslag op huis K door Amro;
3. Hypotheek gevestigd t.b.v. Suez;
4. K failliet.
, Faillissement werkt als algemeen beslag, de curator treedt
op namens alle schuldeisers, het recht van de curator gaat
dus voor.
Omdat de Amro Bank al conservatoir beslag had gelegd
vóórdat de hypotheek aan Banque de Suez werd verleend,
mag de curator zich beroepen op het verbod in art. 505 lid 2
Rv: je mag geen hypotheek vestigen op beslagen goederen
ten nadele van de beslaglegger. Dat betekent dat Banque de
Suez haar hypotheekrecht niet kan uitoefenen alsof er geen
faillissement is. De verkoopopbrengst valt in de boedel.
Ontvanger/de Jong Chronologie van feiten:
q.q. 1. Executoriaal beslag;
2. Overdracht beslagen zaak;
3. Overdrager & verkrijger failliet.
Vraag: hoe zit het met de beslaglegger?
Een beslag als het onderhavige leidt niet tot
beschikkingsonbevoegdheid van degene ten laste van wie
dat beslag is gelegd, en staat dus ook niet in de weg aan
overdracht van de beslagen zaak aan een derde.
DUS: beslagen zaak is overgedragen, zit niet meer in het
vermogen van de overdrager/beslagene.
De beslaglegger blijft bevoegd zijn door de inbeslagneming
ingeleide uitoefening van zijn recht zich op de in beslag
genomen zaak te verhalen voort te zetten, ook al maakt die
zaak geen deel meer uit van het vermogen van de
schuldenaar.
DUS: beslag eindigt niet, maar het beslag is de beslagen
zaak gevolgd naar de verkrijger.
Rabobank/Reuser Positie van de partijen gedurende het
eigendomsvoorbehoud:
• Verkrijger heeft voorwaardelijk eigendomsrecht
onder opschortende voorwaarde
• Overdrager heeft voorwaardelijk eigendomsrecht
onder ontbindende voorwaarde
Positie van de partijen na eigendomsvoorbehoud:
• Verkrijger heeft onvoorwaardelijk eigendomsrecht
(gevolg: eerder toegestaan pandrecht transformeert zich
automatisch in pandrecht op onvoorwaardelijk
eigendomsrecht)
• Overdrager heeft geen eigendomsrecht meer
Week 6 Koot De verplichting tot vergoeding van schade aan het gehuurde
beheer/Tideman goed waarvan de huur door de curator werd beëindigd is
q.q. geen boedelschuld.
de zin van art. 3:3 lid 1 BW, indien het naar aard en
inrichting is bestemd om duurzaam ter plaatse te blijven
(bestemmingscriterium) onroerende zaken. Technische
mogelijkheid om te verplaatsen heeft er niks mee te maken.
Week 2 Rabobank/Reuser Een koper van onder eigendomsvoorbehoud geleverde zaken
kan een geldig (onvoorwaardelijk) pandrecht vestigen op
zijn voorwaardelijke eigendomsrecht. Dit voorwaardelijke
recht kan na faillissement van de koper door betaling van de
verkoper uitgroeien tot een onvoorwaardelijk
eigendomsrecht zaken komen toe aan de pandhouder.
Week 3 Oryx/ Van Eesteren Art. 3:83 lid 2 BW brengt mee dat de overdraagbaarheid van
een vordering kan worden uitgesloten… Anders dan het
oordeel betoogt, levert een overdacht in strijd met zo’n
beding niet slechts wanprestatie op, maar heeft het beding
ongeldigheid van die overdracht tot gevolg. Krachtens art.
3:98 geldt dit een en ander ook voor verpanding. De O van
OTLB niet vervuld.
Coface/Intergamma Als uitgangspunt bij de uitleg van bedingen die de
overdraagbaarheid van een vorderingsrecht uitsluit, moet
worden aangenomen dat zij uitsluitend
verbintenisrechtelijke werking hebben, tenzij uit de – naar
objectieve maatstaven uit te leggen – formulering daarvan
blijkt dat daarmee goederenrechtelijke werking als bedoeld
in art. 3:83 lid 2 BW is beoogd.
Week 4 Potharst/serree Het voorbehouden pandrecht gaat voor op pandrecht op
voorbaat, want dat bestaat al op het ogenblik waarop de
verkrijger beschikkingsbevoegd wordt. Terwijl pandrecht op
voorbaat bestaat wanneer de verkrijger
beschikkingsbevoegd is.
LET OP: behoudens rangwisseling (art. 3:238 lid 2 BW).
Dix q.q./ING Het bepaalbaarheidsvereiste van art. 3:84 lid 2 BW (jo. art.
3:98 BW) dient erg ruim te worden opgevat. Zolang de
vindplaats van de pandrechten in de akte is opgenomen,
voldoet men al aan het bepaalbaarheidsvereiste.
Achteraf moeten kunnen worden vastgesteld om welke
vorderingen het gaat, anders ontbreekt de titel uit OTLB. Het
ontbreken van nadere specificaties staan niet in de weg van
bepaalbaarheid.
NT. In art. 3:84 lid 2 staat ‘titel’, maar geldt ook voor
levering/vestiging.
Week 5 Banque de Chronologie van feiten:
Suez/Bijkerk q.q. 1. K lening voor huis bij Suez;
2. Conservatoir beslag op huis K door Amro;
3. Hypotheek gevestigd t.b.v. Suez;
4. K failliet.
, Faillissement werkt als algemeen beslag, de curator treedt
op namens alle schuldeisers, het recht van de curator gaat
dus voor.
Omdat de Amro Bank al conservatoir beslag had gelegd
vóórdat de hypotheek aan Banque de Suez werd verleend,
mag de curator zich beroepen op het verbod in art. 505 lid 2
Rv: je mag geen hypotheek vestigen op beslagen goederen
ten nadele van de beslaglegger. Dat betekent dat Banque de
Suez haar hypotheekrecht niet kan uitoefenen alsof er geen
faillissement is. De verkoopopbrengst valt in de boedel.
Ontvanger/de Jong Chronologie van feiten:
q.q. 1. Executoriaal beslag;
2. Overdracht beslagen zaak;
3. Overdrager & verkrijger failliet.
Vraag: hoe zit het met de beslaglegger?
Een beslag als het onderhavige leidt niet tot
beschikkingsonbevoegdheid van degene ten laste van wie
dat beslag is gelegd, en staat dus ook niet in de weg aan
overdracht van de beslagen zaak aan een derde.
DUS: beslagen zaak is overgedragen, zit niet meer in het
vermogen van de overdrager/beslagene.
De beslaglegger blijft bevoegd zijn door de inbeslagneming
ingeleide uitoefening van zijn recht zich op de in beslag
genomen zaak te verhalen voort te zetten, ook al maakt die
zaak geen deel meer uit van het vermogen van de
schuldenaar.
DUS: beslag eindigt niet, maar het beslag is de beslagen
zaak gevolgd naar de verkrijger.
Rabobank/Reuser Positie van de partijen gedurende het
eigendomsvoorbehoud:
• Verkrijger heeft voorwaardelijk eigendomsrecht
onder opschortende voorwaarde
• Overdrager heeft voorwaardelijk eigendomsrecht
onder ontbindende voorwaarde
Positie van de partijen na eigendomsvoorbehoud:
• Verkrijger heeft onvoorwaardelijk eigendomsrecht
(gevolg: eerder toegestaan pandrecht transformeert zich
automatisch in pandrecht op onvoorwaardelijk
eigendomsrecht)
• Overdrager heeft geen eigendomsrecht meer
Week 6 Koot De verplichting tot vergoeding van schade aan het gehuurde
beheer/Tideman goed waarvan de huur door de curator werd beëindigd is
q.q. geen boedelschuld.